Kaboom 2026: sound designer Nicolas Becker over Dandelion’s Odyssey

‘Geluid gaat rechtstreeks naar je hersenstam’

Dandelion’s Odyssey

Dankzij een woordeloos, mensenloos animatie-epos over paardenbloempluisjes die door het heelal zweven, op zoek naar een nieuwe thuisplaneet, gaan we het eindelijk eens hebben over de andere helft van cinema. “Geluid is eigenlijk heel recent.”

“Ik heb die film al gezien.” Wat is er mis met deze opmerking? Hij negeert de helft van het medium. Cinema is een audiovisuele kunstvorm, maar in de praktijk wordt die ‘audio’ door critici meestal genegeerd – ook door mijzelf. Muziek krijgt nog wel eens een vermelding, geluidsontwerp bijna nooit.

Bij films hebben we het over toeschouwers en kijkers, niet over luisteraars (hoewel het Engelse audience, grappig genoeg, wel degelijk afstamt van audio). En dat terwijl film, in tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, nooit stil was: vanaf de allereerste vertoningen waren er live muzikanten en explicateurs, die soms even beroemd werden als de filmmakers.

Hoewel ook speelfilms werken met achteraf toegevoegd geluid, vormt met name animatie voor sound designers het ideale medium: alles wat je hoort (en ziet) wordt vanuit het niets gecreëerd. Helemaal ideaal is een animatiefilm waarin niet wordt gepraat (en überhaupt geen mensen voorkomen), zoals Momoko Seto’s fantastische Dandelion’s Odyssey (Planètes), waarin de hoofdrollen worden vervuld door vier woordeloze paardenbloempluisjes.

Fysiek effect
“Om eerlijk te zijn, is het ook niet makkelijk. Het is juist een eigenschap van geluid dat je er geen aandacht aan schenkt, terwijl het wel effect heeft. Dat maakt het werken met geluid ook zo interessant: omdat mensen zich er nauwelijks van bewust zijn hoe het werkt, geeft dat een enorme vrijheid om te experimenteren. Terwijl mensen juist superkritisch zijn over het beeld. En dat heeft er ook mee te maken dat geluid eigenlijk iets heel recents is. Er is wel een muziekvocabulaire, maar over geluid spreken we pas echt sinds we het kunnen opnemen. Zelfs sound designers onderling vinden het nog steeds lastig om het erover te hebben. Vaak gaat het meer indirect, via beelden of metaforen.”

Aldus Nicolas Becker, die ik interview in een stille gang van de Rotterdamse Doelen tijdens het filmfestival van Rotterdam, waar hij ook een Big Talk gaf met collega Simon Fisher Turner. Becker is de sound designer en componist van Dandelion’s Odyssey en bleek, toen ik door zijn IMDb-pagina scrolde, verantwoordelijk voor het geluid van een groot aantal films waarbij ik zijn rol nooit op waarde heb geschat. Arrival (2016), Dahomey (2024), Harvest (2024). Films met Iñárritu, Gravity (2013), Bardo (2022) en twee waar ze momenteel aan werken. Films met Andrea Arnold, Wuthering Heights (2011), American Honey (2016), Cow (2021), Bird (2024). Voor Sound of Metal (2019) ontving hij een Oscar. Hij was zelfs ooit Geräuschmacher voor Alex van Warmerdams Schneider vs. Bax (2015) en Dick Maas’ Prooi (2016) – al doet hij foley tegenwoordig nog maar zelden zelf.

Het feit dat geluid zo lastig onder woorden te brengen is, heeft nog een voordeel: door zich grotendeels aan taal te onttrekken, heeft geluid een directer effect. “Wat je bij Dandelion’s Odyssey merkt, is dat mensen pas op geluid gaan letten in afwezigheid van dialogen. Net zoals in Sound of Metal, als die man doof is. En dat komt, denk ik, omdat onze aandacht prioriteiten stelt. Als eerste komt denk ik taal, als tweede beeld, dan muziek – en dan pas geluid. Als een natuurlijke hiërarchie. En daarom draait het geluid, zoals je ook merkt in Dandelion’s Odyssey, meer om het ervaren dan om de dramaturgie en heeft het ook een fysieker effect. Je passeert het intellect en gaat rechtstreeks naar de hersenstam.”

Aandacht richten
Volgens Becker betekent de afwezigheid van dialogen in Dandelion’s Odyssey daarom ook niet dat hij als sound designer een groter aandeel had in storytelling. Wel was hij vanaf het begin betrokken bij de world building van Seto’s wonderbaarlijke universum. Dat begint als de Aarde wordt vernietigd in een nucleaire holocaust, waarna vier paardenbloempluisjes, als zeldzame overlevers, het heelal in worden gekatapulteerd op zoek naar een nieuwe planeet om te aarden.

Seto mengt macrofotografie, slowmotion, timelapses en cg-pluisjes tot een opvallend samenhangende wereld, waarmee zij in alle ernst, via de klassieke verhaalvorm van de odyssee, empathie en besef van wederzijdse afhankelijkheid wil kweken tussen haar publiek en de plantenwereld. “Momoko is superslim, supergetalenteerd, en heeft tegelijk nog iets van een kind”, zegt Becker. “Net zoals kinderen allerlei media kunnen mixen, en hun kleren onder de verf krijgen, zonder daarbij stil te staan als iets bijzonders.”

In navolging daarvan vermengt ook de score verschillende stijlen – analoog en digitaal, elektronisch en klassiek. “Er zijn scènes met een meer traditionele score, waarin we knipogen naar Hollywood. Zoals wanneer de pluisjes worden achtervolgd terwijl ze wegvliegen op de rug van een mot. Maar we wilden het geluid nergens te groot maken, omdat je dan de fragiliteit, eenzaamheid en poëzie van die pluisjes verliest. Die moesten per se bewaard blijven.”

Ook kon Becker met zijn geluidstrack helpen de aandacht te richten. “Dat gaat vaak heel speels: je biedt een geluid aan en het publiek gaat op zoek naar de bron. Zo kun je een strategie bedenken om de aandacht over het scherm te leiden.” Ook de pluisjes kregen uiteindelijk toch hun eigen geluid. “We hebben zo lang mogelijk geprobeerd ze stil te houden. Maar uiteindelijk zei Momoko: ‘Het beeld is zo complex, en zo’n pluisje is zo klein – we moeten een beetje extra aandacht aan ze geven.’ Dat hadden we met foley kunnen doen, maar dat zou al snel te druk worden en we wilden die fragiliteit beschermen. Toen bedacht ik iets heel simpels: ik blies heel zachtjes in de microfoon. Het soort geluid dat kinderen gedachteloos maken als ze spelen. En daarmee volgde ik de beweging van de pluisjes. Zo houden ze onze aandacht vast, terwijl ze ook hun kwetsbaarheid behouden.”

Pluisjes verbinden
Omdat Becker ook de score coördineerde, kon hij de muziek en de rest van het sounddesign op elkaar afstemmen. “Aan dat blazen voegden we soms muziek toe. Zoals wanneer ze door het heelal zweven. Daar is natuurlijk geen geluid. En dus maakten we een beetje muziek met een van mijn favoriete instrumenten, de ondes-Martenot. Een van de eerste elektronische instrumenten, uit 1928, dat een beetje klinkt als een theremin en een heel lief geluid heeft. Zo verbinden we de pluisjes aan de ene kant met de rest van het sounddesign en aan de andere kant met de muziek.”

En het is juist vanwege Seto’s ideeën over verbondenheid, onderlinge afhankelijkheid en het Gaia-concept, waarin de Aarde en alles wat daarop leeft in hun geheel één levend wezen vormen, dat Dandelion’s Odyssey zo’n mooie film is geworden om te oefenen met niet alleen aandachtig naar alles te kijken, maar ook aandachtig naar alles te luisteren. En dan hoor je misschien ook de buitenaardse vogels en insecten die Becker met geluid heeft gecreëerd. Zoals hijzelf stralend concludeert: “Elke keer als ik de film ergens kom aankondigen, zeg ik het weer: het is toch ongelooflijk dat deze film bestaat?”


Dandelion’s Odyssey (Planètes) is te zien op Kaboom Animation Festival 2026 en draait vanaf 30 april 2026 in de bioscoop.