Alice Rohrwacher over Lazzaro felice

‘Lazzaro’s superkracht is gewoon dat hij bestaat’

Alice Rohrwacher

Het is indrukwekkend om Alice Rohrwacher te horen praten. Zoveel wijsheid in haar woorden en zo’n prachtige vaste hand als regisseur in wat pas haar derde film is. Lazzaro felice is een film over onschuld in een wereld die onschuld niet meer herkent. Maar ook een film over onze verhouding met het verleden, dat we krampachtig proberen te vergeten. ‘Vroeger vreesden we de wolf. Nu zijn onze angsten veel diffuser.’

In de tijd die het Alice Rohrwacher kostte om drie films te maken, is ze als filmmaker aanmerkelijk gegroeid. Lazzaro felice (letterlijk ‘vrolijke Lazzaro’, wat in het Italiaans zoiets betekent als ‘arm maar vrolijk’, zoals je van een zingende zwerver zou kunnen zeggen) is net als Corpo Celeste (2012) en La meraviglie (2014) zowel allegorie als van een dromerig soort realisme. Het zijn alle drie films waarin werelden en tijden misschien niet zozeer botsen, als elkaar niet goed meer verdragen.

Rohrwacher is vooral nieuwsgierig naar hoe het verleden in het heden doorwerkt en aanwezig is, ook al denkt de moderne mens dat hij afscheid heeft genomen van dat verleden. Ze zal het in haar films nooit zo didactisch brengen, maar ergens vraagt ze zich af of de malaise die veel mensen in de samenleving bespeuren, daar misschien mee te maken heeft. Als een soort fantoompijn. Maar dan anders. Een onderbewust gevoel van verlies.

In Lazzaro felice, om verschillende redenen een van de beste films op het Filmfestival Cannes afgelopen mei, worden Lazzaro en zijn familie uitgebuit door een tabaksboer – een barones – via het eeuwenoude systeem van sharecropping. Daarbij mogen ze gewassen verbouwen op het land van de barones en moeten in ruil een (onevenredig groot) deel van de oogst afstaan. Al snel besef je dat ze in feite slaven zijn. De barones zorgt ervoor dat ze een schuld opbouwen die ze nooit kunnen aflossen. Lazzaro staat in die wereld als een genereus, onschuldig mens. Door de boeren wordt hij niet serieus genomen maar dat deert hem niet. Hij blijft de wereld met goedheid tegemoet treden.

Een miraculeuze tijdssprong verder, bevinden we ons in een grote stad. De familie probeert rond te komen in de marges van het stadsleven. Lazzaro is nog steeds dezelfde jongeman, geen spat ouder geworden. Alsof hij buiten de tijd leeft. Hier, in de moderne metropool, wordt nog duidelijker dat de wereld Lazzaro’s goedheid en onschuld niet meer herkent.

In al uw films speelt het dorp een belangrijke rol. Waarom is de kleine gemeenschap belangrijk voor u? “Deze film begint op het platteland en verplaatst zich dan naar de stad. Die overgang van een periode van slavernij, van sharecropping, naar iets wat je de moderniteit zou kunnen noemen, was belangrijk om te laten zien. Het wordt vaak gezegd dat mensen in het verleden het platteland verlieten op zoek naar avontuur en een moderner bestaan. Maar eigenlijk was het vooral een kwestie van het ontvluchten van slavernij. Van arbeidsomstandigheden die niet meer acceptabel waren. Dat is voor mij de essentie van het moderne Italië, maar het wordt niet genoeg hardop gezegd. Het platteland is tegenwoordig in handen van de agrifoodindustrie, van grote bedrijven. Laat ik zeggen dat als La meraviglie een film was over een gezin dat besluit in een leegstaand huis op het platteland te gaan leven, deze film laat zien waarom dat huis leeg stond.”

De film lijkt ook te zeggen dat er in de wereld geen plek meer is voor iemand die puur is en goede bedoelingen heeft. “Onschuld kan niet leven in deze wereld. Maar sterven zal het ook niet. Onschuld is een mogelijke houding om in de wereld te staan. Elke keer als we onschuld proberen te negeren of vergeten, verschijnt die toch weer. En daar gaat het om. Wat mij interesseert is de potentie van onschuld. Niet zozeer hoe een onschuldig persoon naar de wereld kijkt, maar hoe de wereld naar onschuld kijkt.”

De film speelt met tijd. Leven we nog steeds in het verleden, ondanks al die moderne gadgets die we met ons meedragen? “Ik denk inderdaad dat de wereld compleet veranderd is maar nog steeds hetzelfde is. Ondanks de technologie en de veranderde levensstijl. De film begint in een periode die bijna tijdloos is. Wat tijdloos is, is het werk van deze boeren, de mensen die het land bewerken. Dat is millennia lang hetzelfde geweest: er heeft lang een continuïteit bestaan in het werk van boeren. Maar met de komst van de industrie hebben mensen zich losgemaakt van het land. Toch zijn ze daar diep van binnen nog steeds mee verbonden, ook al denken ze van niet. Ik denk dat dat gemis iets van de pijn verklaart die veel mensen voelen. Vroeger vreesden mensen de wolf. Nu zijn hun angsten veel diffuser en ongrijpbaarder.”

Hoe belangrijk is het verleden voor u? “Eerstens, ik heb Grieks en Latijn gestudeerd. Verder ben ik geboren in een vulkanische regio. Daar woon ik nog steeds. Als je daar over de wegen wandelt, zie je de verschillende aardlagen in verschillende kleuren. Daardoor heb ik vaak het gevoel dat ik naar de korst van de realiteit kijk, maar ook de verschillende lagen eronder zie. Dat is het landschap dat in mij woont. Italië is een land waar het verleden altijd aanwezig is, waar je aquaducten naast moderne gebouwen ziet. Sprongen in de tijd als het ware. In het Italiaanse landschap is tijd niet lineair. Dingen bestaan naast elkaar en door elkaar.”

In de slotscène lijkt u naar de economische crisis te verwijzen. Wat is de uitwerking van die crisis in Italië? “Het gaat me niet zozeer om de economische crisis maar om onze relatie met het verleden. Mensen die hun leven hebben omgegooid en naar de moderniteit zijn verhuisd, zijn nauwelijks nog geïnteresseerd in het verleden of in waar ze vandaan komen. Die willen niet meer bukken om eten van het land te halen. Ze zijn niet meer bang om geen eten te hebben. Hun angst richt zich nu op de ander. Daarom zijn ze bang voor Lazzaro als hij de bank binnenloopt. Omdat hij een vreemde lijkt. Ze herkennen zijn onschuld niet meer. Ze denken dat hij iets verbergt. We verkeren niet zozeer in een economische crisis maar in een antropologische crisis.”

Zijn onschuld heeft iets sacraals. “Er schuilt absoluut iets sacraals in onschuld. En omdat onschuld een menselijke eigenschap is, schuilt er iets sacraals in ons allemaal. Lazzaro is geen bovennatuurlijk wezen uit een andere tijd. Hij is een mens net als wij. Maar met de kracht van goedheid. Hij is een mens die iets heiligs in zich draagt. In films worden superkrachten meestal met visuele effecten vertoond. Lazzaro’s superkracht is gewoon dat hij bestaat, dat hij leeft.”