Albert Birney en Kentucker Audley over Strawberry Mansion

‘In een droom is voelen veel belangrijker dan begrijpen’

Albert Birney (links) en Kentucker Audley

In het surrealistische Strawberry Mansion van regisseursduo Albert Birney en Kentucker Audley heft de overheid belasting over dromen. Als een ‘dromentaxateur’ verdwaald raakt in de dromen van een van zijn cliënten, verdwijnt alle tijd en logica. “Dromen hebben de kracht om je weg te houden van werelden en tijden als de onze.”

Alles is te koop – zelfs onze dromen. We schrijven het jaar 2035. De Amerikaanse overheid heeft een nieuwe inkomstenbron aangeboord: de dromen van haar inwoners. Het kapitalisme heeft het hoogste niveau bereikt, nu bedrijven met reclames droomwerelden kunnen binnendringen. De voorliefde voor gebraden kip van hoofdpersonage James Preble (Kentucker Audley) is dan ook allesbehalve toevallig: product placement was niet eerder zó geraffineerd.

Het zal Preble een zorg zijn. Hij is een zogenaamde ‘dromentaxateur’, iemand die dromen van anderen onderzoekt en bepaalt hoeveel belasting erover moet worden betaald. Een belastinginspecteur die niet je bonnetjes controleert, maar je diepste zielenroerselen. Hoewel het op papier best een geinig baantje lijkt, is Preble een murw gebeukte, eenzame sul. Hij voert plichtsgetrouw zijn werk uit, maar lijkt verder alle plezier verloren.

Dat verandert drastisch wanneer hij naar het huis van een excentriek oud vrouwtje wordt gestuurd, die decennia achterloopt met haar droombelasting. Aan Preble de taak om zich door de enorme stapel aan nachtelijke hersenspinsels van deze Bella (Penny Fuller) te zwoegen. Een goudmijn voor de belastingdienst zou je zeggen, maar Preble raakt hopeloos verdwaald in de dromen wanneer hij verliefd wordt op de jongere Bella (Grace Glowicki). Vanaf dat moment wordt de grens tussen werkelijkheid en waanzin steeds vager, versterkt door vreemde bijfiguren, onnavolgbare plotwendingen en de totale afwezigheid van tijd en logica. Kortom, precies zoals de wildste dromen kunnen aanvoelen.

Die onnavolgbaarheid is in de belevingswereld van regisseursduo Albert Birney en Kentucker Audley volstrekt normaal. Het duo debuteerde in 2017 met het heerlijk surrealistische Sylvio, over een gorilla die hardnekkig zoekt naar aansluiting in de samenleving. Hun tweede speelfilm Strawberry Mansion geldt als hun voorzichtige doorbraak, nadat de film begin 2021 in première ging op filmfestival Sundance.

Maar hoewel de film op papier misschien aandoet als een indie-versie van Inception of een speelse variant op Black Mirror, ligt het anders: Strawberry Mansion is een surrealistische koortsdroom die je vooral moet ervaren, en niet te veel moet bevragen. Een kleurrijke film over het afstruinen van gedachtekronkels, om te kunnen ontsnappen aan de grijze realiteit. Precies zoals de betere dromen doorgaans doen.

De beste dromen voelen wild en avontuurlijk, maar we onthouden er hooguit enkele flarden van. In de wereld van Strawberry Mansion blijft echter alles bewaard. Hoewel Bella decennia achterloopt met haar droombelasting, heeft ze al haar dromen opgeslagen op honderden videobanden. Niet geheel toevallig, want de videoband is in wezen natuurlijk óók een verbeelding van een droom, zij het in de vorm van een cassette.

De videotheek was voor regisseurs Audley en Birney het eerste voorportaal naar een wereld van illusies en escapisme. Het idee voor Strawberry Mansion ontsprong uit hun nostalgie voor de videotheek-ervaring, vertellen ze via Zoom. Audley: “Al die schappen met honderden videobanden die ons meevoerden naar andere werelden. De videotheek was ónze droomwereld. We gebruikten films om onze verbeelding de vrije loop te laten. Tijdens het maken van de film probeerden we een ander soort logica aan te boren: die van het kind dat in de videotheek leert dromen over andere werkelijkheden.”

Birney vult aan: “Het fysieke gevoel van de video­theek en videoband moest sterk resoneren in de droomwereld van de film. Het is niet voor niets dat het hele huis van Bella vol staat met videobanden: elke plank is gevuld met fysieke exemplaren van dromen. Dat was voor ons belangrijk, omdat die ervaring verloren is gegaan in het streamingtijdperk. In de film nemen de dromen daarom echt een fysiek ruimte in. Ze zijn écht.”

De film speelt zich af in 2035, maar voelt door de aanwezigheid van videobanden en retrofuturistische apparaten meer aan als een jarentachtigfilm. Hoe dat zo? AB: “In dromen bestaat tijd niet, en de perceptie van tijd is in films vaak ook heel anders. Daarom hebben we de aankleding bewust gevarieerd: de kleding van Preble komt uit de jaren vijftig, zijn auto uit de jaren zestig, en de machine die hij gebruikt voor de droomopnamen komt uit de jaren tachtig. Daardoor komen meerdere tijdperken samen, zonder dat je als kijker enig benul hebt in welke tijd je precies bivakkeert. Je hebt dat gebrek aan tijdsbesef nodig om te kunnen verdwalen in de dromen.”
KA: “Het feit dat de film zich op papier afspeelt in 2035 is niet heel relevant voor het verhaal. Veel van de rekwisieten en technieken komen uit het verleden, waardoor het eerder een jarentachtiginterpretatie van de toekomst is geworden. Strawberry Mansion gaat over reïncarnatie, vervlogen levens en metafysische connecties, waarin tijdlijnen voortdurend door elkaar lopen. Dromen hebben de kracht om je weg te houden van werelden en tijden als de onze. We wilden een wereld laten zien die misschien wel nooit heeft bestaan, en waarschijnlijk ook nooit gaat ontstaan. Tijd is daarin totaal niet belangrijk.”

Er zijn maar weinig dingen zo vermoeiend als mensen die hun dromen uitleggen aan anderen. Jullie laten die uitleg dan ook zo veel mogelijk achterwege. AB: “Het is onnoemelijk saai om je eigen dromen na te vertellen. Strawberry Mansion is niet gebaseerd op onze eigen dromen, maar veel meer op het gevoel van dromen. In een droom kan alles gebeuren, en die gebeurtenissen kun je als toeschouwer nooit bevragen. Je bent in een andersoortige wereld, waarin de logica van plaats en ruimte troebel is. Dat vervreemdende gevoel wilden we vertalen naar de film, hoe moeilijk dat ook is. Als we alle dromen letterlijk hadden moeten uitleggen, was er niets aan geweest.”
KA: “Wanneer je jezelf toestaat om geen uitleg te verwachten, kan een droom emotioneel aanvoelen, zonder dat je er iets van begrijpt. Het voelen is veel belangrijker dan het begrijpen. In het montageproces hebben we scènes daarom nóg minder naturalistisch proberen te maken, om het bizarre karakter te waarborgen. Er zijn scènes met blauwe demonen, pratende ratten en kikkerobers, die totaal niet gegrond zijn in de realiteit. Maar dat maakt in een droomwereld helemaal niet uit, zolang de emotionele kern – in de vorm van angst, liefde of spanning – maar overeind blijft.”

Ergens in deze film schuilt een duistere Black Mirror-aflevering over de gevaren van ‘droomreclame’. Maar Strawberry Mansion is bovenal een surrealistisch liefdesverhaal, waarin de maatschappijkritiek vooral tussen de regels blijft. Waarom? KA: “De tederheid van het liefdesverhaal tussen Bella en Preble vormt voor mij de emotionele kern van de film. Natuurlijk roept de opzet associaties op met Black Mirror, maar dat is eigenlijk niet meer dan een startpunt. De onwaarschijnlijke liefde tussen Bella en Preble was voor ons veel interessanter dan de vraag hoe verwerpelijk het is dat overheid en bedrijven zich in onze dromen mengen.”
AB: “Het hele leven lijkt al steeds meer op Black Mirror, en ik zit er als maker én als kijker totaal niet op te wachten om dat telkens terug te zien. Na het zien van een Black Mirror-aflevering voel ik me vaak gebroken. Dat is niet wat onze droomwerelden moesten worden. Ik zoek liever naar tederheid en vreugde.”
KA: “In plaats van de zoveelste grimmige toekomsttrip, wilden wij het publiek vooral op een droomachtig liefdesavontuur sturen. Het heeft totaal geen zin om voortdurend boos en cynisch te zijn; we mogen juist wel weer wat meer gaan dromen.”