Kaboom 2026: Michel Gondry over Maya, Give Me a Title

‘Je vraagt wat je wil en dan krijg je het’

Maya, Give Me a Title

Denken met het absurdisme van een kind – dat is geheel des Gondry’s. Hij had daarom weinig moeite korte verhaaltjes te verzinnen bij de titels die zijn dochtertje Maya doorgaf wanneer hij ver van huis was. Nu samengevoegd tot papa’s eerste lange animatiefilm.

Maya zelf, nu negen jaar oud, zit op de achtergrond op schoot bij haar zwijgende, glimlachende opa en voegt vanaf daar soms een korte opmerking toe aan het gesprek dat we op de Berlinale hebben met haar vader, regisseur Michel Gondry (Eternal Sunshine of the Spotless Mind, 2004).

Net zoals Maya de afgelopen jaren af en toe een zin doorgaf, die papa dan gebruikte als titel van een korte animatie waarvoor hij de rest van het verhaal verzon. Dus als Maya als titel voorstelde: “Maya maakt een vliegtuig, eh, vogel”, dan is dat ook wat ze kreeg: een animatiefilmpje over een vogel-vliegtuig. “Het was feitelijk net de kerstman”, zegt Gondry. “Je vraagt wat je wil en dan krijg je het.”

Deze animaties waren in eerste instantie niet bedoeld voor publieke consumptie, maar alleen voor henzelf. Gemaakt, omdat vader door zijn werk vaak langere tijd van huis was – de covid-periode was wat dat betreft bijzonder productief, omdat Michel Gondry vastzat in Los Angeles, terwijl Maya en haar moeder in Parijs waren.

“Terwijl ik ze maakte, dacht ik nooit dat ze uiteindelijk een complete film zouden worden. Het enige wat ik wilde, was ze zo leuk mogelijk maken voor Maya. Het was verder voor niemand anders bedoeld, behalve misschien haar moeder en familie. En toch werkte ik net zo hard als wanneer ik iets maak voor een miljoenenpubliek. Op een gegeven moment dacht ik: het was zo veel werk en ze zijn behoorlijk goed geworden, dus waarom zouden we er niet een film van maken?”, vertelt Gondry, die al vaker werkte met animatie, ook in zijn live-action films, maar niet eerder een lange animatiefilm uitbracht. “Toen ik Maya ging vragen of dat oké was, was ik een beetje nerveus. Ik dacht dat ze het misschien erg zou vinden. Maar gelukkig was dat niet zo.”

En daardoor hebben we nu hun lieve samenwerking, de uurlange animatiefilm Maya, Give Me a Title (Maya, donne-moi un titre). “Het is geweldig dat ie af is!”, roept Maya van achter uit de kamer.

Knip en plak
Gondry had vooral in zijn videoclips al laten merken te houden van knip- en plaktechnieken, maar wellicht maakte deze onbespiede manier van werken – zonder het idee van een uiteindelijk oordelend publiek – hem nog losser en vrijer in zijn uiterst handmatige benadering van animatie.

De korte filmpjes waaruit Maya, Give Me a Title is samengesteld, zijn rudimentaire (en hoogst effectieve) cut-out-animaties, gecreëerd met gekleurd papier, schaar en plakband. Voor deze publieke compilatie zijn ze ingesproken door acteur Pierre Niney (recent nog de hoofdpersoon van Gondry’s Le livre des solutions, 2023); daarnaast is er aanstekelijk avontuurlijke muziek toegevoegd door componist Jean-Michel Bernard.

Het oogt allemaal lekker geknutseld: regen maakt Gondry door een doorzichtig vel met streepjes over een tekening te schuiven – en dan natuurlijk het geluid van regen toe te voegen, wat het effect grotendeels bepaalt. Je ziet ook regelmatig Gondry’s handen in beeld die de filmpjes in elkaar aan het knippen en schuiven zijn.

Op deze manier heeft Maya, Give Me a Title iets weg van zijn eigen making-of, een inspirerend kijkje in de keuken hoe je met eenvoudige middelen wereldwijd aansprekende animatie kunt creëren – Maya, Give Me a Title won op de Berlinale in 2025 de jeugdcompetitie tot veertien jaar en een sequel, met een andere selectie uit de “vijftig tot honderd filmpjes” die Gondry naar eigen zeggen tussen Maya’s derde en achtste jaar gemaakt heeft, is inmiddels alweer in Frankrijk in de bioscoop verschenen, met de treffende titel Maya, donne-moi un autre titre.

Punk
Het is dat ruwe, onaffe en schijnbaar eenvoudige waarin de grote charme schuilt van de collectie, beaamt Gondry. “De allereerste keer dat ik ooit animatie maakte, was met potlood en papier. Het mooie is dat dan niet alleen de figuren bewegen, maar ook de lijn zelf. Mijn theorie is dat de effectiviteit van dit soort animatie erin schuilt dat je een niet helemaal affe versie aan het publiek geeft. Je stopt voordat het helemaal klaar is, en de toeschouwer maakt het in gedachten zelf af. Op die manier wordt het publiek medeschepper – als ze dat willen natuurlijk; sommige mensen vinden het vervelend als het niet helemaal uitgewerkt is. Maar ik houd van het idee dat je als publiek je eigen creativiteit moet aanspreken. Ik weet niet of deze vergelijking helemaal klopt – ik bedenk hem nu voor het eerst – maar het heeft iets weg van punk uit de jaren zeventig, toen allerlei mensen nadat ze een bandje hadden gezien dachten: wacht eens even, hiervoor hoef je niet eerst jaren in de kelder te oefenen! En daarna zelf ook een bandje begonnen. Wat resulteerde in een enorme opleving van de muziekscene.”

En die aanstekelijke, punkerige eenvoud betrekt hij niet alleen op zijn kinderanimaties: “Nee, ik zou voor volwassenen precies hetzelfde gemaakt hebben. Deze film is niet specifiek voor volwassenen of voor kinderen, het is hoe ik ben. En ik denk dat het daarom werkt. Hoewel ik moet zeggen dat het laatste filmpje in de verzameling, met alle magische dieren en niet echt een verhaal, wel speciaal is gemaakt op verzoek van enkele kinderen. En die lijken het erg leuk te vinden, interessant genoeg.” Maya, vanaf opa’s schoot: “Ik vind die leuk omdat papa erin zingt. Ook al blijft hij zeggen dat hij niet kan zingen.”

Vrijheid
Die punkerige vrijheid geldt niet alleen voor de vorm, maar ook de inhoud: alles kan, alles mag in Gondry’s animatiewereld. “Animatie biedt de vrijheid om grootschalige rampen of gebeurtenissen of constructies te creëren. Als je live-action filmt, is opschalen een probleem. Dan moet je grote dingen kopen en met een heleboel mensen werken. Maar in animatie verandert het helemaal niks.”

En dus gaat Maya in de ene korte animatie onderaards op zoek naar de bron van een aardbeving – en treft daar een veel te hard drummende Michel. In een andere moet ze de koning van België om genoeg frieten vragen om gemorste ketchup uit ’s werelds rood geworden oceanen op te zuigen.

Het kan, in de opeenvolging, soms een beetje vermoeiend worden – waaraan je merkt dat ze oorspronkelijk als losse kortfilms bedoeld waren – maar tegelijk is de hoeveelheid fantastische invallen, zoals vaker in Gondry’s werk, een filmisch luilekkerland. Als een bourgondisch buffet met zo veel onweerstaanbare lekkernijen dat je jezelf er niet van kan weerhouden om je een beetje misselijk te eten.

Wat is volgens Gondry het geheim om zulke kinderlijke overdaad aan avontuurlijk absurdisme te behouden als je ouder wordt? Hoe blijft een mens, met andere woorden, op de goede manier kind? “Ik heb het geluk gehad dat ik werk vond waarbij dat mogelijk bleef. En ik ben geen psycholoog, maar ik heb het idee dat mensen vaak juist vanwege hun werk gevraagd worden om dit aspect op te geven, omdat het anders ‘absurd’ wordt, maar dan in de verkeerde zin van het woord. Je wordt gedwongen je aan te passen. Maar gelukkig zijn er mensen – en best veel mensen – die dit absurdisme, deze poëzie, weten te behouden en werk vinden dat erbij past.”


Maya, Give Me a Title (Maya, donne-moi un titre) is te zien op Kaboom Animation Festival 2026.