Cannes 2026: Critics’ grids
Critici zeggen: doe Neon nog maar een Palm
Soudain
Eén criticus is geen criticus. Daarom bundelen critici hun krachten in grids. Vlak voor de awards-avond van het 79e filmfestival van Cannes biedt Filmkrant het traditionele grids-overzicht. Met de meeste liefde, gemiddeld, voor Ryūsuke Hamaguchi’s Soudain. En ja, dat is wéér een Neon-film.
Cannes is een filmfestival dat twee weken duurt en aan het einde wint Neon. Dat was hier de afgelopen zes jaar de onverbiddelijke waarheid, met Parasite (2019), Titane (2021), Triangle of Sadness (2022), Anatomy of a Fall (2023), Anora (2024) en It Was Just an Accident (2025).
Het is een onwaarschijnlijke overwinningsreeks, die dit jaar best eens een vervolg zou kunnen krijgen. De independent Amerikaanse distributeur (en soms productiemaatschappij) Neon heeft zijn naam verbonden aan meer dan een kwart van de competitiefilms. En ook critici zien tussen Soudain van Ryūsuke Hamaguchi, Sheep in the Box van Hirokazu Kore-eda, Paper Tiger van James Gray, Hope van Na Hong-jin, L’inconnue van Arthur Harari en Fjord van Cristian Mungiu wel een paar potentiële prijswinnaars.
Overigens benadrukt Neon-chef Tom Quinn dat deze films allemaal al onder contract stonden toen de uitnodiging van Cannes op de mat viel. “Sorry, maar ga ons niet haten voor onze goede smaak”, aldus Quinn tegen Associated Press, vermoedelijk reagerend op social media-kritiek die ik niet ken. “Wie zit hier achter wie aan? [Cannes-directeur] Thierry [Frémaux] maakt zijn eigen keuzes en wij maken onze eigen keuzes. En toevallig zijn we het eens.”
En zo komen we bij het jaarlijkse Filmkrant-overzicht van het recordaantal van zeventien critics’ grids dat we hebben kunnen vinden over de filmselectie van Cannes, op volgorde van aantal deelnemers (van wie er te veel man zijn). Zien de critici de Neon-titels dit jaar een beetje zitten (met als kanttekening dat sommige grids de komende dagen nog worden aangevuld)?

Filmmagasinet EKKO (8 critici)
Op de Deense Stjernebarometer spant het erom: Andrej Zvjagintsevs Minotaur, over hoe mannen in het huidige Rusland op allerlei manieren verdwijnen, scoort met 3,7 uit 5 het hoogst, maar Cristian Mungiu’s Fjord, die maar nipt achterblijft met een 3,5, verwerft met zijn Noors-Roemeense cultuurclash meer Palmpjes. Meer ook dan de competitiefilm die in mijn bubbel het meest algemeen als geslaagd werd bebeschouwd, Paweł Pawlikowski’s naoorlogse Mann-familiedrama Fatherland, met eveneens een 3,5. Onderaan bungelen vooralsnog Hirokazu Kore-eda’s AI-robotkinddrama Sheep in the Box en Arthur Harari’s eindeloos intrigerende L’inconnue, met beide een 1,6.
Cahiers du Cinéma (8 critici)
Jaja, ook de eerbiedwaardige publicatie Cahièrs du Cinéma (die van Truffaut en Godard) heeft zich bekeerd tot het uitdelen van sterren. Hourra! Maar dan wel zo halfslachtig dat ze niet even de gemiddeldes uitrekenen. Want dat zou te kwantitatief worden? Ik noem dat van twee walletjes niet eten. Nou goed dan, op het oog en met de Franse slag zou ik zeggen dat – voor mij verrassend – Emmanuel Marre’s expres nauwelijks dramatische Vichy-film Notre salut hier bovenaan staat. Onderaan hangt Jeanne Herry’s bescheiden, maar sterk geacteerde alcoholismedrama Garance (Another Day). Kortom: Fransen scoren Fransen op z’n Frans.
Critic.de (10 critici)
Op z’n Duits is trouwens niet veel beter: deze Duitse grid is verreweg de vervelendste, met zijn rare scoresysteem van drie minnetjes tot drie plusjes en zonder uitgerekende gemiddeldes. Van de Wettbewerb-films staat zo te zien het “aangenaam meanderende” Soudain (internationale festivaltitel: All of a Sudden), Hamaguchi’s Japans-Franse lofzang op verlicht humanisme in de ouderenzorg, er op het moment van schrijven het beste voor. Fatherland zou daar behoorlijk in de buurt komen, als journalist Pavao Vlajcic de film niet met drie minnetjes had afgeserveerd. Hoger dan allemaal scoort hier overigens Sandra Wollners familievakantietragedie Everytime, die gisteravond ook tot winnaar werd uitgeroepen in de bescheidener competitie Un Certain Regard.

Chinese Critics Grid (11 critici)
Scoren de Chinese critici anders? In elk geval anders dan Franse: de Franse nationale favoriet Notre salut komt hier niet verder dan een 1,6. Bovenaan prijkt James Gray’s Paper Tiger, een misdaaddrama met Adam Driver en Scarlet Johansson, met een 3,4 uit 4, met Soudain op twee met een 3,1. He-le-maal onderaan bungelen Léa Mysius’ ongemakkelijke verjaardagsfeestje Histoires de la nuit (The Birthday Party) en Marie Kreutzers indrukwekkend onderzoekende Gentle Monster – waarin Léa Seydoux wordt geconfronteerd met het feit dat haar liefdevolle eega en vader van hun schattige zoontje kinderporno blijkt te verspreiden – met een schamele 0,9.
Screen International (12 critici)
In de meest besproken grid van Cannes (die ook verschijnt in Screens dagelijkse papieren festivalkrant) eindigt Fatherland bovenaan met een 3,3 uit 4, op de voet gevolgd door Minotaur met een 3,2 en Soudain en Valeska Grisebachs Bulgaars-Grieks-Turkse grensverkenning Das geträumte Abenteuer met beide een 3,1. Maar bij Histoires de la nuit kwamen de twaalf internationale critici, van Frankrijk via Thailand tot ‘Internationaal’ (de Russische Meduza-criticus Anton Dolin), niet verder dan een 1,1.
Film Comment (12 critici)
Nieuw dit jaar in ons overzicht. Deze internationale filmcommentatoren zetten Das geträumte Abenteuer bovenaan, met maar liefst een 3,8 op een schaal van 0 tot 4, met vlak daarachter Soudain en Minotaur met een 3,2. Histoires de la nuit staat opnieuw onderaan, maar krijgt hier tenminste gezelschap van Asghar Farhadi’s in Frankrijk opgenomen Histoires parallèles, waarin Isabelle Huppert, Virginie Efira, Vincent Cassel, Pierre Niney, Adam Bessa, Catherine Deneuve en India Hair langs elkaar heen leven, resulterend in een vette, maar ook magere 1.

Caimán (12 critici)
Ook deze deels internationale (van Positif tot Time) grid van het Spaanse filmblad Caimán Cuadernos de Cine (voorheen Cahiers du cinéma: España) heeft een merkwaardig hoge pet op van Notre salut, met een 8,6 uit 10 – misschien dat mijn Filmkrant– en Cannes-collega Sasja Koetsier dan toch gelijk had met haar enthousiasme. Direct daarachter de algemeen geliefde Soudain met een 8,4. Onderaan? Gentle Monster. Soms voel ik me zo alleen.
Afisha Daily (12 critici)
Vorig jaar nieuw, nu op herhaling. Afisha Daily bundelt de waarderingen van twaalf Russische journalisten die het festival verslaan – van de culturele boycot van Rusland zoals die begon in 2022 is in Cannes al een tijdje geen sprake meer. Overigens noteert dit platform noodgedwongen dat een journalist als – daar heb je hem weer – Meduza’s Dolin door de staat tot “buitenlandse agent” is bestempeld. Minotaur van hun landgenoot Zvjagintsev wordt, met een 7,7 uit 10, van de eerste plaats gehouden door Soudain, met een mooie 8,3. Laagste hier opnieuw L’inconnue, met een schamele 3,3 – wat hebben al die internationale critici toch tegen stripverfilmingen?
Chaos Reign (13 critici)
En dan komen we bij de Palmomètre van deze internationale groep critici op dit Franse platform met de mooie naam Chaos Reign (al mis ik daar een beetje een slot-s), met als motto ‘Tout est chaos’. Ook hier dat verdraaide Notre salut bovenaan, met een 3,9 uit 5, waaronder vier Palmpjes, nipt voor Minotaur (3,7), Soudain en Paper Tiger (beide 3,5) en L’inconnue met een 3,4 – bewerkingen van de neuvième art, stripverhalen, tot de septième, cinema, worden in Frankrijk tenminste wel serieus genomen. Nog net onder Histoires parallèles, met een trieste 1,2, staat Lukas Dhonts loopgravenromance Coward die vooralsnog niet verder komt dan een 1,1.

Quiet on Set (14 critici)
Ook nieuw dit jaar hier: de Quiet on Set-podcast, met andere critici (van wie sommigen gezamenlijk één medium vertegenwoordigen, waaronder OutNow en House of Cinema) dan de usual suspects (die soms op meerdere grids terugkeren). Toch leidt dat niet naar heel andere titels: ruim op één Minotaur, met een 4,22 (ik waardeer de dubbele decimalen) uit 5, voor Soudain (3,96) en Fjord (3,81). Met een 2,06 behoedt hier L’inconnue, een van de meest prikkelende films van het festival, Histoires parallèles voor de laatste plaats.
ICS (15 critici)
Bij de International Cinephile Society stemmen niet alleen journalisten mee, maar ook vertegenwoordigers van de filmindustrie. Gezamenlijk verrassen die enigszins door Paper Tiger op één te zetten met een 3,69, voor Fatherland (3,58), Notre salut (3,54) en Ira Sachs’ muzikale aidsdrama The Man I Love (3,50). Laatste: Histoires parallèles met een 1,69.
Le film français (15 critici)
Opnieuw wel scores, geen gemiddeldes. Maar de meeste Palmpjes, zes, gaan hier naar Notre salut – het is hoe dan ook nogal een Vichy-festival, met ook Daniel Auteuils Vichy-film Le troisième nuit, een heleboel Vichy in Antonin Baudry’s erg gelukte publieksfilm La bataille de Gaulle, plus een vleugje Vichy in László Nemes’ niet al te enthousiast ontvangen portret van Frankrijks beroemdste verzetsleider (Jean) Moulin. Op z’n minst opmerkelijk, zo veel Vichy, juist nu de Rassemblement National op weg is de komende presidentsverkiezingen te winnen. Drie Palmpjes elk gaan daarna naar Paper Tiger en Minotaur. De meeste frownies (dat is hier ook een ding) gaan naar L’inconnue – daar gaat mijn Franse stripverfilmingstheorie – maar zo op het oog scoort Coward toch nog net iets lager.

Moirée (18 critici)
Deze gereputeerde (wat wil zeggen dat ik sommige ken) internationale critici, onder wie bijvoorbeeld Sonya Vseliubska van Ukrainska Pravda, zetten Das geträumte Abenteuer op één met een 4,0 uit 5. Maar daarna volgt eindelijk rechtvaardigheid, met L’inconnue op een eervolle tweede plek met een 3,6. Weliswaar gedeeld met Soudain, Fatherland en Paper Tiger, maar toch. Aan de andere kant begrijp ik er dan weer niks van dat Fjord van maar liefst vier critici een dodelijk bommetje heeft gekregen, resulterend in een pijnlijke 1,1. Afijn, je kan niet alles hebben. Overigens doen van de films met minimaal vijf scores meerdere titels buiten de hoofdcompetitie het nog beter: Jane Schoenbruns ook door ons opgemerkte Teenage Sex and Death at Camp Miasma (3,7), het door David Greaves postuum afgeronde werk van zijn vader Once Upon a Time in Harlem (3,9), Radu Jude’s The Diary of a Chambermaid (4,0) en Lisandro Alonso’s La libertad doble (4,2).
Pełna Sala (18 critici)
Ook deze Poolse site, met een flink aantal critici, bekrachtigt de groeiende consensus – Fjord (3,93 uit 5), Soudain (3,91), Fatherland (3,86), Minotaur (3,73) – maar met één uitzondering: Moulin krijgt hier een eervolle 3,81 op de borst gespeld. Maar La vie d’une femme moet het van de Polen dan weer niet hebben en blijft onderaan hangen met een 2,25.
Fipresci Film New Europe (20 critici)
Mijn favoriete grid blijft die van Fipresci, de internationale beroepsvereniging van filmjournalisten waarvan we zelf ook lid zijn, die als enige elk jaar ook Venetië en Berlijn coveren, wat interessante vergelijkingen mogelijk maakt. Niet elke criticus heeft hier alles al ingevuld, dus die ene score (van Pavel Sladký) die Léa Mysius’ Histoires de la nuit een perfecte 5 oplevert, moeten we nog maar even parkeren. Van de films met meer respons gaat Fatherland aan de leiding met een 4,17, gevolgd door Minotaur (3,71), Fjord (3,75) en Soudain (3,50) – die zich beginnen af te tekenen als de consensustitels.

IonCinema (20 critici)
Een van de beste grids, met een omvangrijk en internationaal breed panel met daarbij dit jaar ook, om maar iemand te noemen, Leïla Amar namens Independent Arabia en Guiti News. Op het moment van schrijven scoren drie films hier een 3,7 uit 5: Fatherland, Fjord en, met nog wat minder scores (durven ze soms niet?), Coward. Met nipt daarachter Minotaur met een 3,5. En Soudain? Die scoort plotseling slechts een 3,3 (wat nog steeds best goed is). Het minst te porren was dit eclectische gezelschap voor Sheep in the Box, maar met een 2,2 als laagste score betonen deze critici zich relatief mild.
The Poll of Polls (ontelbare critici)
Maar natuurlijk is dit allemaal weer, zoals elk jaar, een lange aanloop naar de Poll of Polls, samengesteld door de Oostenrijkse criticus en computerprogrammeur Reini Urban. Urban rekent de opgetelde scores van grids en losse critici om naar een tienpuntsschaal, weegt z’n bronnen, verwijdert uitbijters, houdt rekening met het aantal beoordelingen en maakt bovendien, naast de afzonderlijke overzichten, een combinatielijst met alle programmaonderdelen.
De competitielijst wordt op dit moment zeer verrassend aangevoerd door Pedro Almodóvars reeds in Spanje uitgebrachte, in mijn bubbel nauwelijks opgemerkte filmmaker-in-crisisfilm Amarga navidad (7,46), op de voeten gevolgd door – toch ook wel verrassend – Dhonts Coward met een 7,43. Daarna volgen, minder verrassend, Soudain (7,36) en Minotaur (6,99).

Op de vijfde plek een titel die hier nog niet eerder is genoemd (misschien ook omdat de film pas onlangs is vertoond en nog niet alle grids heeft bereikt), de Spaanse ensemblefilm La bola negra (The Black Ball) van Javier Ambrossi en Javier Calvo, over drie gay mannen van wie de levens door ruimte en tijd verbonden zijn, met een 6,94. Onderaan houdt alleen Histoires de la nuit (3,99) mijn geliefde L’inconnue (4,13) van de laatste plaats af – ook gezamenlijk kunnen critici de plank flink misslaan.
Ook per bijprogramma zijn hier de hoogste scores te vinden. Un Certain Regard wordt aangevoerd door Club Kid met een 8,39 (waarmee die nummer één is op Urbans combinatielijst); Quinzaine des Cinéastes door Once Upon a Time in Harlem (7,62); Semaine de la Critique door Marine Atlans Pompeï-schoolreisje La Gradiva met een 8,04 (nummer drie op de combilijst); van het jongste en kleinste programma ACID zijn niet genoeg scores bekend.
Overigens levert Urbans combinatielijst met z’n zes hoogst (en vaak genoeg) gescoorde films (met op plekken 2, 4, 5 en 6 achtereenvolgens Leah Nelsons dementieanimatie Tangles, Everytime, Coward en Soudain), in tegenstelling tot de hoofdcompetitie (met dit jaar weer slechts vijf films van vrouwelijke makers) wel een mooie gender parity op.

Dus
Samengevat lijkt Soudain, gemiddeld genomen, op de meeste kritische waardering te kunnen rekenen, met Fatherland, Minotaur en in iets mindere mate Fjord daarachteraan. Nadenkende en tot nadenken stemmende, kalme en beschouwelijke titels met een behoorlijk intellectueel gewicht. En hoewel distributeur Neon ook twee van de felst afgewezen titels onder contract heeft staan, Sheep in the Box en L’inconnue, en deze critics’ grids geen Palm-waarzeggers zijn maar louter eigen meningen verzamelen, kunnen we toch zeggen dat het er vooral voor Soudain – en anders misschien Fjord – goed uitziet om als zevende Neon-titel op rij de hoofdprijs mee naar huis te nemen.
EXTRA: Een gokje wagen
Maar wat de critici vinden is niet per se wat ze verwachten. Voor dat laatste kun je ook dit jaar weer terecht bij Neil Young van Jigsaw Lounge, die als goed ingevoerde ex-bookie de grootste kanshebbers voor de Gouden Palm presenteert. Op één plaatst hij Minotaur, voor La bola negra, en daarna Fjord, Soudain en Fatherland. Het rijkst kun je volgens hem worden door geld in te zetten op Garance of La vie d’une femme – als een van hen dan wint, natuurlijk.
En ondertussen blijft Indiewire met zijn jaarlijkse inschatting van de grootste Palm-kanshebbers dicht bij de grids-consensus, met Fatherland, Soudain en Minotaur; gooit de Tomato-meter van Rotten Tomatoes van de competitiefilms de minste tomaten naar Soudain en scoort die ook op Letterboxd als hoogste competitiefilm – maar dan wel onder Club Kid en Nicolas Athané en Marco Nguyens vrolijke gay animatiekomedie Jim Queen.