Titane

Als blik kon doden

Titane

Het explosieve Titane won terecht de Gouden Palm op het afgelopen festival van Cannes. De gedurfde body horror-trip zit vol intens expliciete beelden die nooit inboeten aan intimiteit, oprechtheid en emotie.

De opening van Titane valt te vergelijken met een oorsprongsverhaal uit een superheldenfilm: het moment waarop we zien hoe de superkracht van ons hoofdpersonage zich ontwikkelt. Hier is het een gespannen scène tussen de jonge Alexia en haar vader. Ze zitten samen in de auto: zij op de achterbank, hij achter het stuur. Ze werpt hem een ijzige blik toe en trapt in de rug van zijn stoel. Hij snauwt naar haar. Meer is niet nodig om een diepgravend gevoel van wederzijds ressentiment te verbeelden.

Een ogenblik erna zwiert de auto achterstevoren over de snelweg. Vader als dochter overleven het ongeluk wel, maar bij Alexia wordt in het ziekenhuis een constructie van titanium staven aangebracht die haar gebroken hoofd en lichaam bij elkaar moeten houden. Het is het prille begin van een fusie tussen mens en metaal.

Jongensdroom
Een scène later zijn we getuige van een autoshow als uit een stereotype jongensdroom: luide muziek, felgekleurde sportwagens en schaars geklede vrouwen. De inmiddels volwassen Alexia (Agathe Rousselle) is er één van de erotische danseressen. Je zou kunnen zeggen dat ze net zo geobjectificeerd wordt als de tentoongestelde bolides, maar al snel verschuift iets in deze in één take gefilmde scène: Alexia bevrijdt zich van de blik van haar publiek en smelt haast samen met de auto die haar podium is, in een vurige dans tussen lichaam en chroom.

Het is het eerste moment waarop de nog jonge Franse regisseur Julia Ducournau doelbewust speelt met verwachtingen, conventies, stereotypes en clichés. Het is zeker niet het laatste. De hele film werkt eigenlijk als een sluwe valstrik. Net wanneer je denkt te weten waar Titane naartoe gaat, gooit Ducournau het roer weer behendig om.

Nog zo’n kanteling die je niet snel ziet aankomen is dat Alexia een seriemoordenaar blijkt te zijn, die de mensen die haar begeren op brute wijze ombrengt. En dat haar échte verlangen draait om die mooie auto van de show komt er daarna ook nog bij. In een onvergetelijke seksscène, ergens tussen David Cronenbergs Crash (1996) en een gangsterrapvideoclip, bereikt Alexia samen met haar metalen partner een piepend en krakend hoogtepunt.

Dit is de wereld van Titane, een gewelddadige, seksueel geladen film. Een film waarin een seriemoordenaar hydraulische seks heeft met een Amerikaanse muscle car, maar die desondanks bijzonder sensueel en intiem aanvoelt. Daarin schuilt het onderscheidende talent van Ducournau, wier speelfilmdebuut Raw (tienervrouwen-als-kannibalen-horror) in 2016 dé ontdekking was op het filmfestival van Cannes.

Transformaties
Vijf jaar later werd de explosieve opvolger Titane de tweede film van een vrouwelijke regisseur die ooit bekroond is met een Gouden Palm. Jane Campion won diezelfde prestigieuze hoofdprijs in 1993 voor The Piano. De twee regisseurs hebben meer met elkaar gemeen dan die Palm op de schoorsteenmantel. Ze delen een excentrieke visie op de mens als instabiel wezen dat zich niet zomaar laat vastpinnen op het spectrum van identiteit of seksualiteit.

Waar Campion in films als Sweetie en The Piano in het ongerepte landschap van Australië parabels vond om de verhoudingen tussen man en vrouw te onderzoeken, gebruikt Ducournau het menselijk lichaam als het strijdveld voor complexe psychologische kwesties. In haar korte film Junior (2011), onlangs gratis op YouTube gezet door UniFrance, omarmt Ducournau bijvoorbeeld al de unheimische beeldtaal van de body horror, een genre dat groteske transformaties en mutaties in het lijf als metafoor voor mentale metamorfoses ziet.

In Junior ervaart een tomboy plotseling een andere vorm van vrouwelijkheid, wat verbeeld wordt door een plakkerig slijm dat uit haar lichaam begint te sijpelen. De sprong van die film, via de bloedende lichamen van Raw, naar de lekkende benzine en olie in Titane is makkelijk te maken. Het zijn alle drie gedurfde films over jonge vrouwen die gebiologeerd kijken naar interne ontwikkelingen op het gebied van geslacht, seksualiteit en identiteit.

Voorbij de hokjes
Raw gaat over de plotse hormonale transformaties die pubers doormaken, een huidhonger die in de film zeer expliciet verbeeld wordt. Titane gaat een stap verder: het is een nog meer volwassen film die voorbij seks, gender en geslacht durft te kijken. De film wordt daardoor vaak beschreven als een verbeelding van seksuele fluïditeit of van genderdysforie, het gevoel dat het juridisch toegewezen gender niet aansluit bij wat je in je eigen lichaam ervaart. Ducournau ziet het zelf juist als een poging om voorbij al die hokjes te denken: “In interviews over Raw vertelde ik altijd hoe ik dingen niet graag in hokjes stop”, aldus de regisseur in een gesprek met het Amerikaanse filmplatform Indiewire. “Voor mij geldt dat ook voor gender. Voor mij is gender niet relevant voor iemands identiteit, het definieert ons niet. Maar omdat dit op sociaal niveau nog niet begrepen wordt, wordt het een onderwerp.”

Ducournau pint haar personages niet vast, wat voor nog veel meer onverwachte ontwikkelingen in het verhaal zorgt. Ze maakt met Titane een onvoorspelbare filmervaring die je simpelweg tot het einde moet ondergaan om de totaliteit van haar visie op identiteit te begrijpen. Vakkundig weet Ducournau daarbij te schakelen tussen genres, sferen, beelden, gevoelens en verhaallijnen. Probeer op het einde van Titane maar eens terug te denken naar het moment waar het allemaal begon – de moordende blikken tussen vader en dochter, de auto total loss – en je realiseert je wat een wilde rit dit geweest is langs de grootste extremen van lichaam én geest.