Monsieur Spade, Ripley en Sugar

Van film noir naar 'serie noir'

Ripley

Drie recente series grijpen expliciet terug op de klassieke film noir, doordrongen van nihilisme en een gitzwart mens­beeld, maar geven het genre ook elk op hun eigen manier een slinger.

Daar ligt hij dan: detective Sam Spade, de oervader van de film noir, in een speedo. Hij ligt aan een Zuid-Frans zwembad ergens in de vroege jaren zestig. Zijn beroemde gleufhoed en het pistool dat daarmee onlosmakelijk verbonden is, zijn opgeborgen. Hij geniet van zijn rust.

Dat kan natuurlijk niet lang duren: dit personage, in 1930 bedacht door pulpauteur Dashiell Hammett voor zijn boek The Maltese Falcon en in 1941 vereeuwigd door Humphrey Bogart in de verfilming ervan, is niet gemaakt voor rust. In de recente serie Monsieur Spade (nog niet in Nederland uitgezonden) kruipt Clive Owen in de legendarische rol.

Monsieur Spade is lang niet de enige nieuwe serie die teruggrijpt op de klassieke film noir. De terecht gevierde Netflix-reeks Ripley verfilmt Patricia High­smiths The Talented Mr. Ripley uit 1955, geschreven in het kielzog van de beste film noirs, en bedient zich met zijn contrastrijke zwart-wit ook van hun esthetiek. De Apple-serie Sugar, met Colin Farrell als een op klassieke leest geschoeide privédetective in hedendaags Los Angeles, gaat nog een stap verder: het verhaal wordt gelardeerd met fragmenten uit talrijke klassieke film noirs – Kiss Me Deadly (1955), In a Lonely Place (1950), Double Indemnity (1944) – en Farrells personage modelleert zich doelbewust naar die voorbeelden.

Geen film noir dus, maar ‘serie noir’, en dat blijkt een fundamenteel verschil. De klassieke film noirs bouwden, of de thrillerplot nu strak verteld was of labyrintisch, in anderhalf uur op naar een duidelijke climax. Dat is hier compleet anders.

Ten eerste omdat serieel vertellen een opbouw met meerdere piekpunten vereist – elke aflevering een kop en een staart terwijl het grotere verhaal doorloopt, met een opeenvolging van subplots en miniraadsels die kijkers naar de volgende aflevering moeten lokken. En ten tweede omdat een serie gewoonweg meer ruimte geeft. Met een totale speeltijd van 293 minuten (Sugar), 332 minuten (Monsieur Spade) en zelfs 448 minuten (Ripley) zijn deze series drie tot vier keer langer dan hun voorvaders.

Monsieur Spade

Wat doen de makers met die extra tijd? Bij Sugar gaat het vooral in atmosfeer zitten en natuurlijk in die vergaarbak aan filmcitaten. Bij Monsieur Spade in de personages, met meer ruimte om hun achtergronden en onderlinge relaties uit te diepen en op scherp te zetten. En in Ripley in de esthetiek, met een focus op veelzeggende details in decors, locaties en aankleding. Het is heerlijk zwelgen in Robert Elswits glorieuze zwart-witbeelden – niet voor niets lardeert schrijver/regisseur Steven Zaillian het verhaal met referenties aan werk en leven van Caravaggio.

Vroeger was het beter
De tijden zijn ernaar om terug te grijpen op die klassieke film noir, een genre geboren uit de chaotische, nihilistische jaren tijdens en net na de Tweede Wereldoorlog. Oorlog alom, atoomdreiging, een ideologische tweestrijd op het wereldtoneel en een groeiend gevoel van machteloze rancune bij het volk – klinkt dat bekend?

Sowieso is noir natuurlijk nooit weggeweest. Het kreeg allerhande opvolgers – de neo-noir van films als Chinatown (1974) in de jaren zeventig; de postmoderne meta-noir van de Coens en Tarantino in de jaren negentig; de tech-noir van The Matrix (1999) en al haar kopieën in de jaren nul; en nu queer noir als Love Lies Bleeding (2024).

Sugar

Maar deze drie series gaan dus nadrukkelijk terug naar de bron, de klassieke noir van de jaren veertig en vijftig. Met een personage, een esthetiek of een bak filmfragmenten die lijnrecht uit die tijd komen gewandeld. Tegelijk creëren ze alle drie een contrast met een ander tijdperk en een andere locatie. Zowel Ripley als Monsieur Spade spelen in luxe oorden aan de Europese kust in de jaren zestig. Sugar speelt in het heden en heeft daarnaast een meer fundamentele twist – in de tweede helft van de serie blijkt er naast film noir ook een compleet ander genre in het spel, waarover ik hier verder niet uit zal wijden.

Teruggrijpen op het klassieke, met een update voor nu: inderdaad, dit is nostalgische noir, bij uitstek een weerspiegeling van deze tijd van sequelitis en vroeger-was-het-beter. Niet voor niets duikt in elk van de drie reeksen de vraag op wat er van generatie op generatie wordt overgedragen.

Sociopaat Tom Ripley weet het leven van rijkeluiszoon Dickie Greenleaf binnen te dringen en uiteindelijk over te nemen, omdat die wel het geld maar niet het arbeidsethos van zijn vader erfde. Sugar onderzoekt de verdwijning van een telg uit een invloedrijke Hollywood-dynastie, waarvan elke volgende generatie aan karakter lijkt in te boeten: van gesoigneerde studiobaas via B-filmproducent tot gebroken voormalig kindster. En Spade stelt zich meerdere malen hardop de vraag wat zijn soort man nog te zoeken heeft in de nieuwe tijden die zijn aangebroken.


Ripley is te zien op Netflix. Sugar is te zien op Apple TV+. Monsieur Spade is nog niet in Nederland te zien.