The Desert of the Real
Storing in het brein
The Desert of the Real
“Ik weet wie ik vanochtend was, maar ik ben een paar keer veranderd sindsdien”, is een van de intrigerende citaten in deze creatieve documentaire over psychose.
Moet je een psychose meemaken om te zien dat de echte wereld soms ook waanzinnig is? Daar lijkt het wel op als je de verhalen hoort van de zes mensen in The Desert of the Real, de nieuwe documentaire van Luuk Bouwman (De propagandist, 2025). Hun kalm vertelde ervaringen zijn al indringend genoeg, maar Bouwman, die met eerder werk al sterk uit de hoek kwam, giet het in een expressieve vorm.
“Ik had het gevoel dat ik in een film speelde”, merkt een van het zestal op over zijn psychose. “Maar dit is echt”, voegt hij eraan toe terwijl hij in de camera kijkt. Wat dus die tegenstrijdigheid nog versterkt, want hij mag dan weer in de echte wereld zijn, hij zit ook echt in de film die Bouwman op dat moment maakt.
Dat dubbele is een soort leidraad voor de vindingrijke aanpak van Bouwman. Dat gaat verder dan de aandacht voor beeld en montage. Zo blijken de huiskamers en andere locaties reconstructies in een studio te zijn. Gevoelens worden verbeeld in expressieve filmfragmenten, vervreemdende landschappen of droomachtige beelden. Geen letterlijke vertaling van een psychose, maar wel een manier om emotie en veranderde perceptie van de werkelijkheid aan te stippen.
Het is meer dan een conventioneel verslag van een breinstoring. Voordat het gaat over bedreigende waanbeelden, doorslaande stoppen of soms ook euforie krijgen de hoofdpersonen veel ruimte om iets over hun leven te vertellen. Met uiteindelijk, in de meeste gevallen, stressvolle situaties als aanloop naar de psychose en in sommige gevallen een deprimerend verblijf in een inrichting. Daarna komt het belangrijkste: de terugkeer naar het oude leven, dat niet meer het oude leven is.
De aan de scifi-klassieker The Matrix (1999) ontleende titel is passend gekozen. Natuurlijk speelt mee dat het zestal geen dwarsdoorsnede van mensen met psychose-ervaring is – we zien veel creativiteit en filosofische interesse. Niettemin is het opvallend hoe die ontregeling van het brein klassieke filosofische vragen oproept over wie we zijn, wat werkelijkheid is en hoe je kan weten dat je wakker bent. Mooi hoe de tussentitels uit een speelse bron blijken te komen die ik hier niet verklap.
De film, die hoog scoorde in de publiekswaardering op IDFA, is geen college filosofie, maar laat op een aansprekende en ook ontroerende wijze zien hoe iedereen zich op een eigen manier weer terug in de realiteit bevindt. Soms met pijn en moeite (“Je voelt je waardeloos”), maar ook met opstandigheid of nieuwe creatieve levensdoelen. De psychose als aanslag en als nieuw venster.