Annecy 2026: Conclusie

Het Cannes van de animatie

Datum
29-06-2026
Auteur
Lees meer over

Openluchtvertoning bij het Cité internationale du cinéma d’animation. Foto: KEES Driessen

Als eerste animatiefestival met de felbegeerde A-status, bevestigt Annecy definitief zijn reputatie als ‘het Cannes van de animatie’. Met een recordaantal professionele bezoekers – inclusief de Amerikaanse studio’s – en medewerking van Cannes zelf. Maar winnaar La violonista stelt teleur.

Hoe zorg je ervoor dat je bekend komt te staan als ‘het Cannes van de animatie’? Het helpt natuurlijk als je het belangrijkste animatiefestival ter wereld bent – dat is de reden dat het ‘Festival international du film d’animation d’Annecy’ al eerder zo werd genoemd (ook door mij).

Maar met zijn vijftigste editie heeft Annecy die lauwerkrans dit jaar ook echt verdiend. In maart verwierf het, als eerste en enige animatiefestival, de A-status van de International Federation of Film Producers’ Associations (FIAPF). Een status die Cannes, uiteraard, allang bezit.

Bovendien werd in het hart van het stadje het indrukwekkende ‘Cité internationale du cinéma d’animation’ geopend, in een oude manege op een terrein van zo’n drie hectare. Met daarin een museum, residentie, bioscoop, educatieve ateliers en meer. En let wel: geen Cité ‘nationale’, maar ‘internationale’, want Annecy is, zoals vertegenwoordigers van het festival en de stad niet moe worden te onderstrepen, de “wereldhoofdstad” van animatie.

Over zoiets als de Cité werd al in 1956 gesproken, tijdens de allereerste editie van de voorloper van het festival, de Journées internationales du cinéma d’animation (Jica). En waar vond die plaats? Op het festival van Cannes. De band tussen de twee Franse filmfestivals is dus niet nieuw, maar de afgelopen jaren wel sterk aangetrokken, merken industrieprofessionals op.

Om te beginnen is Cannes meer lange animatie gaan vertonen. Voornamelijk Franse (co)producties, maar toch. Het viel bovendien op hoe vaak Thierry Frémaux, artistiek directeur van Cannes, bij zijn introducties van die films Annecy noemde – en zijn publiek zelfs expliciet aanspoorde dat festival óók te bezoeken. Net zoals het opvallend genoemd mag worden dat Annecy een persbericht begint met “Je hebt misschien al een voorproefje gehad op de Croisette [in Cannes]”, maar kom toch vooral ook naar ons.

Iedereen komt
Een voorproefje dat overigens substantieel was te noemen: van de elf lange animatiefilms die in Annecy in de hoofdcompetitie draaiden, waren er zes al in Cannes te zien geweest. Meer dan de helft dus. Waarbij de oplettende lezer een ander belangrijk aspect opmerkt: films hoeven geen wereldpremière te zijn om voor de competitie van Annecy geselecteerd te worden. Zie het Chinese Nobody, dat in eigen land al de succesvolste 2D-animatie ooit was. Het is een slimme keuze van Annecy: hierdoor hoeven animatiefilms niet te kiezen tussen dit festival en, bijvoorbeeld, een prestigieus algemeen festival zoals Cannes of Berlijn, en behoudt Annecy zijn reputatie dat ‘iedereen’ uit de animatiewereld er samenkomt. Wat dit jaar een recordaantal opleverde van ruim 19 duizend geaccrediteerden.

Nobody

En ‘iedereen’ omvat ook: Thierry Frémaux. Niet alleen werd hij door zijn Annecy-collega, Marcel Jean, op de openingsavond uitgelicht voor een apart applaus, hij waagde zich zelfs aan een potje publiekskaraoke bij een van de openingsactiviteiten van de Cité. Dat Annecy en Cannes samen optrekken, viel niet te missen. Ik munt Cannecy – kijken of het aanslaat.

Een andere les die Annecy van Cannes heeft geleerd (naast het heel veel hebben over Cannes), is het aanhalen van de band met Hollywood. En wat dat betreft versloeg Annecy dit jaar zijn grote broer – en ook de Berlinale. Want waar de Amerikaanse majors op die festivals grotendeels verstek lieten gaan, had Annecy ze bijna allemaal. Disney, Pixar, DreamWorks, Warner Bros, DC Studios, Apple, Netflix, dit jaar voor het eerst ook Prime Video – allemaal kwamen ze naar de markt, de Marché international du film d’animation (Mifa), en naar het festival, waar ze hun komende, nog onaffe projecten presenteerden aan het publiek, dat hier bijna altijd laaiend enthousiast reageert (zolang het niet over GenAI of Canal+ gaat). Waarbij opgemerkt moet worden dat, omdat het animatie is, natuurlijk ook de Japanners belangrijk zijn, met Sony’s Crunchyroll voorop en niet minder dan 25 Japanse films in de verschillende programmaonderdelen.

Het lijkt erop dat Annecy het cruciale punt heeft bereikt waarop iedereen gaat – omdat iedereen gaat.

Konijnenfilmpjes
Zelfs sterren. Guillermo del Toro heeft zich als promotor verbonden aan het Cité en mensen als Alfonso Cuarón, Audrey ‘Amélie’ Tautou en Natalie Portman kwamen praatjes geven bij hun lievelingsanimaties. Ook Brad ‘The Incredibles’ Bird, Ricky Gervais, Taika Waititi en Laika-chef Travis Knight kwamen met nieuwe projecten. Hollywood-regisseur Duncan Jones presenteerde zijn eerste animatiefilm, Rogue Trooper. Terwijl het festival sinds dit jaar niet één, maar zelfs twee gratis buitenschermen heeft voor grote publieksfilms.

Nou ja, het is wel duidelijk zo denk ik: het gaat hard met Annecy. En zolang het publiek jong blijft, studenten speciale konijnenfilmpjes en voorfilms maken voor bij elke lange animatie (naast dit jaar een bijzonder introductiefilmpje van Aardman) en telkens weer nieuwe uitroepen verzonnen blijven worden om de vertoningen mee in te leiden (mijn favoriet: iemand uit het publiek roept: “Ça va être tout noir!”, als de lichten beginnen te dimmen, waarop de zaal terugroept: “Ta gueule!” – wat afkomstig blijkt uit de Franse cultfilm RRRrrrr!!!, 2004), maak ik me voorlopig nog geen zorgen dat dit ten koste zal gaan van de bijzondere sfeer.

Duncan Jones (rechts) naast festivaldirecteur Marcel Jean bij de première van Rogue Trooper, Annecy. Foto: KEES Driessen

Dat het festival opende met een zeer genietbare Amerikaanse productie met een Franse regisseur, Minions & Monsters van Pierre Coffin, waarin de Minions naar Hollywood gaan, zich door de Amerikaanse filmgeschiedenis heen porseleinkasten (inclusief Chaplin, Lloyd en Keaton) en Tinseltown daarbij liefdevol tot puin verwerken, vatte alles mooi samen. Met als kers op de taart dat ook de oeuvreprijzen dit jaar allebei naar Amerika gingen, netjes verdeeld tussen populair (Beavis and Butt-Head’s Mike Judge) en eigenzinnig (de gebroeders Quay).

De winnaars
En dan: de belangrijkste competitiewinnaars. De competitie van lange animatie werd tot mijn verrassing gewonnen door de Singaporees-Spaans-Italiaanse coproductie La violonista van Ervin Han en Raúl García. Hoewel ik me nog kan voorstellen dat mensen meegesleept worden door het clichématige verhaal over muziek en romantiek in tijden van oorlog, is vooral de animatie van deze anime-geïnspireerde productie ondermaats. Wat extra pijnlijk is bij de muzikanten: nergens overtuigen de handbewegingen van violist en pianist.

Le corset

Veel beter was Le corset van Louis Clichy (een losjes getekend, subtiel verteld en soepel geanimeerd verhaal over een muzikale plattelandsjongen die een corset nodig heeft), die niet alleen de juryprijs kreeg (de tweede prijs), maar ook de publieksprijs. Mijn favoriet was echter Kohei Kadowaki’s gevoelige vriendschapsdrama We Are Aliens – maar ja, die had ik al in Cannes gezien.

De prijs voor beste VR ging naar Kate Voets en Victor Maes’ dementie-POV A Long Goodbye, een Benelux-coproductie die ook al de Prestatieprijs had gewonnen in Venetië. Mijn eigen favoriet was Lena Herzogs sfeervolle zwart-witervaring Reversal, waarin je onder meer door een lang duister bos glijdt, waarvan een deel van de bomen niet geworteld is maar bovengronds zweeft, en in de schaduwen live-action gefilmde dieren voorbijschieten.

De juryprijs en publieksprijs van de competitie voor kortfilms gingen beide naar Jocelyn Charles’ weldadig ontworpen en spannend geënsceneerde Dieu est timide – een van de meer verontrustende films die ik de afgelopen tijd heb gezien, van welke lengte dan ook. Maar de hoofdprijs ging naar Don Hertzfeldts al eerder in Filmkrant besproken Paper Trail. De wereldberoemde maker vertelde dat hij al vaker voor Annecy was geselecteerd, maar nu pas voor het eerst had besloten te komen. Hij had al die tijd geleden aan het impostor syndrome: hij had nooit een animatie-opleiding gevolgd en noemde zichzelf daarom maar “een regisseur die tekent”. Maar nu, met deze prijs op zak, zei hij, “voel ik me eindelijk een animator”.

Dat is hoe invloedrijk Annecy is. Nog duidelijker maakte dat de Belgische animator Rémi Durin. Eigenlijk, vertelde die bij de ontvangst van de prijs voor de beste tv-productie voor La grande rêvasion, was het plan geweest om juist op deze dag van de prijsuitreiking te trouwen. Maar toen hij hoorde dat Annecy zijn film geselecteerd had, kocht hij een mooie taart, ging naar zijn aanstaande en vroeg of ze het misschien konden uitstellen. Die stemde toe en nu stond hij hier, glunderend, met zijn prijs in handen voor een lachende, joelende zaal.

Het huwelijk staat gepland voor komende week.


Het vijftigste festival van Annecy vond plaats van 21 t/m 27 juni 2026. Lees ook de twee eerdere verslagen vanaf het festival, over het nieuwe animatiemuseum en hoe de nieuwe kortfilm van Hisko Hulsing leidde tot nieuwe discussies over Generative AI.