At Any Price

Tot in de hemel groeien

At Any Price

Maïsboer Henry Whipple slijt als een gladjakkerige colporteur glimlachend genetisch gemodificeerde zaden. Geen wonder dat zijn zoon Dean er niet aan moet denken de boerderij over te nemen.

Get big or get out‘ is het levensmotto van maïsboer Henry Whipple (Dennis Quaid). Hoewel zijn twee zoons hard hun best doen zich van hun vader af te keren, leven ze volgens datzelfde mantra. Henry’s oudste zou na zijn studie terugkomen naar huis, maar neemt een omweg via een Argentijnse bergtop. Dus komt alle druk op de jongste zoon Dean (Zac Efron), maar die wil groot worden in iets anders: autoracen.

Net als ooit zijn vader wil ook Henry een opvolger. Al is er in de tussentijd behoorlijk wat veranderd, zo toont At Any Price, de vierde film van de onafhankelijke Amerikaanse regisseur Ramin Bahrani. Van de binding tussen de boer en zijn land is tegenwoordig geen sprake meer; dit is agribusiness, waarbij GPS-gestuurde tractoren de genetisch gemodificeerde (en gepatenteerde) maïsplanten volautomatisch besproeien met een uitgekiende mix aan verdelgers.

Behalve als boer verdient Henry zijn geld ook als verkoper van die zaden, en Quaid zet hem neer als een glibberige tweedehands autoverkoper met permanente glimlach die even gemanipuleerd lijkt als de zaden die hij slijt. Daartegenover staat de norse, zwijgzame Dean, met verve gespeeld door voormalig tienerster Efron, voor wie At Any Price in 2012 onderdeel was van een poging om als serieus acteur aan de bak te komen — zie bijvoorbeeld ook The Paperboy (Lee Daniels) en Parkland (Peter Landesman).

Waar Bahrani in zijn eerste drie films Man Push Cart, Chop Shop en Goodbye Solo telkens immigranten in onzichtbare uithoeken van de Amerikaanse maatschappij centraal stelde, kiest hij hier nadrukkelijk voor het tegenovergestelde: een all-American familie in het Amerikaanse heartland. Daarmee levert de film niet alleen tussen de regels door commentaar op het industriële boerenbedrijf, waar Bahrani zich maandenlang in onderdompelde voor hij het overtuigend realistische scenario schreef, maar op de hele westerse maatschappij en het eindeloze verlangen naar groei. Die laag ligt er bij vlagen iets te dik bovenop, en vereist een opzichtige plotingreep om de derde akte op gang te brengen. Het resultaat is wel dat de personages beklijven. In essentie mogen Henry en Dean misschien goede mensen zijn, hun grenzeloze ambitie maakt ze roekeloos en onbetrouwbaar. Want wie tegen elke prijs groter wil worden, moet soms over lijken gaan.