De Pers Over – 1 april 2016
HUNGER
HUNGER
Steve McQueen
Op de geluidsband horen we premier Margaret Thatcher als een mantra herhalen dat zij niet onderhandelt met terroristen. McQueen durfde het aan om de IRA-leden te portretteren als mensen en niet als terroristen. Je hoeft de gruweldaden van de IRA absoluut niet goed te keuren om toch ontzag op te brengen voor de onverzettelijkheid van Sands. Zijn verhaal raakt je waar het telt: in je hoofd en in je hart. Maar vooral ook als een keiharde stomp in je onderbuik. hunger is geen prettige film. Maar wel een heel belangrijke.
GPD-kranten (Fritz de Jong)
De meeste films over hongerstakers gaan over ongebroken geesten en heldendom, maar hunger legt het accent op het fysieke. De film zoekt het niet in heroïek, maar stelt vragen. Waarom zet iemand zijn lichaam als wapen in? Waarom offert iemand zijn leven. De vraag is actueler dan ooit. Mokerslag hunger is indringend, aangrijpend en urgent. Meer kan van een film niet worden verlangd.
Het Parool (Jos van der Burg)
hunger is onaangenaam om naar te kijken. McQueen laat de mensonterende taferelen voor zich spreken. Deze claustrofobisch aandoende film kan ook niet al te veel beweging hebben. De hel van Sands wordt zodoende bijna tastbaar. McQueen biedt geen enkele verlichting, ook niet voor de kijker die zich als getuige steeds ongemakkelijker gaat voelen.
Algemeen Dagblad (Ab Zagt)
LE SILENCE DE LORNA
Luc & Jean-Pierre Dardenne
Het stadsdecor in le silence de lorna is levendiger dan de troosteloze industriële landschappen die de achtergrond van veel Dardenne-films vormden. Nog steeds is de sociale beklemming voelbaar, maar nu bieden de gebroeders Dardenne ook enige hoop door iets van Lorna’s gedachtenwereld te laten zien. Haar fantasieën, waarin zij probeert recht te maken wat krom is, geven aan deze aangrijpende film een dromerige draai.
De Telegraaf (Marco Weijers)

Hoewel le silence de lorna direct herkenbaar is als een Dardenne-film, zijn er naast de enigmatische titel nog een paar in het oog springende verschillen met hun eerdere werk. Zo gebeurt er bijzonder veel: er is zelfs een seksscène. Het camerawerk is juist weer opmerkelijk rustig. Het maakt le silence toegankelijker. Het sociaal geëngageerde sprookje vol morele dilemma’s, waarvoor de broers op het afgelopen festival van Cannes met recht de prijs voor het beste scenario kregen, blijft nog dagen nagalmen.
de Volkskrant (Jan Pieter Ekker)
Iedere nieuwe film van de Dardennes brengt een nieuwe variant op het grote thema van schuld en boete. En in iedere nieuwe film trekken ze je mee in de morele dilemma’s van hun held of heldin die in het streven naar een gerechtvaardigd beter bestaan nooit zonder zonde blijft, maar ook nooit het berouw helemaal weet weg te duwen. le silence de lorna is een meesterlijke, schrijnende tragedie, die je toch ook optilt. Hoe het leven en de liefde winnen, tegen beter weten in.
Trouw (Jann Ruyters)
SHANGHAI TRANCE
David Verbeek
Jongeren die in het snel veranderende China de weg een beetje kwijt zijn, is een beeld dat we wel vaker in films uit die regio tegenkomen. Bijzonder is in dit geval dat de regisseur de eveneens jonge Nederlander David Verbeek is. Bijzonder is ook de trefzekere manier waarop hij de indrukken, die hij tijdens zijn tweejarig verblijf in Sjanghai opdeed, wist te verbeelden.
GPD-kranten (Leo Bankersen)

Je krijgt de indruk van een generatie in een vacuüm, zonder bindingen of verleden, waarbij Verbeek je ook op afstand houdt: de camera blijft vaak net voor de deuropening hangen om ergens naar binnen te kijken. De koelte, vervreemding en eenzaamheid die uit de beelden spreekt, creëerde Verbeek eerder in beat, waarin hij een burn-out jonge Rotterdammer omringde met stilte.
Trouw (Remke de Lange)
De film rond drie liefdesgeschiedenissen van twintigers en dertigers in de explosief groeiende stad Shanghai, getuigt van flair en frisse ambitie, maar slaagt er niet in de kijker ook daadwerkelijk in een trance te brengen. Daarvoor is het verhaal over vervreemding, miscommunicatie en eenzaamheid in de stad al wat te vaak verteld. Vijftig jaar nadat Antonioni zijn trage meesterwerken maakte over de radeloosheid van de moderne mens, tiert het onbehagen nog altijd welig, tenminste in de kunstfilm.
NRC Handelsblad (Peter de Bruijn)
HET ZUSJE VAN KATIA
Mijke de Jong
Moeder en Katia zijn soms uiterst bot, en op zichzelf gericht, maar worden nooit kil of moedeloos. Als ze hun gezinsleden kwetsen is het uit onmacht, niet uit moedwil. De Jong lijkt te zoeken naar een vehikel om haar film te verdiepen, maar de keuze om Katia’s zusje te laten flirten met Jezus pakt daarbij gratuit uit. Toch intrigeert het zusje van katia tot aan de eindscène, waarin het bestaan van de twee hoofdpersonen heel even oplicht, terwijl de kijker somber achterblijft.
de Volkskrant (Bor Beekman)

Met superieure terughoudendheid rijgt regisseur Mijke de Jong de ene eenvoudige, aangrijpende scène aan de andere. Haar ogenschijnlijk simpel, bijna documentaire portret van eenzaamheid krijgt eens te meer lading door het indrukwekkende levensechte acteren van haar hoofdrolspelers. Ze zijn zo hartverscheurend herkenbaar, de afgetobde moeder, de naïeve mooie dochter die zich dromerig door verkeerde types laat uitbuiten en het ongewenste zusje, dat koppig haar best blijft doen.
De Telegraaf (Eric Koch)
In uiterlijk (brilletje, dikkig) herinnert het zusje van katia aan ongelukkige pubermeisjes als Dawn uit welcome to the dollhouse of het bibliotheekmeisje uit elephant. Maar waar Gus van Sant in elephant met een enkel beeld het verlangen van zo’n door niemand gezien meisje wist op te roepen, lukt dat Mijke de Jong niet. Dat ligt het meest aan de piepjonge actrice, die vlak afsteekt tegenover de meer karaktervolle actrices om haar heen.
Trouw (Jann Ruyters)
VOX POPULI
Eddy Terstall
Het is jammer dat Terstall alles de revue wil laten passeren. Niet alleen de ‘antiracisme-taart’ komt voobij, maar ook de ‘draaideur-crimineel’. Ook moest nog een zwik BN’ers in de film, zoals VARA-coryfeeën Paul Witteman en Matthijs van Nieuwkerk, die zichzelf spelen. vox populi wil niet alleen de politiek, maar ook het medialandschap duiden en loopt daarmee over van hele en halve ideetjes. Enig rustpunt vormt de mooie melancholische muziek, gecomponeerd door Spinvis.
Trouw (Belinda van de Graaf)

De film is een harde — en vrij geestige — afrekening met het politieke milieu en de politici die, of ze nu van links, rechts of recht door het midden komen, worden neergezet als een gilde van opportunistische baantjesjagers, die geen bezwaar zien in een gapende kloof tussen politieke en persoonlijke integriteit. Met genoegen schilt Terstall een hele mand met appelen met het politieke establishment, de media en het goedgelovige stemvee in de, na simon, beste film uit zijn carrière.
Het Parool (Mark Moorman)
Terstall draagt geen oplossingen aan voor het vastgelopen debat over immigratie en buitenlanders, maar daar is hij ook niet op uit. Hij legt de vinger op een paar gevoelige plekken, en houdt zowel Nederland als de Nederlandse politiek doeltreffend een spiegel voor. Het beeld dat wordt weerkaatst is afwisselend geestig, hilarisch, venijnig en zeer cynisch. En de rol van Ton Kas als de schoonvader, die zijn luchtbuks pakt als een motorjacht een koppel broedende eenden dreigt te verstoren, mag in een lijstje.
GPD-kranten (Hetty van Rooij)