FilmPers – 8 juni 2011
TambiAMBIÉN LA LLUVIA
TAMBIÉN LA LLUVIA
Icíar Bollaín
De film blijft op wel erg veel goedbedoelende gedachten hinken. Je zou de positie van Laverty en también la lluvia ergens tussen die van producent Costa en regisseur Sebastián moeten zien: uiteindelijk is het echte leven belangrijker dan film. Dat levert, hoe hardvochtig die conclusie ook is, niet altijd de beste film op.
NRC Handelsblad (Dana Linssen)
Costa en regisseur Sebastián denken aanvankelijk alleen aan hun eigenbelang. Zijzelf maken zich ook schuldig aan uitbuiting, want ze betalen de figuranten maar twee dollar per dag. De omkering en het engagement komt pas heel laat in también la lluvia. Producent Costa blijkt het hart toch op de juiste plaats te hebben. Mooie beelden in dit drama, waarin zowel de rellen als de historische scènes levensecht zijn.
De Telegraaf (Annet de Jong)
In dat emotionele eindspel is también la lluvia wat prekerig en schematisch uitgewerkt — plots komt alles toch nog goed. Maar de aardig tot sterk geacteerde film zit vol geestige en wrange momenten, waarbij de megalomanie en pretentie van het historisch-filmen op de korrel wordt genomen.
de Volkskrant (Bor Beekman)
22 MEI
Koen Mortier
Helemaal vlekkeloos is 22 mei niet. Met een onderwerp als dit mag de regisseur wel iets meer stelling nemen. De personages die hij opvoert, zijn niet allemaal even interessant. Konden er niet een paar afvallen, denk je dan, maar in de beeldschone zabriskie point-achtige ontploffing op het einde kun je er niet genoeg zien sneuvelen.
de Volkskrant (Floortje Smit)
Mortier lijkt mededogen en sympathie voor de getroffenen te willen afdwingen, maar voert onder hen ook een rukkende voyeur op, die in de finale terugblik op de explosie met de broek op de enkels wordt gelanceerd. Het maakt de film als monument voor de gevallenen nogal tweeslachtig.
Het Parool/GPD-kranten (Bart van der Put)
In de lange echo van verwijten en machteloosheid wordt uiteindelijk te weinig opgelost, zowel wat de puzzel betreft als de emoties. Mortier wilde de kijker ongetwijfeld laten meevoelen met de slachtoffers. Maar door de gekozen vorm ontstaat die band onvoldoende. Zelfs de vrouw die haar kind verloor was meteen al te veel (hersen)schim en te weinig mens.
Trouw (Hans Nauta)
MISTÉRIOS DE LISBOA
Raúl Ruiz
Ruiz schetst in zijn kostuumdrama, dat zich afspeelt in het milieu van de19e-eeuwse Portugese elite, een wereld die herkenbaar lijkt te zijn, maar dat steeds net niet is. Hij speelt zo ook met de verwachtingen van de kijker, die al heel wat kostuumdrama heeft gezien. Niet door die verwachtingen steeds te frustreren — de strategie van heel wat auteurscinema — maar door die te bevredigen op een andere manier dan kan worden verwacht.
NRC Handelsblad (Peter de Bruijn)
Historisch zijn de verwikkelingen zelden geloofwaardig, maar Ruiz heeft alle verhalen ingenieus aan elkaar geknoopt. Ook heeft het gelaagde mistérios de lisboa een prachtige gracieuze stijl: de camera glijdt traag langs de personages, maar blijft altijd op afstand. Ruiz is niet uit op identificatie, maar op ontmaskering. In de salons ruisen de baljurken, maar knettert het van jaloezie, hypocrisie, berekening en wraakzucht.
Het Parool/GPD-kranten (Jos van der Burg)
Ondanks de lengte vliegt de tijd voorbij, en de fraaie muziek en wonderschone aankleding maken van de film een betoverend sprookje. Superieure soap, zo zou je mistérios de lisboa kunnen noemen. Een enorme beheersing van het vak spreekt uit iedere scène van mistérios de lisboa, en vooral ook een onbegrensde liefde voor het vertellen van verhalen.
Pauline Kleijer (de Volkskrant)
HOWL
Rob Epstein en Jeffrey Friedman
Al met al is de speelfilm howl historisch interessant, maar te geconstrueerd en bedaard om dezelfde opwinding teweeg te brengen als de film over Harvey Milk ooit. De revolutionaire ziel van howl weerklinkt wel in het optreden van James Franco, die jonger is dan we ons de dichter nu herinneren, die minder hoekig en lichter overkomt dan Ginsberg zelf, maar die zijn eigen charisma meebrengt.
Trouw (Jann Ruyters)
Epstein en Friedman gebruiken het gedicht ook als venster voor een inkijkje in het leven van Allen Ginsberg, een rol die met innemende intensiteit gespeeld wordt door James Franco. Verder toont de film passages uit een (nagespeeld) interview, scènes uit de rechtbank en een voordracht van ‘Howl’. Daarbij combineren de regisseurs de opzwepende poëzie met animaties die Ginsbergs woorden één-op-één in beelden vertalen. Een beetje jammer, omdat die nogal kinderlijke aanpak onze verbeelding eerder beperkt dan prikkelt.
De Telegraaf (Marco Weijers)
Helemaal evenwichtig is de film niet; hij raakt net iets te versnipperd met al die verschillende vertelniveaus, en de animatiesequenties, hoe virtuoos ze ook mogen zijn, volgen Ginsbergs hallucinante woorden vaak veel te letterlijk. Maar op de beste momenten grijpen alle lagen wonderwel in elkaar, en ontstaat een volle en prikkelende interpretatie van het gedicht.
de Volkskrant (Kevin Toma)
RUNDSKOP
Michaël R. Roskam
De couleur locale draagt bij aan de zeer authentieke sfeer, die Roskam als zoon van het Limburgse Sint Truiden moet kennen. Een groezelige wereld is het, want Roskam schiet geen mooie plaatjes. rundskop toont weer eens dat je lokaal moet filmen om internationaal aan te spreken.
NRC Handelsblad (Coen van Zwol)
Aan de ene kant is er de karakterstudie van Jacky, wiens lot halverwege in de film in een lange flashback wordt uitgelegd. Aan de andere kant worden de praktijken van de hormonenmaffia in Vlaanderen aangekaart, waarbij allerlei louche figuren zelfs niet voor moord terugdeinzen. (…) In rundskop wordt veel overhoop gehaald. Misschien iets te veel, maar het persoonlijke drama van de verknipte Jacky hakt er ondubbelzinnig in. Vooral dankzij de grandioze vertolking van Schoenaerts.
Algemeen Dagblad (Ab Zagt)
Fraai en verrassend noodlotsdrama, waarin genreclichés hooguit terloops en ironisch worden aangestipt. De flikken, de boeven en de dopedealers zijn er wel, maar het sluimerend kruitvat Jacky maakt de dienst uit.
Het Parool/GPD-kranten (Bart van der Put)