FilmPers – 3 maart 2011
INCENDIES
INCENDIES
Denis Villeneuve
Een film die als een mokerslag aankomt, dat is de Canadese Oscarkandidaat incendies. Regisseur Denis Villeneuve verfilmde het gelijknamige toneelstuk van Wadji Mouawad en slaagde erin de spanning er tot het laatste moment in te houden. (…) De ijzersterke plot, de indringende beelden en het fenomenale acteerwerk maken incendies tot een film die je niet licht vergeet.
De Telegraaf (Annet de Jong)
Het is een film over geweld en vergelding, die leiden tot meer geweld en meer vergelding. Als in de Griekse tragedies worden deze oerwaarden zo simpel en menselijk gebracht dat ze in al hun kaalheid indrukwekkend voor ons staan. De niet-chronologische vertelwijze maakt incendies tot alles wat een filmverhaal moet zijn: spannend, emotionerend. Er kan gehuild worden. Op nagels gebeten. Hoop gekoesterd voor de verdoemde personages, als je hoopvol bent ingesteld.
NRC Handelsblad (Dana Linssen)
Na de zoveelste dramatische dreun (een meisje wordt rennend naar haar moeder in de bus in haar rug geschoten) krijgt het verhaal dat zo graag operatesk wil zijn, ook iets platvloers. De subtiele lyriek van het Radiohead-liedje You and whose army gaat meer en meer wringen.
Trouw (Belinda van de Graaf)
LA PIVELLINA
Rainer Frimmel en Tizza Covi
la pivellina zoekt het niet in groots drama, maar in kleine alledaagse gebeurtenissen, met als rode draad de warmte waarmee de kleine circusgemeenschap de peuter omringt. Het had makkelijk een sociaal melodrama kunnen opleveren, maar de sobere film, waarin prachtig naturel wordt geacteerd, zoekt het in aardse eenvoud.
Het Parool (Jos van der Burg)

Het knappe is dat de circusartiesten en het meisje niets anders hoeven te spelen dan zichzelf om de film van de ene magistrale scène naar de andere te helpen. Het meermaals bekroonde la pivellina is grotendeels improviserend tot stand gekomen, maar er is door de perfecte samensmelting van documentaire en fictie, van spontane en uitgeschreven scènes, werkelijk niets overbodigs of willekeurigs aan het eindresultaat.
de Volkskrant (Kevin Toma)
Als Walter zijn clownskunstjes vertoont tussen de flats, komt er niemand kijken. Die alledaagse treurigheid gaat wel aan het kabbelen, maar ‘la pivellina’ blijft de spil, zowel van haar nieuwe familie, als van de film. De enige die niet acteert, maar gewoon is: dat blijft een heerlijk schouwspel.
Trouw (Jann Ruyters)
POETRY
Lee Chang-dong
De les van de poëziedocent is natuurlijk ook de les van de Zuid-Koreaanse regisseur Lee Chang-dong aan de toeschouwer. Hij vindt schoonheid vooral in de puurheid en kinderlijke onschuld van Mija. (…) poetry, de vijfde film van Lee Chang-dong, is een schitterend gedachtespel over de noodzakelijke verbintenis van schoonheid en lelijkheid, over generatieconflicten, moraliteit en compassie. Goede kunst heeft geen nadruk nodig. Wie goed kijkt zal het zien.
NRC Handelsblad (André Waardenburg)

In het cryptische, maar ontroerende slot van de film lijkt Lee Chang-dong aan te geven dat de poëzie er toch in is geslaagd om iets onder woorden te brengen, om zin, schoonheid en verlossing te brengen. U bent gewaarschuwd: het Koreaanse drama poetry duurt ruim twee uur, gaat over poëzie, alzheimer en de dingen die we liever zouden vergeten. En het levert een onvergetelijke film op. Poëzie mag uitkomst bieden, maar filmkunst wil ook nog wel eens helpen.
Het Parool (Mark Moorman)
Lee Chang-dong slaat tal van zijpaden in zonder de draad van zijn verhaal kwijt te raken. Dat leverde hem in Cannes de prijs op voor het beste scenario. Zijn poetry maakt de werkelijkheid niet mooier dan zij is, al verzacht hij het soms sombere beeld wel met subtiele humor en kleine sprankjes menselijkheid. Die kunnen bloeien als rozen op een mestvaalt.
De Telegraaf (Marco Weijers)
TRUE GRIT
Ethan en Joel Cohen
De gebroeders Coen hebben de de dialogen uit de originele film (en het boek) bijna letterlijk overgenomen. Terecht, want de gezwollen teksten vormen een van de grote attracties in deze western die vol zit met geestige twistgesprekken. (…) Voor de Coens is true grit na the ladykillers de tweede remake uit hun carrière. Deze keer zijn ze veel beter op dreef, daarbij gesteund door een formidabele Bridges, die van Rooster Cogburn een zeer vermakelijk personage maakt.
Algemeen Dagblad (Ab Zagt)

true grit is de tegenpool van de vorige Coensfilm, a serious man, die ging over de complexen van een geniale wiskundige. De film blijft binnen het eenvoudige morele kader van Mattie; dat levert een tamelijk eenduidige western op, waar de Coens slechts lichtjes hun eigen vingerafdrukken op hebben gezet, met hun kenmerkende gevoel voor absurditeit. Prachtig gemaakt zoals altijd bij deze makers, maar niet op het niveau van hun beste werk, en geen film die echt beklijft.
NRC Handelsblad (Peter de Bruijn)
Je voelt de invloed van dead man (1995) van Jim Jarmusch, waarin Johnny Depp een spirituele reis maakte door een mysterieus westen. Bij vlagen bevat true grit dezelfde raadselachtigheid, een gevoel dat nog versterkt wordt als Cockburn een kwart eeuw later in een West-theatershow belandt. Een contrast waarmee de Coens haast lijken te verwijzen naar John Waynes zonniger avonturen.
Trouw (Hans Nauta)
BLACK SWAN
Darren Aronofsky
In hun krankzinnige dans op het slappe koord putten Aronofsky en een drietal scenarioschrijvers niet alleen uit Tsjaikovsky’s Zwanenmeer en de balletfilm the red shoes, maar ook uit horrorklassiekers als Roman Polanski’s repulsion, Brian De Palma’s carrie en Dario Argento’s suspiria. (…) black swan kan cynisme of afschuw oproepen, maar in het genre behoort dit gruwelballet tot de schaarse Amerikaanse meesterwerken die sinds de eeuwwisseling de revu passeerden.
Het Parool (Bart van der Put)

black swan geeft een soms adembenemend beeld van de fysieke en geestelijke opofferingen die een gedreven danseres voor haar kunst brengt. Bij het verkleden zien we terloops de gepijnigde voeten van Nina, gebutst en bebloed door overmatige belasting. Als ze geestelijk ook steeds meer van zichzelf gaat eisen, gaan waan en werkelijkheid door elkaar lopen. Ze wordt zo schizofreen als de zwart-witte zwaan die ze moet verbeelden en dan liggen triomf en ondergang dicht bij elkaar.
De Telegraaf (Eric Koch)
Het wordt in deze weelderig geproduceerde Amerikaanse balletthriller bij lange na niet zo intens als in het Britse balletmelodrama the red shoes (1948), dat onlangs nog te zien was in een prachtige restauratie. Dat is vrijwel identiek drama over creatieve obsessie in de balletwereld, maar dan minder glad en strak gemaakt, duisterder en duivelser ook, en echt toegespitst op de helse keuze tussen de kunst en het leven.
Trouw (Belinda van de Graaf)