Sergei Loznitsa over The Natural History of Destruction

'Het voelt alsof we tachtig jaar terug in de tijd zijn geslingerd'

Natural History of Destruction

State Funeral en Babi Yar. Context zijn nog maar net uit de filmtheaters of er verschijnt alweer een nieuwe archiefdocumentaire van de Oekraiënse cineast Sergei Loznitsa. Het indrukwekkende en pijnlijk actuele The Natural History of Destruction gaat op woensdag 8 juni in voorpremière als IDFA Special. “Die bombardementen zien er voor mij uit als een schilderij van Jackson Pollock.”

Na The Trial (2018), State Funeral (2019) en Babi Yar. Context (2021) maakt Sergei Loznitsa opnieuw een indrukwekkende film met archiefbeelden, nu met materiaal van luchtbombardementen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Met The Natural History of Destruction geeft Loznitsa een vervolg aan het kritische en enigszins controversiële essay ‘Air War and Literature’ van W.G. Sebald uit 1999, waarin de Duitse auteur morele kanttekeningen plaatste bij de rechtvaardiging van de bombardementen op Duitse steden. Het punt van het essay is vooral dat er te weinig geschreven, gefilmd en gesproken wordt over de slachtoffers van die bombardementen.

The Natural History of Destruction begint in het Duitsland van het interbellum, waar het leven gemoedelijk voortgaat terwijl de hakenkruizen hier en daar in het straatbeeld beginnen te verschijnen. We mogen even wennen aan deze ideologische omschakeling en zien ook het alledaagse leven in Nazi-Duitsland, althans zoals dat voor de ‘gewone Duitser’ was.

Dan warmt de oorlogsmachine zich op: we zien kogels, bommen, losse onderdelen en hele vliegtuigen uit de Britse en Duitse fabrieken rollen. Er worden speeches gegeven en piloten worden opgeleid en naar militaire basissen gestuurd. Wie de bommen en vliegtuigen bouwt, maakt in het geheel van de film niet uit. Het gaat erom dat ze gemaakt en niet veel later ook gebruikt worden. Loznitsa ontleedt van een nieuw soort oorlogsexperiment, waarin de strijd niet meer wordt gevoerd met individuele vijanden, maar met abstracte doelwitten die vanuit de lucht vernietigd kunnen worden.

De vanuit de lucht gefilmde beelden zijn van een aangrijpende schoonheid. De meeslepende scène die Loznitsa daar tegen het midden van zijn film mee creëert, komt in de buurt van abstracte cinema. Bommen vallen op nachtelijk Duitsland als talloze vluchtige lichtpuntjes op een zwart canvas. Als dit inderdaad een abstract werk zou zijn, zou je het een prachtig beeld kunnen noemen. Maar Loznitsa biedt een kritische deconstructie van die neiging oorlog te abstraheren, die benadrukt hoe elk van deze lichtpuntjes zijn eigen tragedie is. Dat is de gedachte achter The Natural History of Destruction.

Sergei Loznitsa

U liet zich voor deze film deels inspireren door het essay van Sebald. Hoe werkt voor u het proces waarin u zijn kritische punten in de vorm van een archiefdocumentaire giet? “Het boek was natuurlijk een soort inspirerende impuls voor mij, omdat Sebald er belangrijke vragen in stelt. De eerste vragen die hij stelt draaien om de perceptie van wat er tijdens en na de oorlog in Duitsland is gebeurd, en of die perceptie wel aansluit bij de realiteit. Wanneer ik een film als deze maak, moet ik manieren vinden om die ideeën visueel uit te drukken. Het hele punt van de film werd om de vernietiging te laten zien. Ik legde mijn focus op de vernietiging en weerde alle andere elementen uit het narratief.”

Zit er daarom geen chronologie in de ordening van de beelden? “Ik was niet geïnteresseerd in wie als eerste wat deed en wie daarop reageerde. Chronologie betekent vaak: de ene partij doet iets, de andere partij doet iets anders en wij interpreteren dat als een reactie. Als wraak. Maar zulke interpretaties leiden af van de kern van de film: de strategie die aan beide kanten werd gebruikt om civiele doelwitten te bombarderen. De film gaat om die destijds nieuwe vorm van oorlogsvoering.”

Er is al veel gezegd over hoe relevant en haast profetisch uw werk is in de context van de Russische aanval op Oekraïne. “Je moet je realiseren dat hier eigenlijk zelden bij is stilgestaan of op gereflecteerd — het idee van massavernietiging en bombardementen op burgers als legitieme vorm van oorlogsvoering. Er is te weinig publiek debat over geweest. Het essay van Sebald werd pas in 1999 gepubliceerd en de discussie die het uitlokte ging voornamelijk over hoe hij het mis had. Als we niet reflecteren op dit soort fenomenen, zullen ze ons blijven achtervolgen.
“En inderdaad: we gaan weer die kant op, al is het nog wel op kleinere schaal. Maar toch: we zagen dezelfde principes toen Rusland het Tsjetsjeense Grozny bombardeerde, of steden in Syrië. Voor velen van ons leek dat nog ver weg. Maar dezelfde soldaten die oefenden in Syrië vliegen nu over Oekraïens grondgebied.
“Het laat voor mij zien hoe kortzichtig we zijn. We zijn simpelweg niet in staat om te reflecteren op wat er in de wereld gebeurt. We nemen aan dat als iets zich ver weg afspeelt het ons niet kan raken, maar de wereld is een kleine plek geworden. Alles is verbonden. Wat we nu in Oekraïne zien, is afschuwelijk. Het benadrukt hoe hulpeloos we vaak zijn. In die zin voelt het alsof we tachtig jaar terug in de tijd zijn geslingerd.”

De vanuit de lucht geschoten beelden tijdens de bombardementen op Duitsland maken deze film bijzonder. Ik vroeg me af waarom deze beelden bestaan: zijn ze geschoten voor praktische, militaire doeleinden? Daarnaast is het opmerkelijk  hoe mooi de beelden ook zijn. Wanneer de bommen landen op nachtelijk Europa lijkt het nog het meeste op abstracte cinema. Er schuilt een zekere schoonheid in de horror van de verwoesting. “Die bombardementen zien er voor mij uit als een schilderij van Jackson Pollock. Wie weet putte hij hier ook wel inspiratie uit. Hoe dan ook, het beeldmateriaal werd inderdaad voor militaire doeleinden geschoten. We hebben zelfs materiaal gevonden met markeringen op het celluloid om bij te houden welke doelwitten werden getroffen. Toen we aan het monteren waren, nog voordat er een geluidsspoor onder zat, werd ik al getroffen door hoe krachtig en indrukwekkend het was. Ik dacht: ik kan de horror van de oorlog laten zien zonder er ook maar een woord aan vuil te maken. Het is alleen licht en duisternis. En daarmee is het ook de essentie van cinema. Dit is wat cinema doet met schaduw en licht: het provoceert, inspireert, brengt de verbeelding op gang. Cinema gebeurt in je hoofd, wanneer het beeld jouw verbeeldingskracht en fantasie aanwakkert.”


IDFA Special: The Natural History of Destruction | 8 juni | Tuschinski, Amsterdam
The Natural History of Destruction wordt op een later moment in de bioscoop uitgebracht; de releasedatum is nog niet bekend.