Three Revolutionary Films by Ousmane Sembène

Kolonialisme fileren met vlijmscherpe metaforen

Ceddo

In een prachtig vormgegeven blu-raybox brengt Criterion drie digitale restauraties uit van de ‘vader van de Afrikaanse film’ Ousmane Sembène.

“Met film bereik ik in één avond meer mensen dan een predikant in een moskee of kerk, of een politicus tijdens een verkiezingsbijeenkomst.” Literatuur was de grote liefde van Ousmane Sembène (1923-2007), maar de auteur en regisseur onderkende de kracht van film om een groot publiek te bereiken. Om verandering teweeg te brengen. “Zonder cultuur zijn mensen slechts spijsverteringskanalen.”

Sembène groeide op in Ziguinchor, een regio in Senegal (toen nog een kolonie van Frankrijk) die Samba Gadjigo in zijn biografie Ousmane Sembène: The Making of a Militant Artist beschrijft als een lappendeken van “mores, talen en mythen”.

Die biografie beschrijft Sembène’s leven tot aan het begin van zijn filmcarrière. Hoewel de films van Sembène niet autobiografisch zijn, zijn ze doordesemd van zijn levenservaringen. Zoals zijn tijd als infanterist in het Franse leger tijdens de Tweede Wereldoorlog en als havenarbeider in het Marseille van de jaren zestig. Ervaringen die hem vormden tot, zoals Richard Brody hem omschreef in The New Yorker, “wellicht de meest verfijnde retorische filmmaker ooit”.

Sembène’s films, waarvan er door Criterion drie zijn samengebracht in de blu-raybox ‘Three Revolutionary Films by Ousmane Sembène’, zijn satirische, bijtende commentaren op koloniale overheersing en op neokolonialisme, waarin het niet langer het lichaam is dat geketend is, maar het hoofd, zoals Sembène stelde in de documentaire Sembène: The Making of African Cinema. Meer dan op de witte mannen met hun tropenhelmen en linnen kostuums richt Sembène zich in zijn films op de Senegalezen zelf.

Emitaï

Zo toont hij in Emitaï (1971) het verzet van een dorp tegen het Franse leger, dat de mannen inlijft om te vechten in de Tweede Wereldoorlog en van de achtergebleven vrouwen eist dat ze hun rijstvoorraad overdragen. Die vrouwen slaan letterlijk en figuurlijk de deur dicht in het gezicht van die witte kolonisten. Emitaï kent satirische elementen, maar het is het soort satire waarbij de lach in de aanzet stokt.

Geregeld is Sembène in zijn films ook juist kritisch op de rol van zijn landgenoten. “Sembène nam politici nooit serieus en zette ze in al zijn films neer als overijverige collaborateurs van het koloniale bestuur”, schrijft Gadjigo bijvoorbeeld naar aanleiding van Xala (1975), dat zich vlak na de onafhankelijkheid in 1960 afspeelt. De film draait om een wisseling van de macht die in de praktijk vooral een wisseling van de portretten aan de muur blijkt. In de openingsscènes worden de witte borstbeelden op straat gezet (Sembène’s films zitten vol met dat soort metaforische miniatuurtjes), maar hoewel de koloniale machthebbers niet meer aan tafel zitten, zijn ze onmiskenbaar de poppenspelers die de marionetten aansturen.

Xala

Xala is een venijnige satire op een zwarte bovenklasse die aanschurkt tegen de witte machthebbers, zich wentelt in kapitalisme, en tegelijk vasthoudt aan conservatieve tradities, om zo elke vorm van revolutie in de kiem te smoren. Maar dat eten van twee walletjes wordt in Xala afgestraft in de vorm van een tot politicus gebombardeerde zakenman die tijdens de huwelijksnacht met zijn derde vrouw plots impotent is.

Xala werd in Senegal verboden, en hetzelfde gebeurde met opvolger Ceddo (1977). De film, die zich ergens in de achttiende eeuw afspeelt, draait om een botsing van geloofsovertuigingen en zit vol lang uitgesponnen discussies over bloedlijnen en geboorterecht. Maar daarbinnen toont Sembène zijn geraffineerde retoriek vooral in de shotcomposities. Let bijvoorbeeld op de witte mannen die zwijgend op de achtergrond aanwezig zijn. Wat Ceddo feilloos laat zien is hoe zij hun koloniale onderdrukkingspolitiek uitspelen via de bevolking, hun tradities en religies.

Sembène’s terughoudendheid zijn films op dvd uit te brengen (hij geloofde heilig in het grote doek), in combinatie met de blinde vlek die Afrikaanse cinema toch voor veel westerlingen is, maakt dat zijn oeuvre altijd wat in de obscuriteit is blijven steken. En dat is zonde. Met scherpe metaforen als fileermes ontleedt hij in zijn films de onderdrukking, verleiding en hypocrisie van het kolonialisme op even vileine als geestige wijze.


Three Revolutionary Films by Ousmane Sembène (Emitaï/Xala/Ceddo) is verkrijgbaar als blu-raybox (Criterion, import).