Fast and Furious

Hoe een kleine actiefilm heel Hollywood veranderde

Datum
01-07-2026
Verschenen in
Lees meer over

Fast X

In de afgelopen decennia verwerd Hollywood tot franchise-fabriek, zozeer dat we nu leiden aan franchise fatigue. Beide bewegingen worden perfect geïllustreerd door de Fast and Furious-filmreeks.

Al twintig jaar wordt de filmindustrie gedreven door franchises. Studio’s stapten in de 21ste eeuw massaal over van het ontwikkelen van originele scripts naar de doorlopende productie van herkenbare series. We denken hierbij het eerst aan grote merknamen als Marvel, Harry Potter en Star Wars. Maar de opkomst van filmfranchising wordt het beste geïllustreerd door de Fast and Furious-serie – een ongelooflijk succesvolle franchise die een onwaarschijnlijke wegbereider werd.

Vijfentwintig jaar later is het moeilijk voor te stellen, maar in 2001 was een film als The Fast and the Furious doodnormaal: een strakke zomerfilm met een bescheiden budget, gemaakt op basis van een origineel script, zonder grote sterren of befaamde regisseur. Het bleek een onverwacht grote hit bij jongeren, dus werden er meteen plannen gemaakt voor een vervolg. 2 Fast 2 Furious (2003) werd door critici weggehoond, maar deed de kassa’s opnieuw rinkelen.

Voor een derde film gooiden de producenten het over een andere boeg: The Fast and the Furious: Tokyo Drift (2006) veranderde de setting naar een middelbare school, om zo nog nadrukkelijker een tienerpubliek aan te spreken. En omdat de tweede film buiten de VS populairder bleek dan erbinnen, speelde het volgende race-avontuur zich af in Oost-Azië. Maar het mocht niet baten: zoals zo vaak met sequels in dit tijdperk was er weinig animo voor een derde poging om die eerste film in een andere setting nog eens dunnetjes over te doen.

In de jaren tachtig en negentig had dit zonder twijfel het einde voor de serie betekend. Grote blockbusters als Jaws (1975), Star Wars (1977), Superman (1978), Alien (1979), Back to the Future (1985) en Batman (1989) hadden laten zien dat je misschien nog twee of drie vervolgfilms kunt maken, maar dat het daarna snel ophoudt. Zomerfilms moesten op eigen benen kunnen staan, dus de meeste sequels vertelden geen doorlopend verhaal. Net als een televisieaflevering uit die tijd was een vervolgfilm eerder een kleine variatie op een formule, gemaakt voor een publiek dat de eerdere film(s) niet eens hoefde te kennen. Daar was de rek snel uit.

Fast & Furious 8

Doorlopende sage
Maar die productielogica begon in de eerste jaren van het nieuwe millennium te veranderen. De toon werd in 2001 gezet door twee grote fantasy-producties: Harry Potter and the Philopher’s Stone en The Lord of the Rings: The Fellowship of the Ring. Beide films waren doelbewust opgezet als eerste aflevering in een doorlopende sage. Het was een gedurfd experiment voor een risicomijdende industrie: zouden er genoeg mensen zijn die een kaartje kopen voor een film die een verhaal in gang zet, maar niet afsluit? En nog belangrijker: zouden ze in de jaren erop terugkomen voor het vervolg?

Het antwoord op beide vragen bleek een overweldigend ja. Door de opkomst van dvd kregen we gemakkelijk en goedkoop toegang tot filmhits die de filmzalen al hadden verlaten. Zo kon de release van een nieuwe film worden voorbereid door een nieuwe dvd-box waarmee je een opgelopen achterstand gemakkelijk in kon halen. En de verkoopcijfers van die dvd’s waren naast een belangrijke secundaire bron van inkomsten ook een handige graadmeter voor populariteit. Ook films als Tokyo Drift, die in de bioscoop weinig omzet hadden gedraaid, kregen op dvd een tweede kans om een succes te worden.

Met deze ontwikkelingen in het achterhoofd kwamen regisseur Justin Lin en acteur/producent Vin Diesel op een radicaal idee: we maken een nieuwe Fast and Furious-film die de franchise omvormt naar een doorlopend verhaal opgebouwd rondom een vast ensemble. De film die ze samen bedachten moest de meest geliefde personages uit de eerste drie films bij elkaar brengen in een sequel die de hele franchise een nieuwe richting en energie moest geven.

Fast and Furious (2008) werd een doorslaand succes. De fans die de eerdere films inmiddels talloze keren op dvd hadden gezien, verdrongen zich om te zien hoe de onsamenhangende eerdere films tot een min of meer coherent geheel werden gesmeed. Dat een personage dat in een eerdere film dood was gegaan hiervoor weer tot leven moest worden gewekt, maakte de pret alleen maar groter: nu betekende dit opeens dat die sterfscène in een onbestemde toekomst speelde, en konden er grapjes gemaakt worden over het zwaard van Damocles dat hem boven het hoofd hing.

Inmiddels was het onafhankelijke Marvel Studios begonnen aan een nog ambitieuzer project. Iron Man (2008) moest het startschot worden voor een cinematic universe, waarin losstaande verhalen over individuele superhelden zouden worden afgewisseld met grootschalige cross-overs die verhaallijnen bij elkaar brachten. Deze aanpak bleek in dit veranderende klimaat enorm aan te slaan: naarmate de filmcyclus vorderde, groeide het aantal films samen met de financiële omzet.

Deze dramatische verschuiving was nergens duidelijker zichtbaar dan bij de Fast and Furious-reeks. De vierde film bracht al meer op dan de voorgaande drie, en de volgende drie afleveringen zetten deze stijgende lijn op spectaculaire wijze voort. Financieel gezien bereikte de franchise een hoogtepunt met Furious 7 (2015), de film waarin afscheid werd genomen van Paul Walker, de ster van het eerste uur die tijdens de productie door een tragisch ongeluk om het leven kwam.

Misschien was dat een mooi moment geweest om deze sage vol snelle auto’s en mooie mensen tot een einde te brengen. Het waardige slotakkoord van die film was de perfecte afsluiting van een onwaarschijnlijk succesverhaal, en de magere formule begon inmiddels toch echt sleets te raken.

Maar zo werkt Hollywood niet. Fast and Furious was in de laatste tien jaren uitgegroeid tot de meest succesvolle franchise van Universal Studios, die moest concurreren met Marvel, Star Wars, Star Trek, Transformers, Harry Potter, Twilight, Planet of the Apes en ga zo maar door. “Go big or go home”, was het nieuwe motto in de entertainmentwereld. Dus ook deze trein moest voort blijven denderen.

Van 2015 tot 2020 leek het dan ook alsof het franchise-model onvermoeibaar was: elk jaar werden nieuwe records gebroken door mega-blockbusters als The Force Awakens (2015) en Black Panther (2018), waardoor kleinere producties steeds verder naar de marges werden gedrukt. Wie een originele film wilde zien, werd steeds nadrukkelijker naar het aanbod van de streamingdiensten verwezen.

Maar zoals wel vaker, kwam hoogmoed toch voor de val. Vlak nadat de wereldwijde hegemonie van Disney’s franchising-model met Avengers: Endgame (2019) de Marvel-films tot een spectaculaire climax bracht, werd de hele sector in crisis gestort door de wereldwijde covid-pandemie. Toen de bioscopen eindelijk weer opengingen en de vele uitgestelde mega-blockbusters werden uitgerold, bleek de belangstelling flink te zijn afgenomen.

Pitstop
Fast X (2023) moest de franchise weer op de rit krijgen, maar deze megalomane monsterproductie leverde te weinig op om het budget van een slordige 500 miljoen dollar te rechtvaardigen. Sindsdien maakt de franchise een langdurige pitstop, terwijl de producenten zich bezinnen op een doorstart die de oude glans hopelijk weer herstelt.

Maar het franchise-tijdperk lijkt zijn beste tijd te hebben gehad. Nu we herhaaldelijk hebben gezien dat ook grote merknamen als Indiana Jones, Harry Potter en Star Wars geen garantie geven voor succes, neemt het aantal mega-blockbusters in de zalen weer af. Inmiddels lijkt de volgende aardverschuiving alweer plaats te hebben gevonden: terwijl de eerste Star Wars-film in zeven jaar vorige maand met onverschilligheid werd ontvangen, scoorden twee piepjonge filmmakers enorme hits met Backrooms en Obsession.

Krijgen we in Hollywood nu opnieuw een opleving van originele, kritische en onafhankelijke films, zoals we eind jaren zestig zagen met de opkomst van de Movie Brats? Of worden de hitfilms van de YouTube-generatie een voedingsbodem voor de volgende variatie op het blockbuster-model? De fascinerende geschiedenis van de Fast and Furious-franchise toont bovenal aan dat de grote veranderingen in Hollywood eigenlijk alleen goed zichtbaar zijn in de achteruitkijkspiegel.


Fast and Furious Franchising: How the Serialized Blockbuster Remade Hollywood Dan Hassler-Forest | 2026, University of Minnesota Press, Minnesota | 240 pagina’s | €24,99