David Verbeek en Jessica Reynolds over The Wolf, the Fox and The Leopard
‘Iemands verhaal vóór hen vertellen is een daad van geweld’
David Verbeek (links) en Jessica Reynolds. Foto: André Bakker
Drie dierennamen figureren in de titel van David Verbeeks nieuwste film: een weerspannige fabel die zichzelf in de staart bijt. “Het hele punt van deze film is: misschien is de mensheid niet het centrum.”
Vlak voordat ze de film op IFFR voor het eerst aan het Nederlandse publiek toonden, ontmoette ik regisseur David Verbeek en hoofdrolspeler Jessica Reynolds om met hen te spreken over The Wolf, the Fox and the Leopard, een eco-apocalyptisch sprookje dat zich deels afspeelt op een afgeschreven boorplatform.
Hoewel er onder meer een opvallende rol is voor filmauteur Naomi Kawase, steelt Reynolds (Kneecap, 2024) de show. Op spectaculaire wijze transformeert zij in de film van een wolfskind tot een perfect op de normen van de hedendaagse consumptiemaatschappij afgerichte jongvolwassene, met een zweem van Scarlett Johanssons alien in Under the Skin (2013).
Op de vraag wat haar eerste gedachte was toen ze het script onder ogen kreeg, antwoordt ze: “Dit wordt verschrikkelijk, of echt heel interessant.”
Voor Verbeek is het zijn grootste productie tot nu toe, en op het eerste gezicht betreedt hij met deze film weer heel nieuw terrein. Toch vallen er lijnen te trekken naar films als R U There (2010), How to Describe a Cloud (2013) en Full Contact (2015), films die onze relatie onderzoeken met de wereld waarin we leven, en de lagen van taal en technologie die we tussen onszelf en de realiteit plaatsen.

“De kiem van deze film was dat ik ontzettend geïnteresseerd was in wolfskinderen”, vertelt hij als ik naar die terugkerende thematiek in zijn films verwijs. “Wat is de essentie van mens-zijn, als je de programmering achterwege laat? Wat zou zo’n verhaal nu betekenen, met ons evoluerende begrip van de voetafdruk van onze samenleving op de planeet? En hoe ziet de confrontatie eruit tussen dat pure, aangeboren gevoel van zijn dat zij heeft en onze wereld die gedreven wordt door narratieven? De film legt meedogenloos bloot dat narratie, en vooral iemands verhaal vóór hen vertellen, een daad van geweld is. Haar omstandigheden in de natuur zijn wreed, traumatiserend. Maar wat daar niet was, is storytelling. Ze hoefde geen verhaal te maken van haar leven, het gebeurde gewoon. Dat was waar we in de performance vooral aan werkten: Jessica moest die staat bereiken.”
Hoe deed je dat, Jessica? JR: “Meditatie, en improvisaties – een uur lang alleen in het bos, een mango etend met mijn handen, het bos helemaal tot me door laten dringen. Ik keek naar de bomen vanuit een hoek waaronder ik ze nog nooit had gezien, ik zag hoeveel diepte er is in de tekening op een stuk schors, of een blad. Het brengt je terug naar iets kinderlijks, alles is zó interessant en opwindend. Het was pure aanwezigheid. Compleet het tegendeel van de wereld van nu.
“Ik kreeg een hoop vrijheid en tijd om verschillende delen van het personage op te bouwen. Een ervan was gebaseerd op mijn twee jaar oude neefje, een ander op een vrouw die een hersenbloeding had gehad. Me baseren op een kind van twee dat als een spons de wereld opzuigt was waarschijnlijk de meest simpele, directe keuze. Ik observeerde bijvoorbeeld dat kinderen tussen nul en twee jaar altijd hun mond open hebben. Later leer je je mond netjes dicht te doen, maar mijn personage zou dat nooit geleerd hebben. Het was een kwestie van de lelijkheid toelaten, en puur instinct.”
Klinkt heel bevrijdend, zo’n proces. JR: “Het was schitterend! Het heeft me geopend, veranderd – ten goede. Al is het wel lastig om het vast te houden.”
Je trok ook een week lang op met een roedel wolven. Wat stak je daarvan op? JR: “Wolven worden erg gestigmatiseerd, daardoor vond ik het eerst eng. Maar al na vijf minuten was ik alleen nog maar vol ontzag voor ze. Ik wilde hun bevestiging, ik wilde dat ze me in de groep opnamen en ik probeerde uit te vinden waar ik in de hiërarchie paste. Die week was een van de belangrijkste weken van mijn leven. De wolven leren kennen was een sprookje op zich.”
De film zelf kun je een modern sprookje noemen, of een fabel – het is lastig om niet in verhaalvormen te denken. David, hoe stel je dat mechanisme ter discussie in een film die zelf ook weer een verhaal vertelt? DV: “Mijn aanpak was: het publiek iets te laten zien dat al hun ideeën over vertelstructuur afbreekt. Door de film te beginnen met een valse protagonist en met een verteller in een taal die niet de eigenlijke taal van de film is. Waar de film naartoe gaat, verschuift telkens. En uiteindelijk moet onze hoofdpersoon de verteller doden, het verhaal zelf doden.
“Het hele onderwerp van onze relatie met de natuur en klimaatverandering vraagt om een compleet andere manier van denken. Het narratief waarin wij als mensen onze balans met de natuur gaan hervinden zet ons opnieuw in het middelpunt van het verhaal. Het hele punt van deze film is: misschien is de mensheid niet het centrum. Jessica’s personage stond voor mij altijd voor de natuur. Ik laat zien dat een ‘natuurlijke’ mens waarschijnlijk geen mens wil zijn op onze voorwaarden, maar op haar eigen voorwaarden. Misschien ziet dat er niet uit zoals wij het zouden willen. Maar als je het over klimaatverandering wil hebben, is het nodig dat mensen zich ongemakkelijk gaan voelen over onze hele manier van denken. Daarom is het een radicale film.”
Vertaalt je gevoel van urgentie over dit onderwerp zich ook naar de manier waarop je de film hebt gemaakt? DV: “Ik denk dat we er in dat opzicht slecht op staan, want we hebben deze film helemaal niet klein of lokaal gemaakt, we vlogen voortdurend overal heen. Ook omdat het systeem op die manier is georganiseerd. Als je een film wilt maken met een groter budget, dan ben je afhankelijk van coproductie, met de verplichting om dit hier, en dat daar uit te geven. Een film als deze maken op een gelokaliseerde manier kan niet.
“We hebben wel wat geprobeerd, maar het zou hypocriet zijn om te zeggen dat we echt ons best hebben gedaan om onze voetafdruk te beperken. Als ik naar mijn eigen leven kijk, ben ik ook niet iemand die geen vliegtuigen neemt. Mijn leven is verdeeld tussen Europa en Azië – dat is hoe ik voel dat ik mijn leven moet leven. Maar wat we met de film proberen te doen is het tot onderwerp maken. Als de film mensen erover aan het denken zet, hoop ik dat het doel de middelen heiligt.
“Ik denk dat de film op een bepaalde manier nu relevanter en noodzakelijker is dan toen we hem aan het maken waren, juist omdat het hele probleem van klimaatverandering uit het openbare discours is verdwenen. We hebben het nu, opnieuw, alleen nog maar over elkaar opblazen. En over AI, waar we hard naartoe bewegen, maar wat natuurlijk enorme hoeveelheden water en stroom verbruikt. Wat betreft klimaatverandering is er zo’n overweldigende push in de verkeerde richting dat ik het heel moeilijk vind om te denken dat ik iets kan doen als ik een energiezuinige lamp inschroef. Daarom hoop ik – daarom wil ik heel graag denken – dat deze film op zijn minst iets openbreekt in de hoofden van mensen. Iets wat niet specifiek gaat over dat je vegetarisch moet zijn of zus of zo moet doen, maar van je vraagt dat je er echt over nadenkt. Als we de klimaatcrisis willen tackelen is er een spirituele verschuiving vereist. Helaas is dat absoluut niet aan het gebeuren.”
The Wolf, the Fox and The Leopard draait vanaf 16 april 2026 in de bioscoop.