BILLY’S BAD

Gekweld door sadistische stemmen in het hoofd

  • Datum 06-10-2010
  • Auteur
  • Gerelateerde Films BILLY’S BAD
  • Regie
    Hidde Simons
    Te zien vanaf
    01-01-2001
    Land
    Nederland/Verenigde Staten
  • Deel dit artikel

Dreigende zelfdestructie

Voor een habbekrats maakten twee Amsterdamse guerillafilmers de film Billy’s bad, over een man met stemmen in zijn hoofd.

Een volledig Engels gesproken Amerikaans-Nederlandse coproductie maken die zijn wereldpremière beleeft op een groots opgezet festival in New York. Dat waar veel jonge Nederlandse filmmakers slechts van kunnen dromen, verwezenlijkten de Amsterdamse guerillafilmers Joggem & Hidde Simons. Met een internationale cast en crew van meer dan dertig man voltooiden zij geheel op eigen kracht de digitaal gedraaide lowbudgetproductie Billy’s bad. De nijvere broertjes verzamelden een groep van jonge, veelal net afgestudeerde filmmakers die graag voor een appel en een ei mee wilden werken aan het ambitieuze project.
Het bont gekleurde tableau, wiens leden eerder onder diverse noemers ervaring opdeden in producties van Eddy Terstall, Tjebbo Penning, Wim T. Schippers, Dick Maas, Jackie Chan, Paul Ruven en Burt Reynolds, werkte een klein jaar keihard om de droom van een ‘eigen film’ te kunnen realiseren. De Amerikaanse standup-comedian Tim Ward (die halverwege de jaren negentig de wereldpers haalde door tijdens een optreden prins Rainier van Monaco zo gruwelijk te beledigen dat Zijne Koninklijke Hoogheid de komiek in het gezicht sloeg) werd gestrikt voor de hoofdrol, zangeres Mathilde Santing en de band Johan zegden toe de titelsong in te zingen en musicalster Bill van Dijk wilde wel als grote naam op komen draven om een veredelde bijrol als drugsbaron in te vullen. Met de steun van familie, kennissen en vrienden, die woonruimte, draailocaties en materieel ter beschikking stelden, werd voor minder dan tienduizend euro een film gemaakt die in september in hartje New York op het Moviepalooza Filmfestival zijn internationale première beleefde.

Amateurgevoel
De film vertelt het verhaal van Billy (Tim Ward), een goedzakkige maar wat labiele kruising tussen neef Rik uit Sesamstraat en de Australische seriemoordenaar Chopper zoals Eric Bana hem recent zo briljant vertolkte. De arme man wordt gekweld door stemmen in zijn hoofd, functioneel verbeeld door de twee sadistische karakters Blue en Yellow die geen moment van zijn zijde wijken en die hem aanzetten tot (zoals de persmap stelt) ‘alles wat God verboden heeft’. Uiteindelijk zullen die stemmen zelfs leiden tot ‘totale zelfdestructie’, en ten einde raad zoekt Billy hulp bij zijn Amsterdamse broer Jack (Jefferson Arca), een drugsdealer die door Billy’s onvoorspelbare kuren in de problemen komt met de meedogenloze Mister Krause (Bill van Dijk).
Het aanstekelijke enthousiasme, alle capabele jonge krachten, alle ‘celebrities’ en alle liefdevolle goede bedoelingen ten spijt, ontstijgt Billy’s bad slechts een paar momenten het aimabele amateurgevoel dat de film voornamelijk oproept. Enkele scènes getuigen zeker van talent en inventiviteit (met een pluim voor de uiterst koddige bijrol van musicalzangeres Biellie-Dee Leeuwis als potige vrouwelijke handlanger van Krause), maar vaker oogt het acteerwerk als schooltoneel. Hoewel ook in camerawerk, regie en montage zichtbaar is geprobeerd zoveel mogelijk variatie aan te brengen, is het de filmmakers nauwelijks gelukt de talloze lowbudget-beperkingen het hoofd te bieden. Zeker de paar scènes waarin seks een rol speelt, roepen te veel het krakkemikkige pornowerk in herinnering dat elke zaterdagnacht de commerciële kanalen vult.

Robbert Blokland