Wendy

Eigen frequentie

Wendy

Benh Zeitlin verliest niets van zijn eigen­heid met tweede film Wendy, een heer­lijk rafelige hervertelling van de mythe van Peter Pan vanuit het pers­pec­tief van Wendy.

“Op tijgerjacht gaan”, zo omschreef Benh Zeitlin zijn manier van filmmaken ooit. Waarbij de jacht zelf vele malen belangrijker is dan de trofee waarmee je thuiskomt – het maken an sich dus belangrijker dan de film die daaruit voortkomt.

Die instelling levert een bepaald soort films op – films als Beasts of the Southern Wild, Zeitlins overrompelende debuut uit 2012, en Wendy, de langverwachte opvolger. Rafelige, springerige films die barsten van de energie en overlopen van de ideeën. Energie die soms ook uit de band springt, ideeën die soms niet tot wasdom komen. Maar dat doet niets af aan de rijkheid en eigenzinnigheid van de films.

Wendy bestaat dankzij het enorme succes van Beasts of the Southern Wild, een onafhankelijk geproduceerd speelfilmdebuut dat vanuit het niets vier Oscar-nominaties binnensleepte. Toen vervolgens alle deuren in Hollywood voor Zeitlin open stonden, besloot hij om de plotseling ontstane mogelijkheden te benutten om de moeilijkste film te maken die hij kon bedenken. Een film, bovendien, die hij in zekere zin al sinds zijn vroege jeugd met zich mee droeg. Een hervertelling van het verhaal van Peter Pan, de jeugdheld van Zeitlin en zijn zus Eliza, die samen met hem het scenario van Wendy schreef en ook het production design voor de film deed. Een hervertelling die het verhaal verplaatst naar (een tijdloze versie van) het hedendaagse Amerikaanse zuiden. En een hervertelling vanuit het perspectief van Wendy (Devin France), die hier niet, zoals in J.M. Barrie’s oorspronkelijke verhaal, aan de zijlijn als de “moeder” van de Lost Boys afwacht tot zij terugkeren van hun avonturen, maar juist zelf de meest avontuurlijke is.

Wendy en haar tweelingbroers wonen in Zeitlins versie in een stoffig Amerikaans stadje, boven een diner aan een spooremplacement. Op een dag springen de drie kinderen op een van de treinen die er almaar passeren, achter een schimmige figuur aan en het avontuur tegemoet. Die schim is natuurlijk Peter Pan (Yashua Mack), en ze komen terecht in Neverland, waar kinderen nooit volwassen worden. In de basis dus hetzelfde verhaal, maar Zeitlin het volledig naar zijn hand. Het resultaat is niet altijd even coherent, maar absoluut aanstekelijk in zijn onvoorspelbare energie.

Dat bleek niet overal goed te vallen. Zo jubelend als Beasts of the Southern Wild destijds door Amerikaanse critici werd ontvangen, zo lauwtjes werd er gereageerd op Wendy na de première op Sundance begin 2020. Voornaamste kritiek: Zeitlin doet gewoon weer hetzelfde als in zijn debuut. De wereld op zijn kop natuurlijk: een filmauteur kwalijk nemen dat hij een duidelijk herkenbaar signatuur heeft. Wendy is inderdaad gemaakt in dezelfde geest als Beasts of the Southern Wild, met dezelfde branie, maar nog grootser bedacht en dus zowel eigenzinniger als roekelozer. Voor wie mee kan deinen op Zeitlins frequentie, is dat een uniek plezier.