THE NEW WORLD

Roze ganzenveer

  • Datum 04-01-2011
  • Auteur
  • Gerelateerde Films THE NEW WORLD
  • Regie
    Terrence Malick
    Te zien vanaf
    01-01-2005
    Land
    Verenigde Staten
  • Deel dit artikel

Zeven jaar na The thin red line is er met de meesterlijke Pocahontas-bewerking The new world eindelijk weer een film van Terrence Malick.

Terrence Malick is een van ’s Hollywoods best bewaarde geheimen. Sinds zijn fenomenale debuut Badlands (1973) heeft hij geen interviews gegeven. Documentaires over zijn oeuvre moeten het zonder hem stellen, en ook in de persmap van zijn vierde (!) film The new world leren we hem enkel kennen via de verhalen van anderen. Malick geldt als een van de belangrijkste en meest visionaire regisseurs ter wereld; meer dan bij wie ook zul je zijn films moeten bekijken om dit te begrijpen.
Alsof je geblinddoekt hand in hand door hem wordt geleid, voert Malick je zijn nieuwe wereld binnen. Net als bij de eerste scène van The thin red line (1998) gaat die blinddoek langzaam af aan de waterkant. Nauwelijks rimpelend water, waarin nog net de reflectie van het groene vasteland valt te zien. Zacht voegt zich muziek bij de krekels en vogels op de soundtrack: het minutenlang aangehouden, steeds luidere orgelpunt van Wagners Rheingold-Prelude, dat de nu snel wisselende beelden met leven vult zoals de wereld kleur krijgt bij zonsopkomst. Van onder gefilmde zwemmers, naakte silhouetten in glinsterend blauw, en dan boven water indianen die met elkaar dansen en lachen in wat klinkt en oogt als het aards paradijs.
Dat paradijs heeft Malick al drie keer eerder bezocht. In Badlands is het de boomhut die het seriemoordende liefdeskoppel voor zichzelf heeft gebouwd, in Days of heaven (1978) heeft het de goudgele kleur van graanvelden, en in The thin red line hervindt een WOII-soldaat zijn ziel tussen Polynesische eilandbewoners. Maar welke vorm het paradijs ook aanneemt, stand houdt het bij Malick nooit. Wanneer de indianen in The new world zien hoe twee schepen vol Engelse kolonisten de kreek binnenvaren, hoe de ene nieuwe wereld de andere binnendringt, is dat als Eva die de slang gadeslaat voordat hij tot haar gesproken heeft. Wat een contrast met de 17e-eeuwse prenten die als achtergrond dienen voor de credits, van moordzuchtige barbaren die hun beschaafde bezoekers met tomahawks aan mootjes hakken.
Zoals Eva niet wist welk kwaad ze over zichzelf en haar nazaten afriep door naar de slang te luisteren, zo kunnen Malicks indianen de gevolgen niet inschatten van hun contact met de Engelsen. Hoewel het stamhoofd een met westerlingen gedeelde toekomst vreest, sluit hij vrede met hen, en dochterlief brengt in de strenge winter op eigen houtje voedselvoorraden naar de nederzetting. Maar de liefde is dan ook al lang in het spel. Het meisje en de Engelse aanvoerder John Smith zijn totaal aan elkaar verslingerd, zeker nadat hij maanden op staatsbezoek bij haar stam is blijven plakken. Schijnbaar eindeloze dagen waarin hij zich tooide met veren en tatoeages en zij Engels leerde spreken, waarin het paradijs háár koffiebruine Modigliani-gezicht en háár hertachtige lichaam kreeg. En het was met al dat flonkerende groen en heldere water al te mooi om waar te zijn.

Spin
Te mooi en te romantisch, zou je cynisch kunnen zeggen. Maar deze bewerking van de Pocahontas-geschiedenis — omdat de indianenprinses nooit bij naam wordt genoemd zou je daar pas bij de aftiteling achter kunnen komen — beweert nergens een authentiek portret van een voorbije beschaving te zijn. Je ziet dit Eden door de verliefde ogen van Smith, en hoort vertellen wat hij destijds met een roze ganzenveer in zijn schrift noteerde. De ‘naturals’ kenden volgens hem geen hebzucht, geen egoïsme en geen haat. Wat een verschil met zijn eigen wereld, zoals blijkt bij zijn terugkeer naar de kolonie: is buiten de omheining alles groen en vruchtbaar, binnen kleurt de wereld direct somber grijs en zuigt de moddergrond aan Smiths voeten. Logisch, want Pocahontas is daar niet!
Kun je iemand die net de liefde van zijn leven ervaart, op zijn getuigenissen geloven? Dat kan niet, maar het mag wél. En Malick doet het. Stemmen voeren ons van herinnering naar overweging, van gedachte naar gevoel, terwijl Malick op zijn eigen unieke wijze de betekenis van elk spiritueel of romantisch woord verdiept met schijnbaar zomaar een beeld van schijnbaar zomaar een boom, een spin op een blad, wat spelende indianenkinderen, een al lang voorbije kus.
Van keurig afgebakende scènes is geen sprake meer; The new world is eerder een mooie, maar ook droeve en af en toe door grof geweld opgeschrikte droom die de ene dromer als in een estafette aan de andere overdraagt. Wanneer de indianenprinses in Engeland op audiëntie gaat bij Koningin Elizabeth, wordt zelfs de meest statige kasteeltuin zo groen en spannend als het oerwoud, terwijl elke stap die zij zet doet denken aan haar eerste wandelingen met Smith. En zo gaat in Malicks vierde en hopelijk nog lang niet laatste meesterwerk de ene wereld onherroepelijk verloren, terwijl de andere zichzelf voortdurend vernieuwt.

Kevin Toma