TERMINUS PARADIS

De overeenkomst tussen mensen en varkens

  • Datum 07-02-2011
  • Auteur
  • Gerelateerde Films TERMINUS PARADIS
  • Regie
    Lucian Pintilie
    Te zien vanaf
    01-01-1998
    Land
    Frankrijk/Roemenië
  • Deel dit artikel

Dorina Chiriac (l.): De Roemeense Christina Ricci

Wat doe je als je de vrouw van je leven aan de overkant van de straat ziet staan? Je vraagt haar om een glaasje wodka met je te komen drinken. Maar zoals de Roemeense regisseur Lucian Pintilie in Terminus paradis laat zien, zijn er meer obstakels voor de liefde dan alleen het voorbijrazende verkeer.

Eerst staat er één man op de brug, met een fiets. Hij leunt en kijkt. Langzamerhand groeit het gezelschap dat ziet hoe leger en politie met behulp van een helicopter de achtervolging op een man inzetten. Als hij eenmaal onschadelijk is gemaakt, juicht het publiek en het klapt, alsof ze zojuist een filmopname hebben gadegeslagen, of getuige zijn geweest van de vangst van een supercrimineel.
Door de afloop van deze scène ben je als toeschouwer meteen op je hoede. Dit is Roemenië, een land waarin ook na de val van Ceaucescu militair vertoon macht en autoriteit moet uitstralen. Ook als dat niet altijd automatisch gekoppeld is aan recht en moraal.
De Roemeense regisseur Lucian Pintilie is in ons land niet helemaal onbekend. Begin jaren negentig waren zijn films Le chène en Un été inoubliable hier bescheiden filmhuissuccessen. Le chène was de eerste film die Pintilie na zeventien jaar in ballingschap in Frankrijk te hebben geleef, weer in Roemenië maakte. In tegenstelling tot voornoemde films, speelt de politieke situatie rond de val van Ceaucescu in Terminus paradis nog slechts zijdelings een rol. Leidraad is de liefdesgeschiedenis tussen de opstandige zatlap Miti en het bijdehandte straatmeisje Norica (gespeeld door Dorina Chiriac, de Roemeense Christina Ricci, wat kan die meid haar norse ogen ondeugend laten twinkelen).

Roemeense rap
Miti is een varkensboer die zijn laatste dag doorbrengt voordat hij voor twee jaar verplicht in dienst moet. Norica is een hartverwarmende opportuniste, die eigenlijk verloofd is met een vadsige snackbarhouder, maar met veel stoere ‘je kan me toch niet krijgen’-charme voor Miti’s verleidingspoging valt.
De ‘amour fou’ van de twee jonge mensen, de ontredderde maatschappij waarin zij leven, nu alle zekerheden van het communisme zijn weggevallen, de armoede; ze zijn door Pintilie met evenveel ernst als laconie verfilmd. Zijn cameravoering is vrij statisch, alsof het kader de plaats van de lijst van het toneel heeft ingenomen. Af en toe bevriest de handeling, waarop de stem van een van de personages (meestal Miti) als een Brechtiaanse verteller, ‘verklaart’ hoezeer mensen bijvoorbeeld op varkens lijken en andersom. Of waarna een complete familie in een Roemeense rap uitbarst.
Verwant aan het magisch realisme van Emir Kusturica, verliest Pintilie nergens uit het oog, hoe de maatschappelijke en sociale kleuren van zijn geboorteland eruit zien. Wat dat betreft zijn de scènes waarin Miti en Norica elkaar ontmoeten en verliezen exemplarisch. Ze zijn gescheiden door een weg waarover het verkeer voortraast, zoals de weinige doorgaande wegen in Roemenië inderdaad altijd met verkeer beladen zijn: hooikarren, afgekeurde stadsbussen uit West-Europa, rokende vrachtwagens. Tussen de auto’s door zien we steeds hun gezichten: lachen, lonken, verlegen kijken en elke keer dendert er weer een voertuig als een montage-schnitt voorbij. Zou hij er straks nog staan? Of zij? Hoe zal het met deze twee koningskinderen gescheiden door hun diep aflopen?

Dana Linssen