World Wide Angle (NL) – 8 juni 2011

  • Datum 08-06-2011
  • Auteur
  • Deel dit artikel

VERTIGO

De Australische filmcriticus Adrian Martin schuimt het wereldwijde web af. Hij becommentarieert opvallende discussies en tendensen rond films en filmmakers, in webzines en blogs. Deze maand de 42ste aflevering: ‘De critici vonden’.

We weten allemaal hoe de clichés van vandaag de complexe, diverse realiteiten van gisteren versimpelen: hoe de Middeleeuwen, of de Barok, of het Belle Epoque, of de jaren zestig gereduceerd worden tot een enkel, dominant ‘narratief beeld’, met nog maar één sfeer en betekenis. Allemaal schudden we de hoofden en zeggen we ‘nou-nou’ naar die gemedialiseerde, stereotype onzin.
Dus komt het altijd als een kleine schok wanneer een variant op die luie geesteshouding in het filmkritieke discours binnensluipt. Ik heb het over die handzame versimpeling wanneer we het hebben over de ontvangst (positief of negatief) van een of andere film uit het verleden, die begint met drie kleine, onheilspellende woorden: "De critici vonden …". En wanneer, in dit gebaar van geschieds-citering en mythevorming, de critici zeggen wat ze dan ook gezegd zouden hebben, dan zeggen ze altijd eensluidend hetzelfde. ‘De critici’ vonden vertigo maar niks toen die verscheen. ‘De critici’ hielden van the godfather. ‘De critici’ schreven lola montès in 1955 de grond in. ‘De critici’ werden helemaal wild van eternal sunshine of the spotless mind. George Romero’s night of the living dead, nu een cultklassieker, werd ooit veracht door ‘de critici’. Enzovoort, enzovoort…
Het maartnummer van Sight and Sound bevatte een typisch onbezonnen voorbeeld van dit proces. In een verder interessant artikel over François Truffauts relatie met Groot-Brittannië (en vice versa) wordt ons verteld dat, na jules et jim, ‘de critici’ in Groot-Brittannië niet zo dol waren op de films van de regisseur. Wat? In de periode die het artikel beschrijft, verschenen in Engeland verschillende boeken over deze filmauteur; Raymond Durgnat besteedde in z’n Nouvelle Vague: The First Decade uit 1963 tien goed beredeneerde pagina’s aan de man. Hoe kon al dat cinefiele werk ontsnapt zijn aan de aandacht van de historicus?
‘Reception studies’ zijn inmiddels een belangrijk onderdeel geworden van het uitgebreide repertoire van filmanalyse. We willen weten hoe smaken gevormd worden of veranderen, hoe canons groeien of uit elkaar vallen, hoe de lotgevallen van films en regisseurs veranderen dankzij re-releases en herevaluaties. Oké, dat is allemaal goed en wel. Maar ‘receptiestudies’ lijken vaak de weg te nemen van reducerend punten scoren: die critici van vervlogen tijden wisten niks — of soms hadden ‘ze’ het goed. Maar wie zijn ‘ze’ precies? Hoe wordt iemand geteld als ‘een criticus’ in dit retrospectieve systeem?
Helaas is deze ‘kritische consensus’, fijngekookt en opgeserveerd, voornamelijk gebaseerd op selecties uit populaire media. Een paar grote kranten, plus misschien een nationaal ‘archiefmedium’ (zoals Sight and Sound, of z’n verdwenen broertje Monthly Film Bulletin). Plus Variety voor wat twijfelachtige ‘internationale’ smaak. De betreurenswaardige website Rotten Tomatoes is gewijd aan de instant-verankering van de populaire consensus, becijferd tot vormloze zinloosheid.
Ik denk aan Australië in, bijvoorbeeld, 1980. Stel dat je zou willen weten wat ‘de critici’ in dat jaar vonden van een bepaalde film, lokaal of anderszins. Waar ga je dan kijken? Naar een of ander terecht vergeten achterhoedefiguur in dagblad The Age, of naar een middlebrow geschreven stuk literaire kritiek in het gesubsidieerde tijdschrift Cinema Papers? Ik herinner me heel goed dat echte filmkritiek, echte cinefilie en echte meningsverschillen — toen en nu — ergens anders gezocht moesten worden: in kleine tijdschriften, underground scenes, en in filmfestivaldiscussies. Waarvan veel niet bewaard bleef voor het nageslacht, buiten de herinneringen van degenen die het — toen en nu — iets kon schelen.
Tenzij we de versplinterde ‘micro-geschiedenis’ van zulke filmische debatten gaan beschrijven, blijven we ons eigen verleden platstampen, als kijkers en als critici, tot er alleen een dorre woestenij over is.

Adrian Martin | vertaling Ronald Rovers

Geschreven door