Velvet Buzzsaw

Afrekening met de kunstwereld

  • Datum 27-02-2019
  • Auteur Hugo Emmerzael
  • Gerelateerde Films Velvet Buzzsaw
  • Regie
    Dan Gilroy
    Te zien vanaf
    01-01-1970
    Land
    Verenigde Staten, 2019
  • Deel dit artikel

De nieuwe film van Nightcrawler-regisseur Dan Gilroy is een bizarre combinatie van satire, horror en kritiek. Jake Gyllenhaal speelt een arrogante kunstcriticus die de letterlijk bloeddorstige kunst van een overleden schilder de wereld in helpt.

Als zoon van een gerenommeerd toneelschrijver en gevierd beeldhouwer is regisseur en scenarist Dan Gilroy geen vreemde in de artistieke kringen van California. Na zijn griezelige regiedebuuthit Nightcrawler (2014) en het pijnlijk middelmatige juridische drama Roman J. Israel, Esq. (2017) rekent hij in zijn derde speelfilm Velvet Buzz­saw af met die kunstelite. Letterlijk: Gilroys derde is een vreemde combinatie van satire, horror en kritiek, waarin vooral de criticus en de curator het moeten ontgelden. Jake Gyllenhaal speelt Morf Vandewalt, zo’n LA-kunstcriticus met een benijdenswaardige reputatie en dito inkomen en biseksueel liefdesleven. In de openingsscène op de Art Basel van Miami roept hij een doodvonnis uit over kunstwerk Hoboman: “Geen originaliteit. Geen moed. Mijn mening.” Daarna verzamelt het kunstwerk, een gerobotiseerde zwerver met AI, stof in een kelderbox langs Mulholland Drive.

Gilroy zet deze kunstscene neer als een hypercompetitieve, marktgedreven kapitaalmachine waarin niemand het meer doet voor de kunst. “Ik ben de witte ruimtes zat”, verzucht Rhodora (Rene Russo, vrouw van Gilroy), de steenrijke kunsthandelaar die de museale wereld in een houdgreep heeft. Tijd dus voor nieuw bloed. Dat stroomt binnen dankzij de verontrustende verfstreken van Vetril Dease, de overleden buurman van Morfs vriendin Josephina (Zawe Ashton). Dease is als de Van Gogh van onze tijd: een getroebleerd genie, pas ontdekt na zijn dood. Josephina, Rhodora en Morf duiken op zijn grimmige nalatenschap, creëren kunstmatige schaarste op de markt en vullen hun zakken. Kunstkapitalisme ten top, maar dan met een venijnige twist.

Gilroys kritiek is een gesimplificeerde versie van die uit Sidney Lumets Network (1976). Daarin exploiteert een televisienetwerk zijn doorgedraaide presentator voor nog hogere kijkcijfers. De hoge piefen zijn geobsedeerd door resultaat. Net als in Velvet Buzzsaw praten ze over winst en kijkcijfers tijdens seks, het libido gelinkt aan inkomen en invloed. “Ik ben een mens”, schreeuwt de gedoemde presentator in Network tevergeefs op live televisie. “Ik heb waarde!”

In Velvet Buzzsaw wordt voor precies die waarde gevochten, als blijkt dat de kunst van Dease als een zombie of demon tot leven komt om uitbuiters te vermoorden. Dan begint Velvet Buzzsaw meer te lijken op cultklassieker-in-wording Under The Silver Lake, die gemengd werd ontvangen door zijn rare combinatie van genre- en entertainmentkritiek. Gilroys nieuwste is net zo rommelig als die van David Robert Mitchell, maar ook minstens zo vermakelijk. Zelden komt er een film voorbij die zo glorieus uit de bocht vliegt en toch een helder punt maakt over onze relatie tot kunst en cultuur. Deze criticus declameert: “Veel originaliteit. Veel moed. Mijn mening.”