MORIR EN SAN HILARIO

Excentriek dorpje lacht om de dood

  • Datum 13-12-2010
  • Auteur
  • Gerelateerde Films MORIR EN SAN HILARIO
  • Regie
    Laura Mañá
    Te zien vanaf
    01-01-2005
    Land
    Spanje/Argentinië/Brazilië
  • Deel dit artikel

Dankzij de dood leren de personages uit de plattelandsklucht Morir en San Hilario weer te genieten van het leven.

Altijd fijn als mensen de kans krijgen herboren te worden. Filmpersonages hebben daar vaak een misverstand voor nodig, omdat dat spannende, grappige of leerzame situaties op zou moeten leveren voor de alwetende toeschouwer. Persoonsverwisselingen zijn in zo’n geval erg effectief, en dan het liefst ook nog tussen twee mensen die elkaars totale tegenpool zijn.
Het kluchtige maar daarom nog lang niet komische Morir en San Hilario volgt dit stramien, wanneer we ergens in de jaren dertig of veertig met een voortvluchtige maffioso neerstrijken in een typisch Mediterraan (of Zuid-Amerikaans) filmgehucht: daar heb je ze weer, de olijke burgemeester, de krakkemikkige en daardoor o zo charmante fanfare, en een handvol dorpsgekken van divers pluimage. Zo’n krokant goudbruin gekleurd gat, waar verveling onherroepelijk samengaat met een warm gevoel voor naastenliefde en een nogal kinderlijk soort gastvrijheid. En dat zo kneuterig klein is dat het niet eens op de landkaart staat. Vanzelfsprekend heeft San Hilario zijn eigen excentrieke karakter: om de dood wordt er alleen maar vriendelijk gelachen, en ooit stond het plaatsje dan ook bekend om zijn voortvarende begrafenisonderneming.

Bezigheidstherapie
Die traditie wordt nieuw leven ingeblazen wanneer de beroemde en doodzieke schilder Germán Cortés aankondigt in San Hilario te willen sterven. Cortés overlijdt echter tijdens zijn reis, en dus zien de dorpelingen eerdergenoemd maffioso voor hem aan. Een rol die hij, onderduikend met een flinke tas geld, graag aanneemt — tot hij merkt dat iedereen in het dorp verwacht dat hij binnen twee weken volgens afspraak het loodje zal leggen.
Denk niet dat dit gegeven iets interessants oplevert. Behalve dan dat de boef halsoverkop verliefd wordt op een plaatselijke schone, en voor het eerst in zijn leven maar met aanmerkelijk succes de schilderspenseel ter hand neemt. De moordende maffioso beseft dankzij de Hilarianen eindelijk hoe het is om bemind en gewaardeerd te worden, terwijl hij hun met zijn aanwezigheid ook weer een echt doel geeft. De hele dag zijn ze in de weer met vuurwerk, plechtige marsmuziek, of hij zittend dan wel liggend begraven wil worden, enzovoort — door Pierlala ingegeven bezigheidstherapie voor iedereen.
Overduidelijk wil regisseur/scenarist Laura Mañá (Compassionate sex) ons wijzen op de taboes die in onze samenleving nog altijd rusten op de dood, en moeten we snappen dat we beter zoveel mogelijk kunnen genieten van het leven om er vervolgens feestend afscheid van te nemen. Want na de dood zou er wel eens heel goed niets meer kunnen zijn: zie de twijfelende meneer pastoor, die aan elke stervende vraagt hem vanuit het paradijs een teken te geven, en nog steeds niets heeft ontvangen.
Er is werkelijk geen seconde van Morir en San Hilario die niet is voorgekauwd door de ontelbare plattelandskluchten die de filmgeschiedenis tot nu toe heeft opgeleverd. Geen enkel personage dat zijn gekke trekken ontstijgt. Geen tint couleur locale die niet rechtstreeks lijkt overgenomen uit een reclame voor olijfolie of tomatensaus. Op zich past dat allemaal prima bij het voorspelbare, voortzwalkende scenario. Morir en San Hilario is een slaapverwekkende achtergrondfilm.

Kevin Toma