KOMT EEN VROUW BIJ DE DOKTER

Seks en kanker

  • Datum 11-10-2010
  • Auteur
  • Gerelateerde Films KOMT EEN VROUW BIJ DE DOKTER
  • Regie
    Reinout Oerlemans
    Te zien vanaf
    01-01-2009
    Land
    Nederland
  • Deel dit artikel

Reinout Oerlemans maakte bij zijn Kluunverfilming een paar elementaire en dodelijke vergissingen.

Hoe komt het dat Reinout Oerlemans Kluunverfilming komt een vrouw bij de dokter de kijker volledig koud laat terwijl de chemokuren en borstamputaties over het scherm vliegen? Doordat deze overbodige film lijdt aan een paar verlammende problemen.
De inhoud, voor wie Kluuns bestseller niet las: man ontmoet vrouw, ze trouwen, bij vrouw wordt kanker geconstateerd, man blijft rondneuken want seks is leuker dan chemo’s, met vrouw gaat het van kwaad tot erger, man bespeurt dat hij toch van haar houdt maar dan, niet helemaal onverwacht, moeten ze definitief afscheid nemen.
Meteen al na de openingsscènes waarin Carmen (Carice van Houten) en Stijn (Barry Atsma) elkaar ontmoeten, is duidelijk dat de film veel te gehaast is. Of meer precies: dat de film alle verplichte scènes erdoor jaagt zonder ook maar een seconde stil te staan bij de emotionele lading van het gebeuren. Even snel de ontmoeting tussen Stijn en Carmen draaien, lijkt de gedachte geweest, dan hebben we dat uit de weg en kunnen we beginnen met waar het echt om gaat: kanker en seks, het moment dat de rauwe passie van het scherm zal spatten.

Dooddoeners
Maar dat zal nooit gebeuren. De eerste twee delen van dit driedelige verhaal zijn een aaneenschakeling van clichés. Oerlemans maakte de vergissing het drama te willen vertellen met overbekende en op zichzelf betekenisloze beelden: Carmen die kaal wordt, Carmen die over het litteken wrijft waar haar borst zat, Carmen die alvast een plek op de begraafplaats zoekt. Maar nergens laat de film zien hoe de personages zich werkelijk voelen. In plaats daarvan krijgen we dooddoeners als Stijn die woedend en wezenloos in zijn Jaguar door Amsterdam raast of Stijn die op vakantie achter de bikini’s aan zit. Zijn emotionele beleving moet blijken uit de voice-over die machinaal clichés oplepelt: "Chemokuren meemaken was bepaald geen feest." Of: "Bij Roos kreeg ik wat ik thuis tekort kwam." Asjeblieft zeg.
Bovendien wordt elke dramatische gebeurtenis gesmoord in muziek. Carmen voelt zich niet lekker: piano of viooltje d’r overheen, Barry voelt zich klote in de nachtelijke grote stad: druilerig saxofoontje. Enzovoort enzovoort.
Een film, zelfs een boekverfilming, is meer dan plaatjes zoeken bij een tekst. De horror van wat Stijn en Carmen meemaken maak je duidelijk door ze tegenover elkaar te zetten en, in plaats van naar elkaar te laten schreeuwen, nou eens even niks te laten zeggen. Wij weten namelijk al hoe verschrikkelijk die ziekte kan zijn, we kennen de verhalen en we kennen de beelden die daarbij horen. We hebben de film niet nodig om ons die te laten zien. We hebben film nodig om het onzegbare te laten zien. We hebben film nodig voor de tekst tússen de woorden. Het lukt komt een vrouw bij de dokter alleen nergens om die uit te spreken.

Ronald Rovers