Berend & Roel Boorsma over Milo

'Er wordt gerookt, gedronken, gescholden en gesekst'

  • Datum 01-11-2012
  • Auteur
  • Deel dit artikel

Berend & Roel Boorsma

Milo is een jeugdfilm met een volwassen houding en een verrassend verhaal. Via videoclips, commercials en korte films hebben Roel en Berend Boorsma zich naar hun speelfilmdebuut toegewerkt.

"Dit is de meest originele film die ik in jaren gezien heb", zei een wijsneus van twaalf bij de première van Milo afgelopen zomer. De jury van het Giffoni Filmfestival in het Italiaanse plaatsje Giffoni Valle Piana vond dat ook en gaf de debuterende broers Berend (1977) en Roel (1979) Boorsma een speciale CGS Award voor creativiteit en originaliteit. "François Truffaut vertoonde zijn films ook het liefst in Giffoni Valle Piana", vertelt Berend als hij de enthousiaste ontvangst op het grootste kinderfilmfestival in Europa schetst. "Hij vond dat kinderen de meest oprechte reacties geven, ook als het gaat om volwassenenfilms."
Milo is niet een uitgesproken jeugdfilm. Het onconventionele verhaal over een tienjarig jongetje dat zijn neurotische ouders ontvlucht, verzeild raakt bij een bejaard stel criminelen en er achter komt dat hij een geheim met zich meedraagt, wordt niet verteld vanuit een hurkpositie. "Er wordt in de film gerookt, gedronken, gescholden en gesekst", somt Roel op. "In het normale leven begrijpen kinderen ook niet alles om zich heen en dat is best. Maar er wordt vaak heel verkrampt gedacht over kinderen en wat ze wel en niet mogen zien. Wij willen niet betuttelen. Dat is de kracht ook van deze film."

Gewei
In eerste instantie begonnen de broers met het idee voor een ensemblefilm. De hedendaagse fixatie op uiterlijkheden en de vraag wat er gebeurt als je echt afwijkt, was het uitgangspunt. "We hadden een kort verhaal geschreven over een jongetje in een kale Vinex-wijk die een gewei uit zijn hoofd heeft groeien", vertelt Berend. "Het was een soort fabel. Maar naarmate we de karakters verder uitwerkten, werden ze steeds realistischer en klopte dat gewei niet meer. En van de personages bleek Milo de sterkste spanningsboog te hebben. Voor hem staat er het meeste op het spel dus zijn we ons steeds meer gaan concentreren op zijn beleving."
Een Nederlandse producent, Fu Works, was snel gevonden. Een pitch tijdens de Rotterdamse Cinemart leverde een Ierse producent op, Samson Film, die meteen voorstelde de film te draaien in de omgeving van Dublin. Een Belgische co-producent, A Private View, maakte de internationale cocktail compleet. "Productioneel is het best een puzzel omdat je het geld moet uitgeven in de landen waar het vandaan komt", legt Roel uit. ‘We wilden zoveel mogelijk geld in de film zelf stoppen. Om de oorspronkelijke geplande twintig draaidagen op te rekken tot dertig hebben we concessies moeten doen. Zo hebben we geen dolly gebruikt en bijna geen licht."

Maar twee overuren
Voor de gemiddelde debutant zouden deze logistieke en technische hordes onneembare obstakels zijn. Maar ook in hun achtergrond zijn de Boorsma’s niet gemiddeld. Na de kunstacademie en filmwetenschappen (Berend) en rechten, psychologie en kunstmanagement (Roel) ging het duo aan de slag in de muziekindustrie. Onder de naam Drift — slogan: ‘filmt een berg, kost een beetje’ — maakten ze videoclips voor onder andere Lois Lane. Commercials volgden, bijna honderd, voor Heineken, Hi, Coca-Cola en MTV.
Het was een leerschool die ze geholpen heeft bij het maken van Milo. Niet zonder trots melden de broers dat ze maar twee overuren hebben gemaakt in een maand draaien. Berend: "Bij het maken van commercials leer je realistisch plannen. En omdat de klant er vaak bovenop zit, wordt je gedwongen om over ieder shot en de betekenis ervan na te denken. Het grote verschil met een speelfilm is dat het in commercials om maar één idee, verhaaltje, grap of sfeer gaat. Het is puur resultaatgericht; ruimte voor acteursregie en uitdieping van karakters is er niet."

Absurder
Al bij de eeuwwisseling zeiden de broers tegen elkaar dat ze binnen tien jaar een speelfilm wilden maken. Systematisch hebben ze zich naar dat doel toegewerkt, met tussenstapjes die ze steeds bewuster maakten van wat het nou is om een volwassen productie neer te zetten. Psalm 69 was in 2006 een eerste probeersel. "Een mooi experiment", noemt Roel het. "Het ging over een engel met een midlifecrisis. Maar misschien leed de film ook aan een midlifecrisis. We wisten niet precies wat we wilden vertellen, maakten fouten in het scenario."
Meer te spreken zijn ze over Brat, dat verhaalt over een Pool die in de voetsporen van zijn overleden broer gaat werken bij een nukkige Hollandse boer. Brat maakte in 2008 deel uit van NPS Kort! en dat bracht zo z’n eigen beperkingen met zich mee. "Onze versie was twintig minuten lang en die moesten we inkorten tot de helft. Dat wrong een beetje. Maar de drang naar het vertellen van een langer verhaal was er. We moesten alleen de juiste spanningsboog nog leren kennen."
Als persoonlijke favoriete scènes in Milo wijzen Roel en Berend vooral momenten aan waarin de beweegredenen van karakters onuitgesproken onder het oppervlak sudderen. Het is hun ambitie om die subtiele gelaagdheid in volgende projecten — plannen voor een speelfilm en een documentaire liggen klaar — nog beter neer te zetten. "En het mag nog wel wat absurder", voegt Berend toe. ‘We zijn nu misschien nog wat voorzichtig gebleven. We wilden per se slagen met ons debuut. Maar ik zag laatst Holy Motors en toen dacht ik wel: he ja, dat is lekker vrij!"

Edo Dijksterhuis