Berlinale 2026: Onze favorieten

WVNTTK

River Dreams

Na de winnaars ook de minder opgemerkte favorieten: de in Berlijn aanwezige journalisten van Filmkrant tippen hun persoonlijke festivalpareltjes. 

Weinig grote namen, was een veelgehoorde klacht toen de Berlinale een maand geleden het programma bekendmaakte. Dat bleef een verzuchting onder journalisten tijdens het festival. Festivaldirecteur Tricia Tuttle sprak op de vooravond van het festival de ambitie uit dat het festival een groter podium kon bieden aan kleinere titels en makers die nog niet de aandacht trokken.

Het liep anders: de discussie over politiek beheerste het gesprek. Maar wat als gehoor geven aan Tuttle’s wens? Welke kleinere films kwamen er de afgelopen tien dagen bovendrijven, die nog niet door distributeurs of de festivaljuries werden opgemerkt?

Joost Broeren-Huitenga
Moscas (Flies) van Fernando Eimbcke (Competitie)
Overgeslagen door de jury van Wim Wenders, maar wel winnaar van wat kleinere prijzen, deze liefste film uit de hoofdcompetitie. Een vader en zoon vinden, tegenover het ziekenhuis waar hun vrouw en moeder vecht voor haar leven, onderdak bij een oudere hospita. Eimbcke giet groot drama in een kleine, zachtmoedige en rijke vertelling die even goed in jeugdprogramma Generation had kunnen draaien. En dat bedoel ik als compliment.

Kees Driessen
River Dreams van Kristina Mikhailova (Forum Special)
Mikhailova interviewt voor haar documentaire jonge vrouwen langs de Kazachse rivier Aksay over leven in een gewelddadig patriarchaat. Die hartveroverende gesprekken zijn ingebed in een droomachtig veilige sfeer, met gekleurde rook, golvende muziek, het geluid van stromend water en het landschappelijk schoon van natuur en roestige industrie. Soms grappig, vaak pijnlijk en uiteindelijk, dankzij de krachtige kwetsbaarheid van deze jonge vrouwen, oprecht hoopvol.

Lady van Olive Nwosu (Panorama)
Over patriarchaat gesproken: Lady botst als enige vrouwelijke taxichauffeur van Lagos met mannelijke collega’s, stijgende benzineprijzen en politieke instabiliteit. Als ze wordt gevraagd een groep sekswerkers te chauffeuren, betekent dat zowel een financiële stap vooruit als een emotionele rollercoaster. Intense rollen van Lady (voor niemand bang, altijd op haar hoede) en BFF Pinky, en een cruisende onderdompeling in nachtelijk Lagos.

Han ye deng zhu (Light Pillar) van Xu Zao (Perspectives)
Droog-melancholische animatiefilm. In een vervallen, ongebruikte Chinese filmstudio met slecht onderhouden buitensets, van ‘Acropolis’ tot ‘Verboden Stad’, veegt onze antiheld met een paar andere losers elke dag wat sneeuw. Als hij bij gebrek aan liquiditeit een overgebleven XR-bril als loon krijgt, verliest hij zich al snel in die veel aantrekkelijker virtuele werkelijkheid die, in een slimme twist, juist live-action is gefilmd.

Hugo Emmerzael
Animol van Ashley Walters (Perspectives)
Gruwelijk, intens en tegelijk onverwacht teder drama over jongens die wegkwijnen in een grimmig jeugdinternaat, met verve geregisseerd door debuterend filmmaker Ashley Walters, vooral bekend als muzikant en acteur in het minstens even explosieve Adolescence. De zeldzame film die keihard bij me binnenkwam, me naar adem deed happen, en uiteindelijk mijn hart stal.

Szenario (Scenario) van Marie Wilke (Forum)
De belangrijkste documentaire van deze editie, omdat hij eigenlijk (nog) nergens over gaat. Als een Duitse nazaat van Frederick Wiseman filmt Marie Wilke het reilen en zeilen op Europa’s grootste militaire basis, waar het Duitse leger zich mentaal voorbereidt op een oorlog die onvermijdelijk voelt. Een film die op ons allen slaat, omdat leven met dat onverbiddelijke gegeven absurd en abstract is, wat de film op gortdroge manieren pijnlijk invoelbaar maakt.

Crocodile van The Critics en Pietra Brettkelly (Panorama)
Een clubje jonge filmmakers uit Kaduna, Nigeria, timmert al zeven jaar aan de weg onder de gezamenlijke naam The Critics. Hun extreem goedkope films – te vinden op YouTube – doen denken aan de grenzeloze creativiteit van Georges Méliès: veel praktische effecten en andere goocheltrucs om het enigszins povere bestaan in wat ze Crocodile City noemen te verlichten. Voor deze toepasselijk rommelige documentaire volgt Pietra Brettkelly het filmteam op de voet, wat een fascinerend inzicht geeft in hoe de democratisering van film eruit kan zien in het tijdperk van smartphones en digitale media.  

Alex Mazereeuw
Josephine van Beth de Araújo (Competitie)
Niemand is dit festival langer in mijn hoofd blijven rondspoken dan debutant Mason Reeves. Ze is de onvervalste spil van dit extreem beklemmende drama, waarin ze het achtjarige titelpersonage speelt die met vader (Channing Tatum, nooit beter) naar het park gaat en in een onbewaakt moment stuit op de grotemensenwereld op z’n allerlelijkst, wanneer ze getuige is van een verkrachting. De wereld verliest voor Josephine definitief zijn onschuld, waarna ze het heft in eigen hand neemt maar ook steeds angstiger gedrag vertoont. Wat een weergaloze rol van debutant Reeves, en wat een formidabel strak afgemeten prestatie van beginnend regisseur De Araújo.

The Only Living Pickpocket in New York van Noah Segan (Berlinale Special)
Zelden voelde ik bij een film een sterkere behoefte om direct in het vliegtuig te stappen dan bij deze prettig melancholische liefdesbrief aan New York van debuterend regisseur Segan. Het New York dat hij schetst in zijn zakkenrollersdrama, is er een van ongekende veelzijdigheid, waarin elke wijk haast een microkosmos op zich is. Hoe grimmig de film uiteindelijk ook wordt, ik wil alleen nog maar zakkenroller John Turturro zijn (inclusief die magistrale jas). New York, oh, New York. 

Maricke Nieuwdorp
Matapanki van Diego Fuentes (Generation 14plus)
Dit alternatieve superheldenverhaal tapt uit een vaatje waarvan niemand wist dat het bestond. Het Chileense, activistische punkverhaal in gruizig zwart-wit is volstrekt origineel en past nauwelijks in een genrevakje. Het zwart-komische scenario wordt gevangen in een uitzinnige visuele stijl, met knullige vuistgevechten, graffiti-achtige animaties, verrukkelijke houtje-touwtje-effecten, punksongs en warped sound design.

Mit einem freundlichen Gruss van Pavel Mozhar (Berlinale Short)
Een fabriek die in DDR-tijden floreerde, ging ten onder in de vrijemarkteconomie. In deze experimentele zwart-witdocumentaire dwaalt de camera van Mozhar ondersteboven filmend door de vervallen ruimtes van het nu leegstaande fabriekspand. In de voice-over worden enkele van de honderden aldaar gevonden, tevergeefs geschreven sollicitatiebrieven voorgedragen.

Taxi moto van Gaël Kamilindi (Berlinale Short)
Dapper en warm portret over de queer liefde en over de productie van een film daarover. Feit en fictie lopen door elkaar heen in Kamilindi’s dromerige liefdesverhaal, waarin hij ook zelf een van de hoofdrollen speelt. Kamilindi laat met humor, creativiteit en inventiviteit zien hoe je ondanks creatieve tegenslagen en financiële beperkingen toch je gedroomde verhaal kan vertellen.