Peter Hujar’s Day en het oeuvre van Ira Sachs
Kleine geschiedenissen
Peter Hujar’s Day
In Peter Hujar’s Day vertelt fotograaf Peter Hujar over een doodgewone dag in zijn leven. Het soort dagen waar de Amerikaanse filmmaker Ira Sachs zijn oeuvre omheen heeft gebouwd.
“Ik heb vaak het gevoel dat er gedurende de dag niet veel gebeurt. Ik heb weer een dag verspild”, aldus Peter Hujar. Op 19 december 1974 vertelt de fotograaf aan schrijver en goede vriend Linda Rosencrantz in detail wat hij de dag ervoor heeft gedaan. Rosencrantz is van plan een boek te maken met zulke verslagen van doodgewone dagen, maar dat boek zal er nooit komen. Ergens in het vorige decennium werd het transcript van het gesprek teruggevonden, dat de basis vormde voor Peter Hujar’s Day, de nieuwe film van Ira Sachs.
Rosencrantz probeerde met haar nooit gerealiseerde boek om die dagen te registreren die normaal gesproken verloren raken in de opeenvolging van dagen in een mensenleven. De dagen waarop zogenaamd niets gebeurt, waarvan we denken dat ze het niet waard zijn om vast te leggen, maar die stiekem toch iets kunnen zeggen over de tijd waarin ze geleefd zijn, over het individu dat ze leefde. Van dat soort dagen zitten er ook veel in de films van Sachs. Peter Hujar’s Day voelt als een distillering van zijn werkwijze en filmfilosofie, een film die werkt als een prisma voor zijn oeuvre.
Peter Hujar’s Day begint met acteur Ben Whishaw in een lift. Er klinken stemmen van de filmcrew, een filmklapper verschijnt in beeld en wordt dichtgeslagen. In het volgende shot start de hand van Linda Rosencrantz een taperecorder. Twee keer achter elkaar wordt een opname gestart. Film is voor Sachs expliciet een vorm van vastleggen, van bewaren. Met Peter Hujar’s Day is een stukje verloren geschiedenis gered, maar elk van zijn films draait om het vastleggen van snippers mensenleven met een zorg en aandacht alsof het museumstukken zijn. Want in die snippers vindt de geschiedenis zijn weerslag.
Gedurende de dag die hij beschrijft, belde Hujar onder meer met Susan Sontag en fotografeerde hij Allen Ginsberg. Via zijn anekdotes en beschrijvingen ontstaat een tijdsbeeld van de New Yorkse kunstscene van de jaren zeventig. Wanneer hij uitweidt over zijn twijfel welke jas hij moest dragen naar de Lower East Side, schemert door die triviale overpeinzingen heen wat voor buurt dat destijds was; hoe je je daar, zeker als homo, niet zomaar kon vertonen. Zo vallen door de kieren van het gesprek een tijdsbeeld en een grotere geschiedenis binnen, zoals de geluiden van de straat door het raam het appartement binnenwaaien.
Dat geldt voor veel van Sachs’ films. Ben en George (prachtrollen van John Lithgow en Alfred Molina) zijn al 39 jaar samen als ze aan het begin van Love Is Strange (2014) trouwen. Hun huwelijk is geen belofte voor de toekomst, maar een bevestiging van iets wat al zo lang tussen hen bestaat. Vlak na de bruiloft wordt George ontslagen; hoewel de katholieke school waar hij muziekdocent is zijn relatie met Ben nooit een probleem vond, blijkt een huwelijk onacceptabel. Als gevolg van het ontslag verliezen de twee hun appartement. Noodgedwongen trekken ze, elk afzonderlijk, in bij vrienden en familie. Zonder de legalisering van het homohuwelijk ergens te benoemen, is Love Is Strange een film over wat het betekent voor twee mensen die al een half leven samen zijn om eindelijk te kunnen trouwen, in een samenleving die daar nog niet klaar voor blijkt.
In Little Men (2016) is het gentrificatie die zich de levens van twee gezinnen binnenwringt. Maar in plaats van zich te richten op het conflict tussen een huurder en pandeigenaar, focust de film op de hechte vriendschap die ontstaat tussen de twee zoons van de betreffende gezinnen: de introverte Jake en brutale Tony. Op de manieren waarop die vriendschap wordt gevormd en van richting verandert door wat zich op de achtergrond afspeelt. De films van Sachs zijn de kleine geschiedenissen die zich afspelen in de schaduw van de grote geschiedenis.

Contouren
Peter Hujar’s Day is een film zonder conflict, zonder verstoringen. En vrijwel zonder expositie. Een kort tekstje vertelt weliswaar de voorgeschiedenis van de film, maar wie deze twee mensen zijn, wat precies hun relatie is, wordt niet geïntroduceerd. Er zit ook geen enkel establishing shot in Peter Hujar’s Day. De film beslaat simpelweg het gesprek dat ze voeren.
Voor de LA Review of Books had Sachs een tweegesprek met schrijver Rachel Cusk. Hij vertelt daarin dat hij enige tijd met het idee rondliep om haar roman Outline te verfilmen. Die gaat over een auteur die in Athene een schrijfcursus geeft, en bestaat uit tien gesprekken die de vrouw heeft met onder meer een medepassagier in het vliegtuig en een goede vriend in een restaurant. Outline is geschreven in de ik-vorm, maar het is alsof die ik pas vorm krijgt in de gesprekken.
Dat is ook hoe Sachs personages schetst. Al voelt die formulering niet helemaal juist. Hij tekent de personages niet voor ons uit, maar laat de contouren naar voren komen uit de manier waarop ze in een ruimte en ten opzichte van elkaar bewegen. Hoe ze met elkaar praten. We leren ze kennen, zoals je een ander in realiteit leert kennen.
Daarbij past dat Sachs de kijker vaak zonder introductie in de stroomversnelling van een leven plaatst. Love Is Strange begint op de huwelijksdag van Ben en George, Little Men met een begrafenis. Passages (2023) begint op de laatste opnamedag van de nieuwe film van hoofdpersoon Tomas en het aansluitende feest. Die avond zal hij vreemdgaan met Agathe, wat zijn huwelijk met Martin overhoop gooit.
Slechts één keer zien we de twee mannen samen voor dat gebeurt, in de bar tijdens het feest, waar Martin vroegtijdig naar huis gaat. In die paar minuten vertelt Sachs veel. Dingen die niet uitgesproken worden, maar te lezen zijn in de manier waarop ze elkaar aanraken, waarop hun lichamen zich ten opzichte van elkaar bewegen, de toon van hun stem: dat de twee al lange tijd samen zijn, dat Tomas meer de extravert is en Martin de introvert, dat hun levens enigszins uit elkaar zijn gaan lopen.
Sachs staat erom bekend nooit over subtekst te spreken met zijn acteurs. Want, vindt hij, zodra je het uitspreekt, is het tekst. Daardoor vangt hij in zijn films juist de realiteit dat we de gelaagde betekenis van onze woorden en ons handelen zelf maar beperkt kennen. Omdat we iets niet kunnen bevatten, niet willen zien, omdat het ingesleten is en daardoor onzichtbaar geworden. Als Hujar zijn zoveelste sigaret opsteekt, merkt hij plots op hoeveel energie die verslaving hem kost. “Ik heb de hele dag door een rokerskater.”

Intimiteit
We zien geen werk van Peter Hujar in Peter Hujar’s Day en tegelijk ook wel. Hujar portretteerde talloze bekende figuren uit de New Yorkse kunstwereld en deed dat vaak door ze (half)liggend te fotograferen, leunend op een elleboog of met de handen gevouwen onder het hoofd. Het zijn poses die zijn foto’s iets zachts en intiems geven. Als we liggen zijn we kwetsbaarder, zoals een kat die z’n buik laat zien. In de film neemt Hujar zelf geregeld en volstrekt natuurlijk die houdingen aan, waarmee Sachs hem zijn werk laat belichamen. Maar het geeft vooral ook een intimiteit aan het gesprek tussen hem en Linda.
Intimiteit is een sleutelwoord in Sachs’ oeuvre. “Ik ben alleen geïnteresseerd in het echte”, zei hij in het gesprek met Cusk. “En met ‘echt’ bedoel ik het intieme – ik moet ‘echt’ vervangen door ‘intiem’.” Maar wat betekent dat? Sachs is niet het soort maker dat pretendeert in de hoofden van zijn personages te kunnen kijken. Hij gebruikt zelden close-ups. Voor hem is intimiteit niet iets wat je kunt vangen door er zo dicht mogelijk op te kruipen. De intimiteit in zijn films komt voort uit het besef dat we een ander nooit volledig kennen en dat voor het ontstaan van vertrouwdheid tussen twee mensen een mate van ruimte nodig is.
Vanaf zijn speelfilmdebuut The Delta (1996) gaan zijn films geregeld over de relatie tussen seks en intimiteit. Ook in seksscènes gebruikt hij zelden de geijkte close-ups van handen en naakte huid. Zie bijvoorbeeld de lange scène tussen Tomas en Martin in Passages waarbij de camera statisch en op afstand blijft. Simpelweg registreert hoe hun vrijen een verbeelding is van hun verhouding en de verschuivingen daarbinnen. Maar intimiteit in Sachs’ films gaat ook over een soort alledaags vertrouwd zijn met een ander. Zie hoe Ben en George in de keuken rommelen op de ochtend van hun huwelijk, elkaars bewegingen anticiperend. Of hoe Linda en Peter zich door het appartement bewegen, volledig vertrouwd met de omgeving en elkaar. Hoe zij zorgvuldig thee en eten uitstalt op de tafel, hoe hij een verfrommeld pakje sigaretten uit zijn broekzak haalt, alles terwijl ze doorpraten over zijn dag. Het soort gedachteloze handelingen die zoveel zeggen over hoe mensen in elkaar zitten, maar waar films toch zelden de aandacht aan geven die Sachs eraan geeft.
Die aandacht en precisie zit ook in het acteren van Ben Whishaw. De intimiteit tussen de personages ontstaat niet door de dingen die ze tegen elkaar zeggen terwijl ze in het appartement dan weer op bed liggen en dan weer op de bank hangen. Maar door de finesse in Whishaws acteren. Hoe hij z’n hoofd op haar benen laat rusten, zonder dat er iets van spanning ontstaat. Hoe hij soms misschien heel even afwezig lijkt, maar alles hoort wat ze zegt. Terwijl ze praten, verdwijnen langzaam het daglicht en de geluiden van de straat uit de film. De camera kruipt ietsje dichter op Peter Hujar. In vijf kwartier, zonder grote onthullingen of conflicten, hebben we hem leren kennen.
Peter Hujar’s Day draait vanaf 27 augustus 2026 in de bioscoop.