Mohammed & Paul – Once Upon a Time in Tangier
Ongrijpbaar verhaal
Mohammed & Paul – Once Upon a Time in Tangier
Intrigerende documentaire over de verhouding tussen de analfabete Marokkaanse verhalenverteller Mohammed Mrabet en de Amerikaanse schrijver Paul Bowles, die diens verhalen op schrift stelde.
“Een verhaal is als de wind. Zodra het wordt opgeschreven verandert het in steen.” Aldus de Marokkaan Mohammed Mrabet, de enige analfabeet ter wereld met veertien boeken op zijn naam.
De vissersjongen die opgroeide tot meesterverteller in de mondelinge verhalentraditie van zijn land, ontmoette in het mondaine Tanger van de jaren zestig de Amerikaanse schrijver Paul Bowles. Die was toen al wereldberoemd en werkte er aan zijn literaire klassieker The Sheltering Sky. Bowles zag de betoverende schoonheid van Mrabets magisch-realistische verhalen: avontuurlijk en erotisch. Hij stelde ze op schrift en liet ze uitgeven. Ze werden een hit.
Over de wonderlijke relatie tussen Bowles en Mrabet, die voor beiden ook avontuurlijk en erotisch was, gaat de documentaire Mohammed & Paul – Once Upon a Time in Tangier. Het exotisme spat ervan af. Op foto’s zien we een tengere, stijfjes ogende Bowles. Daartegenover een zongebruinde, gespierde Mrabet in de branding, met natte zwarte lokken over zijn ontspannen lachende gezicht, in een zwembroek die niet al te veel aan de verbeelding overlaat.
Maar Paul hield niet van Mohammed, zegt een buurman van destijds; hij hield van het idee waar Mrabet voor stond. Tegelijk maakte Bowles zich vrolijk over het gebrek aan moraliteit dat arme Marokkanen aan de dag legden in het exploiteren van zichzelf. Voor zijn eigen rol daarin had hij beduidend minder oog. Net als de andere westerlingen die in de documentaire aan het woord komen over het gebrek aan vertrouwen dat Marokkanen in hen stelden. Het blijkt je reinste projectie.
De Nederlandse Nordin Lasfar, kind van Marokkaanse arbeidsmigranten, vertelt in voice-over hoe hij op zoek ging naar het intrigerende verhaal achter de door Bowles ‘vertaalde’ verhalen van Mrabet. Naast de oude Mrabet zelf, komen daarover voormalige buren, minnaressen en de uitgever van de in 1999 overleden Bowles aan het woord. Mrabets verhalen komen in AI-beelden tot leven. Bowles zien we in huiselijke opnames en archiefmateriaal, zijn stem horen we op cassettebandjes met verhalen van Mrabet.
Gevraagd naar wat Bowles voor hem betekende, wijst Mrabet op de verhalen die Bowles in boeken omzette. “Hij hielp me. En ik hem. Ik beschermde hem. Bracht hem elke drie uur zijn medicijnen. Droeg hem, deed hem in bad, waste zijn haar, hielp hem aankleden, bracht hem naar bed, maakte eten voor hem.” Decennialang was hij kind aan huis, tot anderen vlak voor Bowles’ dood de sloten verwisselden.
De vraag van wie de verhalen zijn en wie daaraan verdiende, lijkt uiteindelijk ondergeschikt aan het pijnlijke gebrek aan een basale vorm van menselijk respect, het ontbreken van gelijkwaardigheid, die de verhoudingen in hun onderlinge afhankelijkheid verziekte. Net als verhalen laat het hart zich niet vangen; ook dan versteent de wind.