Whistle

Clichés bij de kluisjes

  • Datum 04-02-2026
  • Auteur Basje Boer
  • Thema Filmkrant 487
  • Gerelateerde Films Whistle
  • Regie
    Corin Hardy
    Te zien vanaf
    05-02-2026
    Land
    Canada, Ierland, 2025
  • Deel dit artikel

Whistle

Clichés kunnen heerlijk zijn, zoals in de highschoolfilm. Hoe zet Whistle ze in – en waar wijkt de horrorfilm ervan af?

Wie écht van films houdt of, anders gezegd, van échte films houdt, is wars van formulewerk. Formules, denkt de cinefiel, staan haaks op kunst, die nieuwe paden zoekt, haar eigen vorm uitvindt, verrast bij elke bocht.

Toch heb ik een zwak voor vertrouwde wegen, zoals die van de highschoolfilm. Juist de vaste elementen bieden de mogelijkheid te zoeken naar afwijkingen en variaties; naar die ene onverwachte bocht in een weg die je verder wel kunt dromen. Of de highschoolfilm in kwestie nu valt in het genre van de comedy (zoals American Pie, 1999), het drama (The Breakfast Club, 1985), de romkom (Clueless, 1995) of de horrorfilm (Scream, 1996), steeds zijn er dezelfde clichés om af te vinken. En toch deden de hierboven genoemde films allemaal op hun eigen manier iets wat niet eerder was gedaan, wisten ze de clichés te plooien tot iets nieuws – iets eigens. Hoe zit dat in highschoolhorrorfilm Whistle?

In een highschoolfilm vallen de personages netjes in categorieën (cliché #1), zoals “de nerd” en “de jock” – kijk The Breakfast Club er maar op na. Deze personages worden met categorie en al aan ons voorgesteld (cliché #2), bij de ingang van de school (in 10 Things I Hate About You, 1999), in de kantine (Mean Girls, 2004) of bij de kluisjes op de gang, zoals in Whistle.

Chrys (buitenbeentje), op sleeptouw genomen door neef Rel (nerd) maakt hier kennis met Grace (prinses), Dean (jock) en love-interest Ellie, voordat ze in haar kluisje een vreemd object ontdekt: een Azteekse doodsfluit waarmee je, als je erop blaast, de dood oproept. Met dat gegeven ontvouwt Whistle zich als een variatie op de Final Destination-reeks (cliché #3), waarin de dood zélf de slechterik is. Maar waar wijkt de film van de clichés af?

Chrys is niet zomaar een buitenbeentje: ze is herstellende van een drugsverslaving, rouwt om haar vader en worstelt met een schuldgevoel. Ook is ze queer, een thema dat in highschoolfilms meestal alleen als subtekst opduikt (zoals wordt getoond in essayfilm Beyond Clueless, 2014). De sfeer van Whistle is daarbij uitgesproken grungy – zie het grijze stadje, het personage van de jonge pastoor die tevens dealer is en de vieze nagels van Chrys. Whistle is zich volledig bewust van alle highschoolclichés, weet ze te benutten en te omzeilen, maar mist net wat overtuiging en vaart. Eng wordt het ook niet; wel, uiteindelijk, ontroerend. En dat is een bocht die ik écht niet zag aankomen.