L’intérêt d’Adam

De onderbuik van een zorgverlener

L’intérêt d’Adam

Zelfs de meest ervaren zorgprofessional, die alles al eens zag, kan als mens geraakt worden. En keuzes maken vanuit de onderbuik, zoals gebeurt in dit sociaal-realistische drama.

Hoofdverpleegkundige Lucy (Léa Drucker) snelt tijdens een nachtdienst door de gangen van het ziekenhuis, waar de kamers van de pediatrische afdeling drukbevolkt zijn met ouders en hun zieke kinderen. Geroutineerd loopt ze kamer in, kamer uit, legt infusen aan, maakt medicijnen klaar en propt tussendoor een boterham naar binnen.

Een van haar patiënten vanavond is de vierjarige Adam, die ondervoed is en niet wil eten. Zijn uitgeputte, jonge moeder Rebecca (Anamaria Vartolomei) is ten einde raad, maar slaat toch alle aanwijzingen van artsen en zorgpersoneel in de wind. De jeugdrechter kwam er eerder al aan te pas, zo blijkt, en Rebecca mag Adam slechts tijdens bezoekuren zien.

Ondanks de werkdruk en tijdgebrek probeert Lucy om Adam en zijn moeder te helpen. In de uren die volgen, loopt de situatie met Rebecca en Adam uit de hand. Binnen de hiërarchie van het ziekenhuis heeft de ervaren Lucy weliswaar niet het laatste woord, maar ze tracht – eerst op diplomatieke wijze, later met onorthodoxe keuzes – de brug te vormen tussen de moeder, behandelaars en jeugdbescherming.

Deze tweede speelfilm van de Belgische Laura Wandel (Un monde, 2021) is zo naturalistisch van opzet dat het welhaast een documentaire lijkt. Het door de gebroeders Dardenne geproduceerde sociaal-realistische drama speelt zich gevoelsmatig in real time af en Lucy wordt op de voet gevolgd door een dynamische handheld camera. De acteurs, onder wie de piepjonge Jules Delsart als Adam, zijn uiterst geloofwaardig in hun rollen. Je vergeet bijna dat het personages zijn.

De kijker valt midden in Lucy’s dienst en loodrecht in het drama dat zich rondom Rebecca en Adam voltrekt. Mondjesmaat wordt er meer duidelijk over de achtergrond van de zieke kleuter en zijn moeder. Door deze manier van vertellen wordt voor de kijker invoelbaar hoe zorgprofessionals op dagelijkse basis en on the go ingewikkelde keuzes moeten maken, ondertussen rekening houdend met richtlijnen en wetten en met andere betrokken instanties.

Nergens wordt er muzikaal op emoties ingespeeld, er klinken slechts omgevingsgeluiden: piepende schoenen op linoleum, bliepende machines, schreeuwende kinderen en rijdende bedden. In de loop van het verhaal worden niet alleen de verhoudingen in zo’n ziekenhuis duidelijk, maar ook hoe schemerig de grens kan zijn tussen verpleging en maatschappelijk werk. Tot waar dien je te gaan, tot waar mág je gaan in je professionele rol? Zelfs als je extreem ervaren bent zijn er situaties die de mens boven de professional uit laten stijgen. Dat is in dit filmscenario niet goed of fout, het is iets dat gewoon gebeurt.