Nikolaus Geyrhalter over 7915 KM
Nikolaus Geyrhalter (foto Alexander Tuma/Viennale)
Parijs. Dakar. 7915 km is de afstand van die wereldberoemde rally, zoals in de nieuwe film van Nikolaus Geyrhalter wordt uitgerekend. "Een reis langs opgetrokken stofwolken en autobanden." We spraken de regisseur na de Europese première op de Viennale.
Nadat hij in our daily bread de geglobaliseerde voedselindustrie onder de loep heeft genomen, volgt Oostenrijker Nikolaus Geyrhalter in 7915 km de sporen in het Afrikaanse zand nadat de rally Parijs-Dakar daar overheen is geraasd. "Ik ben geïnteresseerd in het leven achter de coulissen. De rally was daarvoor een vehikel", vertelde de regisseur na afloop van de Europese première van zijn film op het Filmfestival Wenen. 7915 km is een van de spilfilms van het komende International Documentary Filmfestival Amsterdam, waarvoor Geyrhalter als hoofdgast ook de Top 10 samenstelde en een masterclass zal verzorgen.
Bij de première op de Viennale vertelde u dat de rally zelf meer een vehikel was om een verhaal te vertellen dan het echte uitgangpunt van de film. De rally is natuurlijk spectaculair en fascinerend, maar het is een sport die me verder niet bijzonder interesseert. Wat ik interessant vond is dat er twee bewegingen zijn: één van rijke westerlingen van Noord naar Zuid en één van arme Afrikanen van Zuid naar Noord. Die twee kruisen elkaar ergens. Dat is ook een heel filmisch principe.
U begint de film pas echt op 1009 km, in Marokko… …dat komt omdat de echte rally al lang niet meer in Parijs start. In Portugal geloof ik. Het was echt interessant geweest om de beelden van Europa met die van Afrika te spiegelen, maar ik dacht als we toch al bijna niet meer in Europa beginnen, kunnen we net zo goed meteen echt naar Afrika gaan.
En daar voert u ons langs andere coördinaten: 3478 Westelijke Sahara, 3498 Mauritanië, 6648 Mali, 6968 Senegal. Wat zijn dat voor plaatsen? Dat zijn steeds de plekken waar de landen aan elkaar grenzen of als we een beetje moesten smokkelen waar in dat land de eerste belangrijke etappe van de rally werd gereden.
Wat waren verder uw selectiecriteria bij het kiezen van de beelden uit die landen? We hebben onnoemelijk veel gedraaid, maar het verhaal van de film is de spiegel van een reis. Eerst is er de onschuld, de kinderen, de alledaagse gesprekken. Vergelijk het maar met als je zelf in Afrika aan zou komen. Dan vraag je naar sociologische zaken en uiteindelijk heb je het over politiek. Ik wilde afrekenen met de standaardbeeldvorming die er in westerse films van Afrika bestaat.
Wat is die dan volgens u? Beelden van mooie landschappen, armoede en luie mensen. De enige clichébeelden die er in de film zitten komen uit het promotiefilmpje voor Parijs-Dakar en de satellietfoto’s aan het einde van de bootvluchtelingen. Dat zijn niet voor niets beelden die ik zelf niet heb gedraaid, maar aan andere media heb ontleend. Zo kijken Europeanen doorgaans naar Afrika: als een continent om doorheen te racen en als een bedreigend gebied waar mensen vandaan komen die van onze rijkdom willen profiteren. Dat einde is alweer een nieuwe film: Europese landen die in de internationale wateren patrouilleren om vluchtelingen al aan de grens van hun eigen land tegen te houden.
Toch zitten er ook mooie landschappen en arme mensen in uw film. Maar dat zijn allemaal gebroken beelden: elk landschap is doorsneden door sporen en natuurlijk is er armoede te zien, maar dat is armoede met trots, dat is een groot verschil. Bovendien zijn alle geïnterviewden op oogniveau gefilmd en niet zoals meestal een beetje van boven. Ik wil niet het gevoel geven dat dit mensen zijn die hulp nodig hebben, althans geen andere hulp dan de hulp om zichzelf te helpen.
In uw Top 10 zit ook een speelfilm: the new world van Terrence Malick. Die discussie over documentaire en fictie is oersaai. Een film is een film. Bovendien vind ik dat als mensen naar een film gaan kijken in de bioscoop dat ze dan recht hebben om iets bijzonders te zien en op de hoogst mogelijk kwaliteit. Steeds meer documentaires zijn groezelige tv-achtige reportages die je voorschrijven wat je ervan moet vinden. Ik schrijf mensen niet voor wat ze moeten denken, maar om goed te kunnen kijken en zelf te kunnen oordelen, moeten mensen als het ware in de film kunnen vallen. Daar voel ik grote affiniteit met Terrence Malick die in de meest complexe massascènes een oog heeft voor detail alsof het documentair is.
Uw film is met hd-cam gedraaid, maar Cinemascope afgewerkt. Had u liever met film gewerkt? Digitale video en high definition hebben nog steeds een hoop nadelen. Cinemascope past bij de wijdheid van het Afrikaanse landschap en ik wilde het gewoon een keer proberen. Maar toch was film geen optie, los van het geld. Voor deze documentaire was film te zwaar en te traag. Stel je voor dat je met filmblikken en gevoelige 35mm-camera’s had moeten zeulen in al dat zand. Nu konden we overdag draaien en ’s avonds meteen kijken of het goed was. Vaak bleven we maar één dag op een locatie. Anders hadden we een week moeten wachten tot de rushes terugkwamen.
Wat gaat u vertellen tijdens de IDFA-masterclass? Geen idee. Eerst maar eens de Viennale. Bovendien: heb ik wel iets te vertellen? De studenten kunnen beter films kijken en vragen stellen. De belangrijkste les die ik heb geleerd is dat je als filmmaker een handschrift moet ontwikkelen en dat dan je uiterste best moet doen om dat niet meer kwijt te raken. Geen compromissen sluiten, geen commisioning editors, geen redacteuren, geen dramaturgen. Je moet altijd proberen om in de grootst mogelijke vrijheid te werken.
Dana Linssen
IDFA
Het International Documentary Filmfestival Amsterdam vindt plaats van 20-30 november rond het Rembrandtplein. Naast de vijf competitieprogramma’s staan op het programma:
Top 10 van Nikolaus Geyrhalter
Retrospectief van Frans Bromet
ParaDocs, met documentaire experimenten aan de randen van het genre
India — East Side Stories, 15 films uit India
Reflecting Images
Premieres from the Lowlands
Informatie: idfa.nl. Telefonisch reserveren is niet meer mogelijk, alleen online verkoop of aan de kassa van Cineac.