White Boy Rick

Detroit in grove streken

  • Datum 18-12-2018
  • Auteur Hugo Emmerzael
  • Gerelateerde Films White Boy Rick
  • Regie
    Yann Demange
    Te zien vanaf
    03-01-2019
    Land
    Verenigde Staten, 2018
  • Deel dit artikel

In zijn Amerikaanse debuut probeert Yann Demange tevergeefs drama te wringen uit het waargebeurde verhaal van Richard Wershe Jr., wapenhandelaar, drugdealer en politie-informant.

Voor een biografiefilm over onrecht in Amerika slaat White Boy Rick de plank volledig mis. Gedurende de film zie je hoe Richard Wershe Jr. (Richie Merritt) zich van tienerjongen tot crimineel ontwikkelt. In het Detroit van de jaren tachtig handelt hij in wapens en crack en verraadt hij zijn vrienden aan de politie. Het scenario van Andy Weiss, Logan Miller en Noah Miller blijft benadrukken dat Ricky zou moeten leren van de gevolgen van die daden. Maar aan het eind vraagt White Boy Rick juist weer een enorme emotionele betrokkenheid van de kijker met de jongen, omdat hij vanwege de onnodig strenge wetgeving in de staat Michigan levenslang heeft gekregen.

Niemand verdient levenslange gevangenisstraf, al helemaal geen jongen van zeventien die feitelijk geen gewelddadige misdaad heeft gepleegd. Maar door hier ineens de echte tragedie van te maken doet White Boy Rick de gebeurtenissen die eraan voorafgaan teniet. Brits regisseur Yann Demange haalt het economisch faillissement van Detroit, het racisme in Amerika, de explosieve verhouding tussen wit en zwart en de crack-cocaïne epidemie van de jaren zeventig en tachtig alleen maar aan als het de film uitkomt. Wanneer Ricky in de gevangenis terechtkomt wordt die socio-economische achtergrond ineens gereduceerd tot bijzaak.

Demange’s Amerikaanse filmdebuut staat zo in een onhandige spagaat. White Boy Rick wil veel vertellen, maar vertelt steeds niet genoeg. Als Ricky door een zwarte vriend wordt neergeschoten komt dat niet aan, want we hebben geen seconde het gevoel gehad dat ze vrienden waren. Hoe ongebruikelijk het was dat een witte jongen in de zwarte subcultuur van Detroit terechtkwam is ook nauwelijks voelbaar. Ricky komt op wat jongens af, verkoopt ze wapens en is ineens lid van de crew. Zulke oneffenheden lijken te komen door een onevenwichtig scenario, dat een samenvoeging blijkt te zijn van twee gelijktijdig in Hollywood geschreven scenario’s over hetzelfde verhaal.

De regie overlaten aan Demange heeft daarbij niet geholpen. In zijn debuut ’71 (2014) dook hij overtuigender in de IRA-protesten in het Ierse Belfast van 1971. Door een Britse cadet te volgen die in deze chaos wordt gestort, had Demange toen een handig perspectief gekozen. Hij was immers ook een buitenstaander die zich met zijn debuutfilm in complexe Ierse materie begaf. In White Boy Rick blijft hij een buitenstaander die met grove streken Detroit probeert te schetsen. Alleen wanneer Demange focust op het familiedrama tussen Ricky, zijn opportunistische vader (Matthew McConaughey) en zijn verslaafde zus (Bel Powley) voelen we nog een beetje het drama waar de film naar zoekt, al is dat vooral de verdienste van het sterke spel van veteraan McConaughey en talentvolle nieuwkomer Merrit.