Vitalina Varela

Sloppenwijken en schoonheid

Pedro Costa maakt al dertig jaar uit tableaux vivants opgebouwde drama’s over verschoppelingen in Lissabon. Slow cinema over vaak kansloze immigranten uit de voormalige Portugese koloniën. Vitalina Varela is vintage Costa.

Film is een samengestelde kunstvorm. Het medium leent van allerlei kunstdisciplines. De dominante filmstroming doet dat vooral van de literatuur en staat in de verhalende traditie. Geen Hollywood-film zonder een al dan niet pakkend verhaal met een kop en een staart. De kijker moet worden meegesleept in een dramatisch verhaal.

Naast deze verhalende cinema is er een kleinere stroming met filmmakers die film zien als een visueel medium. Zo’n filmmaker is de Portugees Pedro Costa. Door cinefielen als een van de grote moderne Europese filmmakers van deze tijd gezien, maar – misschien veelzeggend voor de huidige filmcultuur – daarbuiten volkomen onbekend. Zelfs in het arthousecircuit heeft men moeite met zijn werk, zodat vertoning zich vrijwel beperkt tot internationale festivals. Costa heeft zich erbij neergelegd. In een masterclass begin dit jaar op het filmfestival in Rotterdam zei hij dat hij nooit commerciële compromissen sluit. De prijs? “Filmen is geen feest. Het is een zaak van leven en dood.”

Die ernstige houding sprak dertig jaar geleden al uit Costa’s debuutfilm O sangue (‘Het bloed’). Geen film die eindigt met een catharsis, maar een troosteloze sfeerschets van het leven van twee broers, tien en zeventien jaar oud, bekneld in een hopeloze wereld van armoede, geweld en uitbuiting. Typerend voor Costa is dat hij de ellende in de Portugese krottenwijken visueel vertaalt in schitterend uitgelichte composities, vaak in zwart-wit. Het levert hem soms het verwijt op dat hij visuele schoonheid peurt uit ellende, maar dat is onterecht: waarom moeten mensen in de marge van de samenleving lelijk en rauw worden afgebeeld? Het draait bij Costa om de waardigheid van de mensen in zijn films, meestal geen professionele acteurs, maar mensen die zichzelf spelen.

Dat is ook het geval in Vitalina Varela, Costa’s zevende docufictie. Daarin speelt een Kaapverdische vrouw van middelbare leeftijd, ze heet Vitalina Varela, een episode uit haar leven. Het op haar gebaseerde personage trouwde veertig jaar geleden in Kaapverdië met een man die daarna als gastarbeider naar Portugal vertrok. Hij bezwoer haar dat hij haar snel naar Lissabon zou laten overkomen, maar liet niets meer van zich horen. Als Vitalina veertig jaar later in Kaapverdië hoort dat hij gestorven is, reist ze naar de sloppenwijk in Lissabon voor de begrafenis. Ze wordt er kil en onverschillig ontvangen. Alleen een priester in een vervallen kerkje trekt zich haar lot aan. “Jij verloor je man, ik mijn geloof in deze duisternis”, zegt hij tegen haar.

Vitalina Varela toont de desastreuze gevolgen van Portugals koloniale verleden in statische, zorgvuldig gecomponeerde en uitgelichte clair-obscurbeelden, die een imponerende schoonheid hebben. Vintage Costa, een filmauteur die de nalatenschap van het kolonialisme laat zien op een wijze die aan klassieke fresco’s doen denken. Tijdloze filmkunst.