TRYS DIENOS

De Litouwse ijstijd

  • Datum 15-02-2011
  • Auteur
  • Gerelateerde Films TRYS DIENOS
  • Regie
    Sharunas Bartas
    Te zien vanaf
    01-01-1991
    Land
    Litouwen
  • Deel dit artikel

Tijdens het Film Festival Rotterdam wordt de eerste speelfilm van de 29-jarige Litouwse filmmaker Sarunas Bartas, Trys dienos, vertoond. De film won vorig jaar in Berlijn de ‘International Critics Award’. Na zijn opleiding aan de Filmacademie van Moskou begon Bartas zijn loopbaan met een paar documentaires, en dat is te merken.

Trys dienos (Drie dagen) is een compilatie van documentaire filmbeelden van de dicht bij de Poolse grens gelegen Litouwse stad Kalingrad, het voormalige Königsberg. Deze beelden worden verbonden door een aarzelende vertelling in het ‘boy meets girl-genre’, waarin twee Litouwse jongens van het platteland het proberen aan te leggen met twee ietwat meer door de wol geverfde Russische meisjes. Dat gaat niet van een leien dakje. Eén van de meisjes heeft al iets met een bebaarde dronkelap, maar dat is nog niet zo erg. Het probleem is eerder dat bijna alle karakters in de film strak lijken te staan van hun eigen ellende, waardoor elke communicatie bij voorbaat gedoemd is te mislukken. Dit kan een noodgreep van de filmmaker zijn geweest, waarmee hij een minimaal script overeind probeert te houden. Het kan ook echt zo treurig gesteld zijn met de Litouwers. Vermoedelijk ligt de waarheid in het midden.

Wachten op niets
De stad bevat zo weinig kleur, dat het even duurt voor je beseft dat er kleurenmateriaal gebruikt is. Het aansteken van een peertje in één van de beschimmelde vertrekken die het viertal aandoet, wordt zo tot een belevenis van de eerste orde. Ineens is er een beetje licht, kleur en hoop in die hopeloze, bewegingloze leventjes van dit stelletje, dat gezien de omstandigheden nog niet eens zo ongeregeld is. Temidden van zuipschuiten, hoeren, pooiers en een algemeen verspreid egoïsme onder de verdere bevolking, stralen ze iets onbevlekts uit. Het enige dat ze zoeken is een behoorlijk dak boven hun hoofd, een bed, menselijke warmte en enig toekomstperspectief. Al deze artikelen blijken al jaren uitverkocht en het zit er niet in dat de produktie daarvan in de naaste toekomst op gang zal komen. Toch blijven ze wachten op datgene dat ze eigenlijk niet kennen, maar waarvan ze het vermoeden hebben dat het bestaat.
Zo volgt de camera hun tocht langs de havens en de stations, allemaal uitgelezen ego-vernietigende locaties. Veel lange totalen uit een vaste camera-opstelling. Veel nat, brokkelig asfalt, rails en roestig ijzer, zoveel dat het beetje blauw van de Oostzee met een scheepje aan de einder een ware verademing betekent. Zelfs de cameraman is een eenzame figuur, zoals hij zichzelf weerspiegelt in een voorbijrijdende trein. Het geluid is er vermoedelijk later bij gemaakt, dat was wat de dialogen betreft geen probleem.
Even komt het tot wat je een gesprek zou kunnen noemen tussen de spraakzaamste van de twee jongens en een alcoholist van het Raspoetin-type. Deze deelt hem mee dat alle mislukte mensen zoals hij zelf veroordeeld worden tot nog een leven, en dat is zo’n beetje het ergste wat hij zich voor kan stellen. Hysterisch kijkt hij in een brandend peertje. Wat een vooruitzicht! Gek genoeg weet Bartas met deze minder dan minimale middelen te overtuigen. Hier is iemand aan het werk die gevoel voor vorm heeft. Door z’n koele, lang volgehouden camera-instellingen weet hij de opgekropte hysterie van zijn personages tot het bijna ondraaglijke op te voeren. De meisjes huilen, de jongens zwijgen, de mannen drinken. Er is een kleine elite die een goed leven heeft. Je ziet niet meer van ze dan vage silhouetten achter warm verlichte ramen. Ze dansen de lambada en doen alsof ze in een exotisch land zijn.

IJstijd
De opgeklopte ellende in dit speelfilmdebuut functioneert als pure vorm waarmee Bartas de kansloosheid en het onvermogen tot werkelijk samenleven wil laten zien. De mens als een wolf voor zijn soortgenoten en vooral voor degenen die net komen kijken en niets begrijpen van zoveel laaghartigheid. De culturele verschillen tussen de Scandinavische Litouwers en de Slavische Russen, maar ook de overeenkomsten tussen hun beider levensgevoel. Ze vinden elkaar in de melancholie die per noordelijke breedtegraad toeneemt. Dat heeft helemaal niets met welvaart te maken. We hoeven Bergman er maar op na te slaan; een echt vrolijke boel zal het daar in het hoge noorden nooit worden. Het is alsof de ijstijd nog in hun genen zit. Bij temperatuurverlaging bewegen atomen steeds langzamer en staan op een gegeven moment stil. Dan gaat film over in fotografie.
Het lijkt wel of Bartas dit laboratoriumproces door middel van zijn acteurs heeft willen duidelijk maken. Hij vraagt heel wat van ze en ze weten die lijn van steeds maar toenemende neerslachtigheid vol te houden. Ook van de toeschouwer wordt veel gevraagd. Hij krijgt er wat voor terug want oh!, wat kan ellende toch mooi zijn.

Eddy van der Meer