Saint-Narcisse

Incest, heiligschennis en stoute heksen

Saint-Narcisse

Een jongeman ontdekt dat zijn lang dood gewaande moeder nog in leven is en wordt ook nog even verliefd op zijn tweelingbroer. Bruce LaBruce is terug.

Seksuele transgressie galore in Saint-Narcisse, waarin de Canadese regisseur Bruce LaBruce een speelse draai geeft aan de mythe van Narcissus. Want waar is eigenlijk het bewijs dat Narcissus verliefd werd op z’n eigen spiegelbeeld en door de goden verdoemd werd om er de rest van zijn leven naar te kijken? Nou? Waarom zou hij niet verliefd zijn geworden op een eventuele tweelingbroer? Kijk, daar hadden we even niet aan gedacht.

De film opent, want waar anders, op het kruis van Dominic, een jonge god gehuld in een strakke broek met dito kaaklijn. Het is 1972 en hij zit te wachten in een wasserette en fantaseert over seks met de vrouw die naast hem zit, terwijl toeschouwers buiten tegen het raam gedrukt staan en elke beweging volgen. Hij houdt ervan om te kijken en bekeken te worden.

Na die kleine prelude en vingerwijzing naar queerklassieker My Beautiful Laundrette begint het eigenlijke verhaal, wanneer Dominic in het huis van zijn grootmoeder een brief vindt waaruit blijkt dat zijn moeder nog leeft, terwijl hij al die tijd dacht dat ze dood was. Ze woont ver weg in de bossen bij het plaatsje Saint-Narcisse, waar een serveerster hem weet te vertellen dat ze samenleeft met een jonge vrouw en dat ze heksen zijn. Haar geliefde blijkt nooit ouder te worden en altijd even mooi te blijven, waarmee LaBruce ook nog even een knik geeft naar Dorian Gray.

Curieuzer en curieuzer wordt het als Dominic even later een groepje jonge monniken in het dorp ziet, waarvan er één sprekend op hem lijkt. Het blijkt zijn tweelingbroer Daniel, die door het hoofd van het klooster al jaren misbruikt wordt. Dat deze priester Daniel als de reïncarnatie van de heilige Christoffel ziet, maakt het misbruik nog bizarder. Tussen Dominic en Daniel was het ondertussen liefde op het eerste gezicht. En zo wordt Dominic toch nog op zichzelf verliefd.

LaBruce brengt deze tuin der lusten met een prettige lichtheid, ook al spelen de acteurs deze incestueuze komedie met uitgestreken gezichten. Lust houdt zich niet aan grenzen en in LaBruce’s universum schuilt het verlangen overal. Het familieportret waarmee de film afsluit is een sardonische knipoog naar traditionele gezinsverhoudingen.