Reflection

Je ziet het trauma groeien

Vanwege de Russische invasie van Oekraïne verschijnt de nieuwe film van Valentin Vasijanovitsj, die vorig jaar in pr`miere ging in Venetië, versneld in de bioscopen. Een film over de Russische invasie. En over trauma.

Reflection begint in november 2014, ‘het eerste jaar van de Russisch-Oekraïense oorlog’. Die formulering is geen detail. Ten westen van Oekraïne verkeerden we de afgelopen zeven jaar misschien in de veronderstelling dat het conflict met Rusland voorbij was, maar in Oekraïne wist men beter. Daar ziet men de invasie van 24 februari als een nieuwe fase van het conflict, een voorzetting van Russische agressie met andere middelen.

Centrale figuur in Reflection is chirurg Serhiy, een Oekraïense arts die zich nuttig wil maken in de strijd in de oostelijke regio Donbass (die de provincies Donetsk en Luhansk omvat). Maar al snel valt hij in handen van Russische troepen en belandt hij in een Russische martelkelder waar de FSB huishoudt. Wie zich afvraagt hoe reëel de taferelen zijn die je ziet: de rol van FSB-ondervrager wordt gespeeld door Stanislav Aseyev, een Oekraïense journalist die zelf 28 maanden opgesloten zat in de geheime gevangenis Izolyatsia in Donetsk.

Omdat Serhiy als arts nuttig is voor de FSB overleeft hij zijn gevangenneming. Maar niet voordat hij onder druk een videoboodschap heeft achtergelaten, waarin hij verklaart dat de Russen niets vervelends doen met gevangenen. Wat de kijker hier gemakkelijk kan ontgaan omdat regisseur Valentin Vasijanovitsj nauwelijks aan close-ups doet, is dat een van de doden een bekende is van Serhiy, die we aan het begin van de film zien.

Vasijanovitsj heeft een uitgesproken visuele stijl, die we hier in 2019 leerden kennen met Atlantis. Met nauwkeurig gecomponeerde beelden vertelt Atlantis een verhaal geplaatst in het Oekraïne van 2025, een jaar nadat de oorlog tussen Rusland en Oekraïne ten einde is gekomen. Sergei, een voormalige soldaat, probeert zijn draai te vinden in het burgerleven. Maar de sporen van oorlog zijn overal. In zijn hoofd. Op straat. In het landschap. Onder de grond. De film is een uitgerekte verbeelding van het nationale trauma dat Oekraïne teisterde.

Die visuele stijl is logisch: als je als maker recht wilt doen aan zo’n ernstige situatie, is teveel kunstmatigheid – zoals een voortdurend zwenkende camera en actiestijl – een vorm van bedrog. Misschien zelfs moreel verwerpelijk. Bovendien benadert het tijdsverloop in die lange shots de vertraging die iemand met een trauma kan voelen. Waarin het trauma zich keer op keer herhaalt. Waarin alles in de scène die je je herinnert weer in detail voorbijkomt.

Waar Atlantis een posttraumatische verbeelding is, zie je in Reflection het trauma voor je ogen ontstaan. In de eerste helft van de film in het FSB-gebouw ziet Serhiy (en zien wij) een aantal brute taferelen, maar in de tweede helft is hij weer thuis. Het resultaat van een gevangenruil. De rust wil echter niet in zijn hoofd terugkeren.

Vasijanovitsj toont de gebeurtenissen net als in Atlantis in minutenlange shots, waarin de statische camera de taferelen gadeslaat. Terug in de stad leeft Serhiy in een modern appartement, waar de buitenwereld bijna niet hoorbaar is. Maar in het oostelijke oorlogsgebied filmt Vasijanovitsj de roest van enorme metalen fabrieksdeuren en het beton van kapotte fundamenten. Enerzijds is het postindustrieel verval en verwoesting, maar in het contrast tussen die materialen lijkt ook iets anders verstopt te zitten: dat Oekraïne zich veilig kan wanen maar dat er iets ouds en onverstoorbaars loert dat de levens in die moderne appartementen bedreigt.

Reflection levert een elegante verbeelding van trauma. En zoals iedereen sinds 24 februari weet, met miljoenen Oekraïners op de vlucht en een verwoest land door de Russische tactiek van de verschroeide aarde: over trauma gaan we nog veel horen.