Cyrano

Fenomenale Dinklage als hoogtepunt in middelmatige musical

Cyrano

De nieuwste bewerking van het bekende toneelstuk Cyrano de Bergerac zou saai genoemd kunnen worden, ware het niet dat Peter Dinklage de titelrol speelt. Die slimme keuze geeft deze musical de emotionele weerklank die het verhaal nodig heeft.

Het verhaal van Cyrano de Bergerac is bekend, zelfs voor degenen die nog nooit hebben gehoord van het toneelstuk van Edmond Rostand uit 1897. Het relaas van een slimme, dappere man die zichzelf te lelijk acht om zijn verliefdheid op te biechten aan zijn grote liefde Roxanne en haar in plaats daarvan poëtische liefdesbrieven schrijft onder de naam van een knappe maar simpele man, is zo vaak bewerkt dat het een trope is geworden in de filmcultuur.

Het idee van een man die zijn liefde via iemand anders verklaart is tijdloos. Toch ligt een hedendaagse bewerking van het toneelstuk voor de hand, vanwege moderne verschijnselen als internetdaten en het zeer Bergeraciaanse fenomeen catfishing, waarbij iemand zich online voordoet als een meer conventioneel aantrekkelijke ander. Joe Wrights bewerking, gebaseerd op het toneelstuk van scenarioschrijver Erica Schmidt, blijft echter trouw aan het origineel, dat zich afspeelt in het Frankrijk van de zeventiende eeuw, tijdens de oorlog met Spanje.

Wright maakt echter één allesbepalende verandering: Cyrano denkt niet dat hij lelijk is vanwege zijn grote neus, zoals in het origineel, maar omdat hij klein is – hij heeft achondroplasie. Door die geweldige keuze is Cyrano niet slechts een ijdeltuit, maar iemand die beïnvloed en gevormd is door de oordelen van de samenleving. Cyrano wordt vertolkt door Peter Dinklage (bekend als Tyrion Lannister uit Game of Thrones). Zijn invulling van de rol redt deze film, en maakt het kijken naar de wisselvallige productie en de teleurstellende choreografie meer dan de moeite waard.

Dinklage is ronduit fenomenaal als Cyrano. Hij stopt veel pijn en etterende zelfhaat vermomd als gezond verstand in zijn spel en maakt van Cyrano een man die ondanks alles blijft hopen. Deze hoop koestert hij als een klein vlammetje waarvan hij bang is dat het alles kan verslinden maar dat hij ook niet uit durft te laten gaan. We zien hem de vlam telkens aanwakkeren, om toch weer uit te doven tot slechts smeulende kolen overblijven.

Dinklage is in alle opzichten het hoogtepunt van een middelmatige musical die verder vooral opvalt door vreemde keuzes. Wright lijkt vooral niet zeker te weten of hij recht wil doen aan het hoogdravende origineel of het verhaal wil omvormen tot een rechttoe-rechtaanvertelling. Bombastische, bloemrijke dialogen worden afgewisseld met moderne liefdesliedjes geschreven door de Amerikaanse indierockband The National, met eenvoudige teksten. “I’d give anything for someone to say / That they can’t live without me and they’ll be there forever”, zingt Roxanne (Haley Bennett) bijvoorbeeld, terwijl ze tegelijkertijd spreekt over haar wens met poëtische zinnen in plaats van simpele clichés te worden versierd.

En hoewel de nummers aangrijpend zijn – laat het maar aan The National over pijn en verlangen uit te drukken in muziek – lijken ze uit een ander soort Cyrano-musical te komen. Het is verrassend dat juist Dinklage, verre van de beste zanger in de cast, de musical Cyrano naar een hoger niveau tilt.