Kateryna Gornostai over Timestamp
‘Ik archiveer tienergezichten op een cruciaal moment’
Kateryna Gornostai. Foto: André Bakker
Deze even tedere als pijnlijke documentaire van Kateryna Gornostai is een mozaïek van een generatie Oekraïense kinderen en tieners die onder constante oorlogsdreiging naar school gaan. “Je kunt de oorlog niet als één ding tonen.”
Met haar innemende speelfilmdebuut Stop‑Zemlia won de Oekraïense regisseur Kateryna Gornostai in 2021 de Kristallen Beer in de Generation 14plus-sectie van de Berlinale. Afgelopen editie keerde ze terug naar het festival met Timestamp, de enige documentaire die dat jaar in de hoofdcompetitie stond. Opnieuw maakte ze een portret van kinderen en jongeren, al verruilde ze het dromerige coming‑of‑age‑drama van haar speelfilm voor urgente non-fictie over opgroeien in oorlogstijd.
Ze trekt langs scholen verspreid door heel Oekraïne en observeert hoe kinderen geregeld van klaslokaal naar schuilkelder schuifelen, zodat de lessen ondergronds kunnen doorgaan. Gornostai componeerde zo een ontroerend mozaïek van het Oekraïense onderwijs, waar het pad naar volwassenheid onvermijdelijk ook in het teken staat van gevaar, verlies en verdriet. Maar wat vooral blijft hangen is toch de tederheid waarmee Timestamp jonge mensen in beeld brengt, iets waarin Stop‑Zemlia ook al uitblonk.
De selectie van Timestamp in de competitie van het filmfestival van Berlijn was voor Gornostai een teken van erkenning, omdat ze met deze film terugkeert naar de documentairevorm die ze eerder had afgezworen. En ondanks het feit dat ze pas een paar dagen daarvoor van haar eerste kind was bevallen, verscheen de regisseur op de rode loper van de Berlinale om Timestamp met de wereld te delen.
Tijdens IDFA, waar de film dit najaar te zien was, reflecteerde ze op haar rentree als documentaireregisseur, de gevoeligheid waarmee ze kinderen filmt en de nieuwe fase in haar leven, waarin ze haar verantwoordelijkheden als filmdocent, regisseur en kersverse moeder leert balanceren.

Hoe was het om na Stop‑Zemlia met Timestamp terug te keren naar documentaire? “Ik studeerde documentaireregie en mijn eerste films waren autobiografische documentaires die moeilijk waren om vertoond te krijgen. Mede daarom dacht ik dat ik nooit meer een documentaire zou maken. Na een worsteling met mezelf maakte ik de oversteek naar fictie, al liggen de methodes van documentairefilms voor mij altijd op tafel. Zo bouwde ik voor Stop‑Zemlia een nauwe band op met mijn acteurs, die lijkt op de relatie tussen een documentairemaker en haar protagonist. Het is meer dan een vriendschap, eerder een intensieve creatieve samenwerking. Die hybride manier van werken zie je terug in mijn fictiefilm.”
Met Timestamp vang je de belevingswereld van scholieren door heel Oekraïne. Hoe was het om het houvast van een hoofdpersonage los te laten en deze generatie in haar totaliteit te tonen? “Ik ben dankbaar voor die ervaring, omdat ik in veel regio’s waar we filmden, zoals Zaporizja of Mykolajiv, nooit eerder was geweest. De situatie in Kyiv ken ik, maar in Zaporizja ziet het er totaal anders uit. Je ziet mensen rustig rondwandelen of tafelen in een restaurant, terwijl de waarschuwingen voor ballistische raketten om de haverklap binnenkomen. Je observeert zo de gewenning. Hoe dichter je bij de frontlinie komt, hoe meer je beseft dat mensen verschrikkelijke dingen al als normaal zijn gaan beschouwen. Wij lopen rond in kogelwerende vesten met het woord ‘press’ op onze helm, terwijl een vrouw op straat zonder opkijken haar hond uitlaat. Ondertussen hoor je de artillerie op twintig kilometer afstand inslaan. De directeur van een van de scholen liet me zien dat de schoolbus nog altijd naar het front rijdt. Dan besef je pas echt wat de realiteit van oorlog is. Het is onmogelijk om dat gevoel volledig over te brengen in de film.”
Hoe belangrijk is het voor de huidige Oekraïense documentairecinema om juist die grotere verhalen op te zoeken? “Dat is een lastige vraag, omdat we nog altijd midden in deze situatie zitten. De luxe om dit allemaal te verwerken hebben we nog niet. Het enige wat je kunt doen is blijven observeren, om met een tedere blik deze harde realiteit vast te leggen. Als landgenoot voel ik die pijn, een pijn die ik in mijn film probeer te vangen. Ik maakte deze film dus om iets te vereeuwigen en te bewaren, om een tijdstempel van deze generatie te maken. Ik archiveer de gezichten van deze tieners op een cruciaal moment in hun leven.”
Ik was geroerd door de spontaniteit waarmee je de kinderen in beeld brengt. Kun je meer vertellen over hoe je jonge mensen filmt? “Ons belangrijkste instrument was een grote camera met sterke zoomlenzen, waardoor we klassen konden filmen zonder de les te verstoren. De zoomfunctie maakte het mogelijk om momenten vast te leggen waarop iemand helemaal in zijn of haar eigen wereld zit. Kinderen doen dat heel vaak. Op kleine momenten van rust schakelen ze de realiteit even uit. De momenten waarop een kind niet meer nadenkt over het feit dat er gefilmd wordt, zijn waardevol voor mij. Tegelijkertijd geniet ik van die momenten waarop je ziet dat ze zich wél bewust zijn van onze aanwezigheid. We wilden namelijk nooit de illusie voorhouden dat we een vierde wand zijn. Je ziet in de film dat de kinderen de aanwezigheid van de camera spannend en interessant vinden. Daarbij was onze grootste uitdaging om op schema te blijven, want mijn cameraman Oleksandr Rosjtsjyn en ik waren totaal gebiologeerd door de schoonheid van de jongeren en hun gezichten. Als hij een tiener filmde die in haar schrift schreef, moest ik hem soms echt porren om door te gaan naar het volgende shot.”
Ik heb het idee dat de elektronische score van Oleksii Shmurak helpt om al die regio’s en al die gezichten op een organische manier met elkaar te verbinden, als een soort Grieks koor dat commentaar levert op wat je ziet. “Dat is een interessante manier om naar de soundtrack te kijken, omdat ik wilde dat de muziek ook een personage zou zijn. De soundtrack is als een moederfiguur of beschermengel die met de kinderen meeleeft. Dat hielp ons in de montage om al dat materiaal te ordenen, vooral omdat we zo veel interessante shots hadden waar feitelijk niets in gebeurde. Dankzij de muziek reiken we het publiek een hand en nemen we het mee op reis. Timestamp is een emotionele rollercoaster die de kijker naar binnen sleurt, daarna laat ontspannen en uiteindelijk confronteert met de emotionele ups en downs van de oorlog.”
Je zei dat je jezelf niet meer als documentairemaker beschouwde, maar met Timestamp stond je wel in de hoofdcompetitie van Berlijn. Hoe zie je jezelf nu als regisseur? “Je stelt me die vraag terwijl ik me op dit moment überhaupt geen regisseur voel. Op de eerste plaats ben ik nu een moeder. Ik sta dus voor een grote vraag: ben ik ooit weer in staat om dit werk te doen? Het verlangen is er, maar mijn prioriteiten liggen nu elders. Kan ik een goede moeder én een toegewijde filmmaker zijn? Dat is een pijnlijke vraag, al voel ik die pijn nu nog niet. Ik geniet van het moederschap en maak gebruik van de tijd waarin onze volgende projecten nog in de ontwikkelingsfase zitten. Filmmaken vraagt immers honderd procent van je tijd, tijd die ik er nu niet aan wil geven.”
Je werkt ook als docent op een filmopleiding. Daarom voelt het toepasselijk dat je met Timestamp een gezicht hebt gegeven aan een generatie die een hoofdstuk van hun leven in zulke extreme omstandigheden afsluit. Voel je een sterke verantwoordelijkheid voor deze jongere generatie? “Zoals je het nu beschrijft klinkt het enorm groot, maar het klopt dat ik de complexe realiteit van deze tieners met de wereld wil delen. Ik denk dat mensen in het buitenland zich nog steeds niet realiseren hoe uiteenlopend de ervaringen van mensen in oorlogstijd zijn. In Kyiv ziet het leven er totaal anders uit dan in Dnipro of Odessa. Veel mensen denken dat heel Oekraïne er nu uitziet als het gebombardeerde getto in The Pianist [2002]. Dat is niet zo. De realiteit is veel gelaagder. Dat was mijn doel: om de uiteenlopende definities van wat het nieuwe normaal in tijden van oorlog is te verbeelden. Je kunt de oorlog namelijk niet als één ding tonen.”
Timestamp is vanaf 19 februari 2026 te zien in de bioscoop.