Fernando Eimbcke over LAKE TAHOE

Naschok

  • Datum 07-04-2016
  • Auteur
  • Deel dit artikel

Regisseur Fernando Eimbcke (in auto) en cameraman Alexis Zabé op de set van LAKE TAHOE

Voor iemand die, zoals Fernando Eimbcke stellig beweert, "auto’s haat", maakte de jonge Mexicaan met lake tahoe een wel erg geestige tragikomedie over een auto. En over de dood. En het leven. En de condition humaine. Want zo’n auto is ook maar een vehikel natuurlijk. Net als de mens zelf.

Boem. Met een knal gaat lake tahoe, de nieuwe film van Fernando Eimbcke van start. "De rest is de naschok", vertelde hij aan de Filmkrant tijdens het Filmfestival Cannes waar zijn tweede film door Fipresci als ‘Ontdekking van het jaar’ werd gepresenteerd. Eerder al werd hij in Berlijn bekroond met de Fipresci-prijs van de internationale filmkritiek.

De dood speelt een belangrijke rol in je film. De dood van een auto, die aan het begin tegen een lantaarnpaal knalt en als een pistoolschot de film in beweging zet. Maar het echte drama van de film heb je zo goed als buiten de film gelaten. En dan sluipt het aan het einde toch nog binnen. Waarom? Voor mij was dat een hele organische manier om met het thema van de dood om te gaan. De dood is iets wat je overvalt. Als een onaangename verrassing. Dat gevoel, dat uiteindelijk verklaart wat er met hoofdpersoon Juan aan de hand is, moet voor de toeschouwer ook als een verrassing komen.

Toch maak je er in de film geen dramatisch hoogtepunt van. Eerder absurdistisch. De dood is in het echte leven vaak ook geen dramatisch hoogtepunt. Een drama. Natuurlijk. Dat wel. Maar ook iets waarvan je vaak niet weet hoe je erop moet reageren. Ik heb met de dood van mijn eigen vader, maar ook bij anderen die onverwacht iemand verloren, meegemaakt dat het drama vaak gedragen wordt door absurdisme. Mensen gaan zich op een onlogische, vaak idiote of grappige manier gedragen. Bij het schrijven van lake tahoe was het voor mij een obsessie om juist dat absurdisme naar voren te halen. Omdat dat ons misschien wel het beste helpt iets van het drama te begrijpen.

Hoe ben je bij het schrijven van lake tahoe dan te werk gegaan, als je juist het drama buiten beschouwing wilde laten? Gek genoeg juist op een heel, heel traditionele manier. Bijna volgens het boekje. Ik heb gebruik gemaakt van klassieke scenariowetten als opening, opbouw, climax en keerpunt. En toen ik die onder elkaar had gezet, ben ik ermee geen spelen. Niet wat betreft de volgorde, maar meer om te kijken hoe veel, of beter gezegd hoe weinig je nog nodig had om het verhaal te vertellen. Het is meer een uitgebeende, minimalistische traditionele film geworden.

Maar toch traditioneel? Ja. Heel erg traditioneel.

Dat is niet hoe mensen er tegenaan zullen kijken. lake tahoe is verwant aan Jim Jarmusch, Aki Kaurismäki, Tsai Ming-liang. Niet bepaald traditionele filmmakers. Films met een beperkte narratie en een extreem elliptische vertelstijl die bijna alleen nog maar uit Antonioni’s ’temps mort’ bestaan, noem je meestal niet traditioneel. Maar het is wel leuk om ze traditioneel te noemen! Want het ontbreken van drama is ook drama. Het oprekken van de tijd is nog steeds tijd. En waar tijd voorbij gaat, er is een ontwikkeling. Als je dat aan mensen vertelt, kunnen ze ook naar dit soort films leren kijken.

Over tijd gesproken… Soms lijkt het alsof je film in ‘real time’ is opgenomen, en dan weer alsof je bewust een soort tijdsvacuüm creëert, omdat je nooit helemaal weet wat voor tijd op de dag het is. Hahaha. Dat is een fout in het script. Nee echt. Ze zijn de hele tijd aan het ontbijten. De oude mecanicien heeft z’n ontbijt nog niet op en dan gaat-ie alweer siësta houden. Hahaha. Dat komt omdat ik alleen met natuurlijk licht werk en dat is ’s ochtends het beste. Dus het was heel moeilijk om lichtcontinuïteit te bereiken. Als we ergens gingen filmen, dan was het wéér de volgende dag en dan waren ze wéér aan het ontbijten. Maar het grappige is dat het nu wel een soort werking heeft gekregen.

Iets vergelijkbaars gebeurt er met de ruimte door de vaste cameraposities. Behalve dat ik daar heel erg van hou heeft dat ook een banale reden. Ik voel mezelf gewoon nog niet goed genoeg om de camera te bewegen. Ik voel me zelfverzekerder als ik de camera ergens neer kan zetten en me dan bezig kan houden met wat er in dat frame gebeurt. Het geeft je iets meer vrijheid om te improviseren denk ik. En ik hou van de dynamiek en de ritmiek van wat er binnen één enkel frame kan gebeuren.

Is een shot ook een scène, of knip je het begin en het einde eraf? Nee, integendeel. Als je op locatie bent gebeurt er iets met de tijd. De tijd is te kort. Of te lang. In ieder geval moet je echt durf hebben om een shot lang aan te houden en dan blijkt het in de montage vaak nog te kort te zijn. We hebben ook bijna geen tijd in de montagekamer doorgebracht, want er was gewoon niet genoeg materiaal. Bij mijn eerste film temporada de patos was dat wel anders. Die wilde ik per se in chronologische volgorde draaien, maar nu kwam ik erachter dat dat ook maar een trucje is. Ik denk dat ik nu wel wat relaxter was.

Wat meer Zen? Zoals martial arts-fanaat David in de film, bij wie Juan aanklopt voor een auto-onderdeel en dan diverse filosofische en religieuze lessen meekrijgt? David en zijn moeder zijn het gevolg van alles wat ik tijdens het schrijven heb gelezen over hoe mensen in verschillende culturen omgaan met vragen van dood en leven. Ik heb me sufgeresearched. Via het Boeddhisme kwam ik bij de kungfu terecht. Don Heber, de oude mecanicien is helemaal Zen. Ik houd totaal niet van kungfufilms, maar ik heb heel erg veel plezier gehad om dat karakter van David te ontwikkelen.

Maar niks geen Mexicaanse dag van de doden… Nee. Ik heb helemaal niks met het katholicisme. Ik ben bij de nonnen op school geweest en dat was dat. Ik haat folklore.

Is je eigen kijk op de dood veranderd door het verlies van je vader en het maken van deze film? Ja. Ik realiseer me dat we er minder angst voor hoeven te hebben. Het lichaam is maar een vehikel. Maar er is iets. Een ziel misschien, als je in een ziel gelooft die blijft leven. Zelf denk ik dat de nabestaanden de ziel in leven houden. Iemand blijft in je hart bestaan omdat je aan hem denkt.

Het lichaam als vehikel… dat maakt al dat gedoe met die auto opeens wel een heel groot symbool. Ja. Die auto is maar een vervoersmiddel. Net zoals het lichaam. Je kunt er reserveonderdelen in stoppen, maar op een dag is het op. Ik heb tijdens het maken van lake tahoe ook veel verwantschap gevoeld met Vittorio de Sica’s ladri di biciclette, die klassieker van het neorealisme. Daarin is een man de hele tijd op zoek naar zijn fiets. Maar het gaat natuurlijk helemaal niet om zijn fiets. Die fiets is alleen maar belangrijk, omdat hij hem belangrijk houdt. Maar het is maar een ding. Het gaat om andere zaken. Hetzelfde met die auto. Die auto is niks. Ik hou helemaal niet van auto’s. Ik haat auto’s. Juan geeft geen bal om die auto. Die auto betekent niets voor hem. Hij betekende niets voor zijn vader. Hij is alleen maar belangrijk zo lang hij zijn angst, zijn gevoelens, zijn verwarring symboliseert.

Maar toch nog even verder interpreteren… het lichaam als auto, en al die garages en onderdelenshops als ziekenhuizen en apotheken? En de meeste zijn gesloten… of houden weer siësta… of hebben de onderdelen niet in huis. Ja, dat is de condition humaine.

En de spookstad waar alles is opgenomen als tussenland tussen leven en dood? Weet je waar dat is opgenomen? In Yucatán. Het zuidelijkste puntje van Mexico. In een havenstad die nota bene Progreso heet. Maar daar gebeurt het hele jaar niets. Geen beweging. Het is een vakantieoord. En de rest van de tijd is het uitgestorven.

En Lake Tahoe? Dat is dat idyllische oord waar je alleen maar van kunt dromen maar nooit aan zult komen.

Dana Linssen