Boeken: Ideaal. Op het spoor van film- en verzetsman Karel van Riet Paap
Een filmgeschiedenis ‘van onderop’
Karel van Riet Paap. Foto: collectie Beeld en Geluid.
De technologische ontwikkelingen in de vooroorlogse Nederlandse filmindustrie beschrijft filmpublicist Barend de Voogd aan de hand van de anonieme filmlaborant Karel van Riet Paap. In 1942 werd Van Riet Paap vanwege diens verzetswerk vermoord in concentratiekamp Buchenwald.
“Het mooiste wat je van zijn nalatenschap kunt zeggen, is dat hij bij iedere technische innovatie in de kopgroep heeft meegelopen.” Dit schrijft filmjournalist Barend de Voogd op pagina 250 van zijn boek Ideaal. Op het spoor van film- en verzetsman Karel van Riet Paap. Het lijkt een zuinige constatering, maar we hebben dan ook te maken met een van de vele anonieme figuren uit de Nederlandse filmgeschiedenis. Mensen die jarenlang een rol vervulden in de filmindustrie zonder dat we hun naam kennen.
De Voogd pleit voor een filmgeschiedenis ‘van onderop’, met aandacht voor diegenen die niet bekend of beroemd zijn geworden. Zijn boek is tevens een poging “het vroegere, sterk geïdealiseerde beeld van ‘de filmpioniers’” te nuanceren. De Voogd doelt dan op vooroorlogse namen als Maurits Binger, Willy Mullens en de Haarlemse filmstudio Hollandia.
Karel van Riet Paap (1891-1942) was een (afgebroken) leven lang werkzaam achter de schermen van de Nederlandse filmindustrie. Hij was filmlaborant bij het door Maurits Binger met harde hand gerunde Hollandia, waar hij mogelijk ook de montage van een enkele speelfilm deed. Zoals veel in zijn loopbaan en leven is dit speculatief: aftitelingen met keurige credits voor iedereen die aan een productie meewerkte bestonden nog niet. In 1920 verhuisde hij naar Den Haag, waar hij ging werken voor Willy Mullens en diens Haghe Filmfabriek. Haghefilm maakte vooral non-fictie, maar ook reclame- en opdrachtfilms.
De Nederlandse filmindustrie stond nog in de kinderschoenen, fictiefilms werden nauwelijks gemaakt. In 1928 verliet Van Riet Paap Mullens, die net als Binger niet zo’n goede werkgever was. Hij kwam terecht bij Filmfabriek Profilti, onderwerp van het vorige boek van De Voogd, De Filmfabriek (2023). De Voogds opa zwaaide er de scepter. Ook daar werkt hij achter de schermen aan het ontwikkelen, afdrukken en monteren van films. In het geval van Profilti waren dit voornamelijk bioscoopjournaals.
In 1933 begint hij zijn eigen bedrijf: Ideaal Film Laboratorium. Van Riet Paap heeft dan al ervaring opgedaan met geluidsfilms en stort zich achtereenvolgens op een kleurensysteem (Dufaycolor) en een ondertitelsysteem (uitgevonden door Rudolf Hruska). Dit zijn de technische innovaties waar De Voogd op doelt in zijn hierboven aangehaalde slothoofdstuk. Daarnaast is Van Riet Paap, zoals zovelen in die tijd, actief als amateurfilmer; een aantal van zijn 16mm-familiefilms is bewaard gebleven.
De Voogd beschrijft uitgebreid het gedoe rond het octrooi van Hruska’s ondertitelmachine. Werd dat door diens zaakgemachtigde meermaals verkocht? Had deze Vilcsinszky überhaupt de rechten? Wat is de (kwalijke) rol van concurrent Mullens in dit alles? Het is de verdienste van De Voogd dat hij dit allemaal uitzocht en vlot heeft opgeschreven; de geschiedenis van het innovatieve Hruska-systeem wordt hier voor het eerst geboekstaafd. Toch zijn deze hoofdstukken ook een beetje uitputtend, wat ook geldt voor de latere hoofdstukken die handelen over de Tweede Wereldoorlog.
Ideaal is een hybride boek. Het eerste deel over de pioniersperiode en het tot bloei komen van de Nederlandse filmindustrie is bij uitstek voer voor filmliefhebbers. De latere hoofdstukken zullen hen minder boeien. Andersom zullen geïnteresseerden in de Nederlandse oorlogsgeschiedenis stranden in de talrijke gedetailleerde passages over filmtechnische processen.
Nationale gedachte
Wat Van Riet Paap precies deed in het verzet, krijgt De Voogd niet sluitend boven tafel. Waarschijnlijk drukte hij in zijn laboratorium verzetskrantjes, maakte een paar monarchistische filmpjes en deed mee aan andere verzetsacties.
Voor de oorlog zat Van Riet Paap bij het Nationaal Jongeren Verbond (NJV) dat als doel had de Nederlandse jeugd de ‘nationale gedachte’ bij te brengen: “Centraal in dat gedachtegoed stonden de trouw aan het koningshuis, de noodzaak van een sterke krijgsmacht en de onafhankelijkheid en eenheid van het koninkrijk en zijn koloniën.” In zijn slothoofdstuk permitteert De Voogd zich een welkome persoonlijke mening en betitelt hij de “extreem autoritaire, militaristische en koloniale opvattingen van het NJV” als problematisch. Eerder toont De Voogd zich – terecht – al kritisch op de meegaandheid van de Nederlandse Bioscoopbond (NBB) met de bezetter.
Karel van Riet Paap wordt gearresteerd en verblijft achtereenvolgens in het Oranjehotel in Den Haag en Kamp Amersfoort, om te eindigen in concentratiekamp Buchenwald. Hier bezwijkt hij, verzwakt en uitgeput door zware dwangarbeid, op 23 augustus 1942.
Ideaal. Op het spoor van film- en verzetsman Karel van Riet Paap Barend de Voogd | 2026, Walburg Pers, Zutphen | 320 pagina’s | €27,50