MUBI Spotlight: Foreign Parts
In het kader van IDFA presenteert MUBI deze maand vijf documentaires over vergeten mensen, armoede en balanceer acts. Met deze week Foreign Parts, een innovatieve documentaire over autoslopers in New York.
Zo nu en dan proberen documentairemakers het wiel opnieuw uit te vinden. Gefascineerd door het in beeld brengen van de realiteit worstelen ze met dogma’s, concepten en avant-gardistische rituelen. Ze proberen zich af te zetten tegen de geldende conventies en komen daardoor tot nieuwe inzichten. Verena Paravel (Leviathan) en J.P. Sniadecki (People’s Park) ontleden de wijze waarop wij waarnemen. Ze onderzoeken hoe de realiteit kan worden verbeeld. Vanuit het Sensory Ethnographic Lab in Harvard maken ze documentaires waarin de nadruk ligt op visuele taal. Zo proberen ze kunst, cinema en antropologie samen te brengen.
De visuele antropologie die Paravel en Sniadecki voorstaan, is geënt op pioniers als de gebroeders Lumière. Door terug te keren naar de begindagen van het medium kan de filmmaker een artistieke wedergeboorte ondergaan. Paravel en Sniadecki zijn kunstenaars die ondubbelzinnige films maken, zonder traditionele verhaaltechnieken. De kijker moet zelf de context samenstellen uit de geboden beelden, een moreel oordeel wordt niet gegeven. Deze premissen zijn zichtbaar in de documentaire Foreign Parts.
In 2008 begonnen Paravel en Sniadecki te filmen in Willets Point, een kleine gemeenschap in New York. De wijk wordt langzaam opgeslokt door bouwprojecten. Straatarme verstotenen wonen onder de rook van Citi Field, het honkbalstadion van de New York Mets. Ze handelen in tweedehands auto-onderdelen. Willets Point is een troosteloze buurt, met onverharde wegen waar drugs worden gedeald. De schreeuwerige reclameborden en kuilen in de weg doen niet vermoeden dat Willets Point in de westerse wereld ligt. Het geluid van het nabijgelegen vliegveld La Guardia lijkt het leven te verstommen.
Het is niet de eerste keer dat Willets Point onder de aandacht wordt gebracht. In 2007 maakte cineast Ramin Bahrani Chop Shop, een speelfilm waarin de minderjarige Ale noodgedwongen moet werken in een autogarage. Foreign Parts biedt daarentegen een collage beelden van buurtbewoners. Zoals Sara en Luis, die in een bus leven. De winter komt eraan, en ze maken zich zorgen over hun gezondheid. Of Joe, een van de oorspronkelijke bewoners van de wijk, die zich beklaagt over de lokale politiek: niemand die zich over Willets Point ontfermt, behalve als de belastingen worden geïnd. Julia is de muze van de wijk. Ze is als bedelaar afhankelijk van de inwoners. Paravel en Sniadecki introduceren hun personages zonder enige aankondiging. Het kost weinig moeite om te aanschouwen hoe zwaar de bewoners het hebben. Tegen wil en dank zijn ze onderdeel van een geïsoleerd gebied. Ze zitten vast in een vagevuur waar niemand uit lijkt te kunnen ontsnappen.
Deze eenduidige boodschap wordt in Foreign Parts omsloten in elk shot. De beelden vertellen zonder expliciete sturing van de makers hoe men leeft in Willets Point. In veel shots zien we Citi Field op de achtergrond. Het stadion lijkt een utopische vrijhaven. Na zonsondergang verlichten de schijnwerpers de wijk. Deze composities roepen een gevoel van onbehagen op, hetzelfde onbehagen dat je aantreft in de films van Roy Andersson. De door Paravel en Sniadecki gefilmde slopers ogen net als de personages in diens films apathisch, alsof ze zijn losgerukt uit de werkelijkheid. Het leven in Willets Point lijkt een soort industriële choreografie. De enige band met de natuur wordt door Joe gelegd, die hoopvol vertelt over de zwaluwentrek.
De lokale politiek lijkt de positie van de bewoners nauwelijks te willen verbeteren. Wanneer Joe een gemeenteraadszitting wil bijwonen, wordt hij onthaald door raadsleden die kort van stof zijn: "Het gaat vandaag niet over Willets Point." Hun gesloten houding ontmaskert het hoofdpijndossier dat de wijk is geworden. Paravel en Sniadecki registreren deze ontmoeting met eenvoudige beelden die voor zichzelf spreken. Ze filmen de bewoners zoals ze zijn, zonder in te gaan op hun persoonlijke verlangens. Als Paravel zelf in beeld komt, dan stoort dat geenszins. Het hoort er nu eenmaal bij, en net als in de films van Jean-Luc Godard moet de kijker zich overgeven.
In een van de laatste scènes zien we Willets Point vanuit vogelvluchtperspectief. De camera is op het dak van een garage geplaatst, en brengt een eenzaam wapperende Amerikaanse vlag in beeld in een gemeenschap die qua uitstraling haaks staat op het Amerika waar we zo bekend mee zijn. Paravel en Sniadecki lijken hiermee te willen zeggen dat Willets Point net zo Amerikaans is als Manhattan en Texas. Het nationale symbool, de Amerikaanse zeearend maakt geen onderscheid.
Omar Larabi