Thuiskijken – 29 maart 2017

Burning Sands

Burning Sands
Masochistische rituelen

Een week lang vernederingen ondergaan in ruil voor eeuwig broederschap. Gerard McMurray laat in zijn speelfilmdebuut op Netflix zien hoe zwarte Amerikanen dank­zij ontgroeningspraktijken opnieuw veranderen in slaven.

De aspirant-leden van een studentenvereniging zijn ‘niets meer dan mormels’. Tijdens Hell Week worden ze fysiek en mentaal mishandeld door hun ontgroeners. Die spreken hun slachtoffers aan met een vooraf toebedeeld nummer: dat hoort immers bij het proces van ontmenselijking. Gelukkig hebben de feuten een hoger doel voor ogen: "Het broederschap is voor eeuwig." En: "Na de ontgroening kunnen we alles aan." Zo tonen ze dat lid worden van een studentenvereniging — ergens bij horen — een eventueel antwoord is op de menselijke zoektocht naar zingeving, hoewel de verhaallijn al vanaf de eerste minuut verraadt dat dit een loze boodschap is, en dat de film niet in majeur zal eindigen. Daarvoor is de toonzetting in dit speelfilmdebuut veel te serieus.
Regisseur Gerard McMurray, bekend als producent van het gelauwerde Fruitvale Station (2013), baseerde het scenario op zijn eigen ervaringen als lid van het studentencorps van Howard University, een zwarte universiteit met alumni als Sean ‘P. Diddy’ Combs en Taraji P. Henson. Zijn visie op eeuwenoude masochistische rituelen is meer een vluchtig statement dan een diepgaande verkenning van die prangende vraag: waarom geef je je waardigheid (tijdelijk) op? McMurray presenteert daarentegen een voorspelbaar verhaal met weinig ruimte voor overpeinzingen; hij doet niet eens de moeite om de kijker kennis te laten maken met zijn personages.
De kernboodschap, die er dik bovenop ligt, is belangrijker: zwarte Amerikanen veranderen dankzij ontgroeningspraktijken opnieuw in slaven. Hoofdpersoon Zurich (Trevor Jackson) is gezien zijn vastberaden blik bereid een week lang hetzelfde leed te ondergaan als zijn voorouders. Hij geeft geen kik wanneer zijn meesters hem ervan langs geven, en slaat adviezen van vrouwen in de wind. Die vrouwen begrijpen deze tribale vorm van zelfkastijding natuurlijk niet (de vrouwelijke hoogleraar). Of ze zijn er onderdeel van, zoals de als onafhankelijke vrouw vermomde seksslaaf (de wellustige medewerkster van een fastfoodtent).
Voor vrouwen is slechts de rol van medestander of tegenstander weggelegd, terwijl de diepere drijfveren van de mannen dus onbekend blijven. Het lijkt bijna alsof McMurray geen kennis heeft genomen van films met soortgelijke verhalen. Een humoristische film als Dear White People (2014), over zwarte Amerikanen op een universiteit, bewijst hoezeer vrouwen juist de rol van emancipator kunnen spelen, en hoe humor ook in donkere tijden onmisbaar is.

Omar Larabi

Burning Sands | | Verenigde Staten, 2017 | Regie Gerard McMurray | Te zien via Netflix

Army of One
Ongeleid projectiel

Nicolas Cage vertrekt na een goddelijk visioen naar Pakistan, op zoek naar Osama Bin Laden.

"Lijk ik een beetje op Nicolas Cage in Con Air?" Na Borat, Brüno en The Dictator komt regisseur Larry Charles met een nieuwe absurde komedie over de misstanden tussen Amerika en de rest van de wereld. In Army of One is Nicolas Cage Gary Faulkner, de Amerikaanse klusjesman die gewapend met een samoeraizwaard naar Pakistan trok om Osama bin Laden op te sporen en over te leveren aan de Amerikaanse autoriteiten. Om Faulkners bovenstaande vraag aan het einde van Army of One te beantwoorden: ja en nee. Cage is al lang niet meer de acteur die in zijn eentje een film kan dragen — hoe absurd die film ook is. Tegelijkertijd valt er iets voor Cage te zeggen in Army of One: niemand evenaart de toewijding die hij in dit armzalige scenario steekt.
Met een snerpend stemmetje schmiert Cage zich als Faulkner door Colorado, waar hij na een goddelijke boodschap de missie op zich neemt om de leider van Al Qaida te vangen. Faulkner is een patriottische man met waanbeelden, die leefde van een uitkering. Toen Amerika lucht kreeg van zijn heilige missie werd hij een mediasensatie en verscheen hij in Amerikaanse talkshows. In die zin is Faulkner een ideaal typetje voor Larry Charles; een man die alle Amerikaanse idealen denkt hoog te houden, maar te blind is om zijn eigen tekortkomingen in perspectief te plaatsen. Tegelijkertijd zit Army of One zo vol met eigen tekortkomingen dat die geen moment de ongemakkelijkheid, absurditeit en zeggingskracht van Charles’ — toegegeven ook niet al te beste, maar wel betere — eerdere films evenaart.
Weg zijn de confronterende scènes van Borat en Brüno, waarin Sacha Baron Cohen als respectievelijk Kazachstaanse en Oostenrijkse immigrant puriteins Amerika te kijk zet. In Charles’ slordig geschoten Army of One is er alleen ruimte voor de loze uitroepen van Faulkner, goedkope flashbacks en simpele observaties over het leven in Pakistan. Het grootste probleem van deze komedie is dat de film repetitief aanvoelt als Faulk­ner de zoveelste poging doet om naar Pakistan te reizen. Zelfs de schrille stem van Cage kan dat niet redden. Jammer, want als Cage een Pakistaanse vleesverkoper de tip geeft om tegen het vlees te praten zodat het lekkerder wordt, heeft zo’n moment toch charme. Elke keer als Army of One dankzij Cage het voordeel van de twijfel lijkt te krijgen, haalt Charles zijn eigen film onderuit met nieuwe houterige personages, inclusief ondermaatse acteerprestaties. In die zin is Nicolas Cage nog steeds een eenmansleger. Mits ingezet in de goede film kan hij ongekende munitie afvuren. Hier is hij echter een ongeleid projectiel, als acteur net zo zoekende als Faulkner in Pakistan.

Hugo Emmerzael

Army of One | | Verenigde Staten, 2016 | Regie Larry Charles | 92 minuten | Verkrijgbaar op dvd (Splendid)

Geschreven door de Filmkrant