Spotlicht: John Malkovich
Being John Malkovich
Deze maand het spotlicht op John Malkovich. Kun je een acteur bewonderen én een poseur vinden? John Malkovich zet elke rol naar zijn hand, maar zijn ultra-beschaafde voorkomen roept wantrouwen op.
Ik moet al zeker twee films met John Malkovich hebben gezien voor ik de acteur in 1988 in Stephen Frears’ Dangerous liasions zag. Merkwaardig dat hij als fotograaf in The killing fields en als een van Lomans zoons in Death of a salesman geen enkel beeld bij mij heeft achtergelaten. In Dangerous liaisons maakte hij als de Franse graaf Valmont, die uit een weddenschap vrouwen verleidt en ze vervolgens dumpt, wel indruk. Een onuitwisbare zelfs, wat misschien komt doordat films zelden over amorele, cynische personages gaan. Malkovich speelde het achttiende-eeuwse personage schijnbaar achteloos. Als Dustin Hoffman of Robert De Niro de graaf had gespeeld, zouden we cynisme met hoofdletters hebben gezien, maar Malkovich hield het onderkoeld. De man moet dan ook niets hebben van method acting. Acteren is voor hem techniek. Emoties hebben er niets mee te maken.
Vier jaar na Dangerous liasions zag ik Malkovich in de Steinbeck-verfilming Of mice and man. Schuilde achter de goedmoedige, zwakzinnige reus van een kerel, die met zijn vriend in de jaren dertig over het Amerikaanse armoedige platteland zwerft, dezelfde acteur als achter de cynische graaf? Malkovich leek zich in beide personages op zijn gemak te voelen. Het typeert hem: hij speelt met evenveel gemak Jekyll en Hyde (Mary Reilly), een kille echtgenoot (The portrait of a lady), zogenaamd zichzelf (Being John Malkovich), een Amerikaanse Shakespeare-kenner (O convento) als Charles II (The libertine). Het geheim zit in zijn opvatting dat een acteur niet moet opgaan in zijn personage. Een acteur moet het personage geloofwaardig spelen, wat iets anders is dan het worden. Malkovich is niet het soort acteur dat voor een rol twintig kilo aankomt. Hij zoekt het niet in fysieke gelijkenis – we vergeten nooit dat we Malkovich zien – maar in dramatisch minimalisme. Eigenlijk speelt Malkovich geen personages, maar levert hij de contouren, die worden ingevuld door de kijker. Zo’n minimalistische opvatting vereist veel techniek, want er moet een maximaal effect worden bereikt met een minimum aan expressie. Malkovich beheerst dit perfect, maar soms lijkt zijn minimalisme uit gemakzucht voort te komen. In zulke gevallen zien we een futloos personage, zoals Charles II in The libertine.
Neuroses
Als Malkovich zijn gemakzucht onder de duim houdt, is hij een geweldig acteur. Ook buiten zijn rollen trekt hij de aandacht. De medeoprichter van de legendarisch Steppenwolf Theatre Company in Chicago laat zich graag voorstaan op goede smaak. De altijd onberispelijk geklede acteur is een obsessieve estheticus met ultra-beschaafde omgangsvormen. Toen een auto hem van de sokken reed, achtervolgde hij de chauffeur niet om hem de huid vol te schelden, maar om excuses aan te bieden. Sorry dat hij in de weg liep. Zoveel beschaving wijst op neuroses en onderdrukte agressie. Dat hij een kleermakersatelier kort en klein sloeg omdat zijn overhemden nog niet klaar waren, lijkt het te bevestigen. Bezweert Malkovich zijn demonen door in de rol van estheticus en ultra-beschaafde persoonlijkheid te vluchten?
Zeker is dat de in een mijnstadje in Illinois geboren Malkovich een gecompliceerde persoonlijkheid is. Nadat een korte liefdesaffaire met tegenspeelster Michelle Pfeiffer zijn huwelijk had opgeblazen, ging de acteur na Dangerous liaisons jaren in psychoanalyse. Zijn ex-vrouw noemde hem ‘de wortel van alle kwaad’, wat een aantijging is die zelfs bij een echtscheiding niet vaak te horen zal zijn. Later hertrouwde hij met Nicoletta Peyran, die regieassistente bij Bertolucci was. Malkovich’ goede smaak zorgt voor een ambivalente houding tegenover Hollywood. In een interview merkte hij op nooit naar films te gaan, omdat ze "afgrijselijk oppervlakkig" zijn. De filmindustrie ziet hij als een omvallende dode boom, die op de grond alles plat slaat. Ook het publiek heeft hij niet hoog zitten, want het consumeert gretig "het slechtste dat films te bieden hebben". Hoe geloofwaardig klinkt de kritiek uit de mond van een acteur die in de flutfilm The man in the iron mask speelde? Wil Malkovich van alle walletjes eten? Vult hij de portemonnee in Hollywood en doet hij artistiek prestige op met rollen in Europese artfilms (O convento, Le temps retrouvé)? En hoe serieus moeten we hem als regisseur nemen? Blijft het bij The dancer upstairs, waarmee hij in 2002 zijn speelfilmregiedebuut maakte?
Wil de echte Malkovich opstaan. Of is er geen echte?
Jos van der Burg