Op ooghoogte #46

Jonathan Demme

Jonathan Demme op de set van The Silence of the Lambs

Mark Cousins (The Story of Film, I Am Belfast, Atomic) schrijft voor de Filmkrant over film- en beeldassociaties. Deze maand over de close-up van de onlangs overleden regisseur Jonathan Demme.

Als we aan filmregisseurs denken, dan is het eerste beeld nog steeds dat van de in een megafoon schreeuwende tiran. En we zijn ook bekend met het idee van de regisseur als sadist — denk maar aan Rainer Werner Fassbinder die zijn acteurs het leven zuur maakte, of Alfred Hitchcock die Tippi Hedren vernederde.
Maar hoe zit het eigenlijk met regisseurs die hun doel bereiken met omgekeerde middelen? Een van de aardigste van hen is zojuist gestorven. Jonathan Demme is het bekendst van zijn briljante, brute, sommigen zouden zeggen homofobe horrorthriller The Silence of the Lambs, maar op de set en in zijn privéleven was hij het tegenovergestelde van bruut. Zijn aanpak was die van een begeleider of broer. Net zoals bijvoorbeeld Jane Campion en Steven Spielberg wilde Demme dat het veilig was op de set, en dat zijn acteurs het gevoel hadden dat ze gesteund werden, zodat ze risico’s konden nemen zonder veroordeeld te worden. In Swimming to Cambodia voel je het respect dat hij had voor zijn solohoofdrolspeler Spalding Gray, en in Stop Making Sense is de liefde merkbaar voor Talking Heads-voorman David Byrne.
Ik leerde hem kennen ten tijde van de Toni Morrison-verfilming Beloved, met Oprah Winfrey in de hoofdrol. De recensies van de film waren zo-zo, maar ik vond het een van zijn beste. De titel maakt duidelijk dat het allemaal om liefde draait, en de film, net zoals Morrisons uitmuntende roman, is gothic in z’n intensiteit.
Demme was geliefd bij zijn collega’s (en mijzelf), maar hier had je liefde in extremis, in overvloed, een liefde die zelfs tegen de achtergrond van slavernij en lynchpartijen niet te stoppen was.
Je zou zelfs kunnen beweren dat zijn karakteristieke manier van filmen het gevolg was van zijn warme persoonlijkheid. In elke film die Demme maakte werkte hij toe naar een van zijn karakteristieke frontale close-ups van zijn acteurs, het meest bekend is natuurlijk de direct-in-de-lens-confrontaties tussen Jodie Foster en Anthony Hopkins in The Silence of the Lambs. Hij zet de toeschouwer in de schoenen van zijn hoofdfiguren, een techniek die veel acteurs gebruiken als ze willen dat we empathie voor een personage voelen. Maar in veel van Demme’s films is het meer dan dat. De point-of-view close-up voelt als datgene waar de film naartoe leidt, z’n bestemming, om het maar zo te zeggen.
Deze blikwisseling, tussen toeschouwer en personage, was een vorm van solidariteit die Demme in overvloed had. We kunnen hem niet meer zelf in de ogen kijken, maar we kunnen het nog wel leren van zijn prachtige films en zijn intense morele doorleefdheid en fatsoen.

Mark Cousins | @markcousinsfilm

Geschreven door Mark Cousins