Boeken: Porno in Hollywood

Mannen hebben het zwaar

Conquest

Pornografie is alom aanwezig. Iedereen schijnt er naar te kijken en zelfs het preutse Hollywood speelt in op de fascinatie met films als The People vs Larry Flynt en Boogie Nights. Maar wie zijn de echte pornografen, waarom doen ze het, en hoe komen ze er mee weg? Harris from Paris trok zijn regenjas aan en betrad met klamme handen de wondere wereld van Buttman, siliconenborsten en zeshonderd miljoen verhuurde tapes per jaar.

“De schrijver wil graag zijn familie en vrienden bedanken voor hun steun bij het schrijven van dit boek zonder te vragen waar het over ging”, schrijft Harris Gaffin voorin zijn boek Hollywood Blue: The Tinseltown Pornographers. Wat had hij ze ook moeten antwoorden? “Ik bezoek prostituées, strippers en pornosterren, maar alleen om ze te interviewen.” Dat is toch een beetje als de bekende scène uit Bananas waarin Woody Allen een seksblaadje koopt met het excuus dat hij een sociologisch onderzoek uitvoert.

Gaffin, als Harris from Paris verslaggever voor ondermeer Paris Match en Stern, is wel eerlijk over zijn drijfveren. Hij geeft toe nooit volwassen te zijn geworden en zijn puberale fantasieën over de wereld der pornografen nog steeds te koesteren. “The porno people are my noble savages, those who enjoy sex without shame. Who are these people? Do they really exist? Are they dangerous?” Gaffin krijgt antwoord op al zijn vragen, en leert gaandeweg dat de realiteit aanmerkelijk minder romantisch is.

Wurgcontracten
Pornografie is in Californië sinds enkele jaren uit het wetboek van strafrecht verdwenen, waardoor de seksindustrie zich in sneltreinvaart kon ontwikkelen. Wel dient porno ‘non-obscene‘ te zijn, zodat het aanbod uniform en kuis is in vergelijking met de wilde jaren zeventig. "Dull as dishwater", kenschetst een insider het huidige aanbod.

Dat het een volwaardige filmindustie is leidt geen twijfel. Er zijn studio’s, moguls, sterren en starlets. Variety heet er AVN, een vakblad dat elk jaar tijdens een gala-avond onderscheidingen uitdeelt voor de beste prestaties ("And the award for best spanking goes to…").

En er zijn de films. Zo’n drieduizend per jaar, dat is al gauw acht keer de Hollywood-jaarproductie. Die films worden zeshonderd miljoen keer per jaar verhuurd, want we hebben het natuurlijk wel over video. Niet zo vreemd dat er jaloers wordt gekeken naar een bedrijfstak waar voor 50 duizend dollar een kant en klaar product kan worden afgeleverd dat gegarandeerd uit de kosten komt. De keerzijde is dat het haast feodale systeem van wurgcontracten, lage lonen en moordende concurrentie het talent razendsnel opbrandt. Een topactrice mag dan vijfduizend dollar per week verdienen, ze zou veertig jaar non stop moeten werken om het bedrag bijeen te krijgen dat Demi Moore ontving voor haar topless optreden in Striptease.

Hoewel gelegaliseerd, is de porno-industrie tamelijk gesloten. De inwoners van Los Angeles’ keurige San Fernando Valley waren geschokt toen ze via de televisie moesten vernemen dat hun woonwijk de pornografie-hoofdstad van de wereld was. Harris heeft een ingang en slaagt er binnen enkele maanden in om de meeste hoofdrolspelers te ontmoeten. Hij spreekt de sterren, met namen als Steven St Croix, Mona DeMoan en Shayla Foxxx, de regisseurs, labeleigenaren en distributeurs.
Ook setbezoek blijkt na enig aandringen mogelijk, zodat Gaffin op een koude nacht in een steeg in downtown LA getuige mag zijn van een geënsceneerde gangbang tussen agenten en een hoertje, terwijl de echte LAPD met helicopters en zoeklichten boven hun hoofden rondcirckelt. Met een zakelijke, droogkomische stijl maakt Gaffin ons deelgenoot van zijn verbazing. Wie kent bijvoorbeeld het bestaan van de fluff, een dame die niks anders doet dan de heren op de set ‘hard’ houden tussen opnamen in. Of wat te denken van de FOXE-conventie (Friends Of X Entertainment), een beurs waar leden van de regenjassenbrigade de sterren kunnen ontmoeten. Hier wordt jaarlijks de Fan of the Year uitgekozen. Wat je moet doen om die titel te bemachtigen, ik wil het niet eens weten.

Gebrek aan zelfvertrouwen
Na tweehonderd pagina’s blijken de meeste clichés over de seksindustrie op waarheid te berusten. Mannen ‘doen’ het voor de seks, vrouwen voor de aandacht. Er kan flink verdiend worden, maar dit wordt doorgaans meteen uitgegeven. Niemand kan acteren, maar optreden blijft een vak. Mannen hebben het zwaar en verdienen het minst. Vrouwen mogen de onbetwiste sterren zijn, de meeste worden ‘gecoached’ door hun vriend, en negentig procent heeft een bijbaantje als stripper of prostituée. De glamour daargelaten is het een treurig stemmende werkplek. Een pornoster die regisseur is geworden somt het aardig op: "You’re performing an act of intimacy without the intimacy."

Een andere regisseur: "De industrie is gebouwd op gebrek aan zelfvertrouwen. Deze mensen denken dat ze het niet als gewone acteur, filmmaker of model zullen redden. Ze kiezen de eenvoudigste weg om toch bekend te worden. Wie zegt voor geld in porno te gaan liegt."

Zelfs Bill Mangold, Amerika’s meest publieke pleitbezorger van de seksindustrie kan het niet mooier maken dan het is: "Porno trekt geen gelukkige mensen aan. Je krijgt hier dagelijks te maken met andermans ellende, en de mensen verscheuren elkaar. Anybody that came into this business with a screw loose is going to have a bolt missing when they leave."


Hollywood Blue: The Tinseltown Pornographers, Harris Gaffin | Uitgeverij Batsford Film Books, Londen, 1997 | 208 pagina’s | f 58,60