Boeken: De nieuwe regisseurs

Armoedig, liefdeloos interviewboek

  • Datum 01-11-2012
  • Auteur
  • Deel dit artikel

Nick

Filmmaker Paul Ruven en journalist Robbert Vos interviewden vijftien nieuwe regisseurs: een slordige verzameling anekdotes.

Opeens lijkt het goed te gaan met Nederlandse filmboeken, met binnen korte tijd de publicatie van maar liefst drie nieuwe boeken. Volgens Verhoeven, de door Rob van Scheers opgetekende beschouwingen van Paul Verhoeven over filmklassiekers, is al in de vorige Filmkrant besproken. Deze maand is het tijd voor weer twee interviewboeken, blijkbaar het enige journalistieke genre waar nog een markt voor is: Hans Heesen sprak uitgebreid met cineast George Sluizer en filmmaker Paul Ruven en journalist/filmmaker Robbert Vos interviewden vijftien ‘nieuwe Nederlandse regisseurs’, onder wie niet zo ‘nieuwe’ makers als Urszula Antoniak, Nanouk Leopold, David Verbeek, Eugenie Jansen, Fow Pyng Hu, Hanro Smitsman, Esther Rots en Mark de Cloe. Wel relatief nieuw: Arne Toonen, Sacha Polak en Bobby Boermans.

Formulewerk
De nieuwe regisseurs is een tamelijk armoedig boekje. De vormgeving is niet mooi, het lettertype niet echt prettig, foto’s van de geïnterviewden ontbreken. Erger nog is dat er geen enkele filmografie in staat. Bij het eenregelige introotje dat als hoofdstukmarkering dient, staat steeds slechts één titel vermeldt. Er is geen verantwoording wie welke interviews deed en of de gesprekken ’tête à tête’ of per e-mail waren. Dat laatste lijkt soms het geval. Ruven en/of Vos stuurden zo te zien iedereen dezelfde vragen en haalden die vragen vervolgens weg. De interviews verlopen daardoor volgens een strak stramien — typisch Ruven zou je bijna zeggen. Na in Het geheim van Hollywood ‘de gouden succesformule’ voor het schrijven van succesvolle scenario’s te hebben ontdekt, past hij nu ook hier zijn geliefde formulewerk toe. Door iedereen dezelfde vragen te stellen en de antwoorden in een vaststaande structuur onder te brengen ontbreekt variatie. Bovendien wordt er niet ingegaan op de individuele antwoorden terwijl die daar soms wel om vragen — wat de indruk versterkt dat alles per e-mail is gedaan.

Anglicismen
Net als in Heesens interviews met Sluizer staat de anekdote voorop. Dat er af en toe iets inzichtelijks of informatiefs over het vak wordt gezegd lijkt meer een verdienste van de regisseurs dan van de interviewers.
Niet alleen is er bezuinigd op vormgeving en redactie, ook aan eindredactie moest het kennelijk ontberen. In zijn inleiding heeft Ruven het over Eddy Murphy waar het Eddie had moeten zijn. Op zo’n foutje wijzen is natuurlijk pedant gezever, maar het typeert wel de slordigheid van het boek. Er wordt gerept over karakters in plaats van personages, een anglicisme, de antwoorden zitten vol herhalingen maar nog ergerlijker is het weglaten van filmtitels. Wie bijvoorbeeld niet paraat heeft dat Fow Pyng Hu het over zijn film Nick heeft als hij zegt "Ik vind het heel spannend, dat je kunt falen. Mijn vorige project was daarom een heel moeilijke film", of dat de eindexamenfilm van Danyael Sugawara The Quiet One heet is bij dit boek aan het verkeerde adres. Dit gebrek aan kwaliteitsbewaking typeert het boek dat al met al een in elkaar geflanste indruk achterlaat. Heel hip staan er dan wel weer QR-codes in het boek die verwijzen naar filmtips van de geïnterviewden.

André Waardenburg

De nieuwe regisseurs | Paul Ruven en Robbert Vos | 2012, Stone Hollywood Publishers, Amsterdam | 160 pagina’s | €19,50

Geschreven door