Marie Heurtin (Jean-Pierre Améris en Ariana Rivoire over)
Met een zakmes de doofblinde wereld binnen
De wereld van de doofblinde, onhandelbare Marie opent zich dankzij gebarentaal in Marie Heurtin, winnaar van de Variety Piazza Grande Award in Locarno. Regisseur Jean-Pierre Améris vond lichte, burleske toetsen in het drama.
Door Omar Larabi
In Marie Heurtin speelt debutante Ariana Rivoire de 14-jarige doofblinde Marie, die in een negentiende-eeuws Frans klooster verblijft dat dienst doet als doveninstituut. Daar is ze terechtgekomen omdat ze thuis onhandelbaar is. Met haar ouders communiceert ze bijna niet. Die hopen dat de non Marguerite hun dochter kan leren om zich uit te drukken. Een flinke opgave voor Marguerite, die wel bekend is met gebarentaal, maar niet met doofblinde gebarentaal.
Actrice Ariana Rivoire staat vergezeld door twee doventolken bij de deuropening van een suite in een Brussels hotel, in afwachting van het interview. Ze kanonneert het ene na het andere gebaar, waardoor de doventolken hun snelheid flink moeten opschroeven. Rivoire heeft een ondeugende blik op haar gezicht, maar ze heeft ook iets van een verlegen schoolmeisje. Al snel blijkt hoeveel moeite ze voor haar rol heeft gedaan. Want hoewel Rivoire doof is, is ze zeker niet blind.
In de film zien we hoe zuster Marguerite een blinddoek gebruikt om zich voor te stellen hoe het is om doofblind te zijn. Rivoire vertelt dat haar voorbereiding er anders uit zag. "Aanvankelijk had ik ook het idee om een blinddoek te dragen. Dat heb ik even geprobeerd, maar het was niet te doen, alles werd wazig. Daarna kwam de tolk Sandrine, zij heeft me veel geleerd over hoe doofblinden op een andere manier hun evenwicht bewaren. Het was heel moeilijk en tijdrovend, en ik moest streng voor mezelf zijn. Op den duur werd ik een machine. Ik had het juiste evenwicht, ik wist hoe ik me moest gedragen. Als je doofblind bent, dan zit er geen expressie in je ogen. Maar ik kon me wel goed inleven in de rol. Want Marie is net als ik een persoon met temperament. Ik kan ook heel boos of geëmotioneerd raken."
Rivoire ging op de set de samenwerking aan met actrice Isabelle Carré (Se souvenir des belle choses). Ze legt uit hoe regisseur Jean-Pierre Améris de actrices voorbereidde op de fysieke scènes. "Jean-Pierre vertelde hoe hij de scène voor zich zag qua beweging en mimiek. Daarna bespraken Isabelle en ik hoe we op elkaar zouden reageren. Jean-Pierre heeft voordat we begonnen te draaien gezorgd dat er genoeg tijd was om alle handelingen te onthouden."
Koddig
In de bibliotheek van het hotel zit regisseur Jean-Pierre Améris (Les émotifs anonymes). Hij kan niet genoeg benadrukken hoe het verhaal rondom Marie Heurtin in de vergetelheid is geraakt. "Ik heb zeven jaar onderzoek gedaan voor deze film. Het kostte me twee jaar om Ariana te vinden, nadat ik drie jaar intensief met doofblinden had samengewerkt. Marie Heurtin gaat over onze drang naar communicatie, wat vaker het onderwerp is van mijn films. Het gaat erom hoe je als doofblinde verlicht wordt als je leert communiceren. Het leven wordt waardevoller en complexer. Kijk maar naar de hoofdpersoon in L’enfant sauvage van Francois Truffaut."
Marie Heurtin speelt zich af in de periode dat het burleske opkwam in de stille film. Améris beschrijft hoe humoristische scènes doen denken aan de vooravond van die periode. "Ik combineer conventies als klarinetmuziek met het koddige gedrag van doofblinden. Ik ken doofblinde gemeenschappen en ik weet wat voor sfeer zich daar ontwikkelt. Je krijgt hele gekke situaties omdat de communicatie fysiek is."
Exorcisme
Ook de dramatische kant van de film roept associaties op, bijvoorbeeld met het exorcisme in de katholieke kerk. Marguerite moet Marie regelmatig kalmeren door op haar te gaan liggen. Améris: "Ik hou van The Exorcist, maar in Marie Heurtin is het meer een metafoor voor de puber die een exorcisme doorstaat om geholpen te worden. Haar interne woede wordt daardoor monsterlijk."
Hij zegt altijd naar perfectie te streven, iets wat aanstekelijk werkt op z’n cast. Hij vertelt over de gedrevenheid van Isabelle Carré. "Ze heeft vijf maanden les gehad in gebarentaal. Ze vond het een positieve ervaring om met haar eigen lichaam te kunnen communiceren." Améris is ook enthousiast over de samenwerking met coscenarist Philippe Blasband. "Ik werk met Philippe samen om te voorkomen dat het verhaal in herhaling vervalt. Blasband helpt mij om het luchtig en verteerbaar te houden. Ik ben ingetogener dan Philippe. De grappige elementen komen van hem."
Ze baseerden zich ook op historische feiten die enigszins gedramatiseerd konden worden. Zoals het zakmes waar Marie continu mee speelt en waarmee ze de gebarentaal leert. "Het zakmes is vergelijkbaar met een teddybeer. Het is een element waarmee je de doofblinde wereld binnen kunt gaan. Het object, het zakmes, is de gemene deler. De ironie is dat het tegelijkertijd ook een gevaarlijk object is. Het gebaar voor snijden is immers het eerste gebaar dat Marie zich toe-eigent."