L’engloutie
De geest van vooruitgang tuimelt
L’engloutie
Hoog in de winterse bergen ontspint zich dit zintuiglijke folk mystery, dat in het mysterie een raadsel verborgen houdt.
Die paar uur dat de zon er boven de bergkam uitkomt, worden gekoesterd in het gehucht in de Hautes-Alpes waar een piepjonge onderwijzer hartje winter arriveert. Op een warme zwerfkei liggen twee jonge mannen languit de zonnestralen op te drinken. Niet veel later kleuren de besneeuwde hellingen alweer blauw, in aanloop naar de volgende lange, koude winternacht.
Een groot deel van L’engloutie speelt zich af in het (half)duister, slechts plaatselijk verlicht door de gloed van een haardvuur of olielamp. Juf Aimée Lazare heeft de missie om ook zelf verlichting te brengen in deze uithoek van de Republiek, een analfabete gemeenschap waar haar Frans in feite een buitenlandse taal is. Zelfs de koeien loeien er in het Occitaans.
We schrijven 1899: een nieuwe eeuw staat op het punt van aanbreken en de wereld waar Aimée vandaan komt, gloeit van vooruitgangsoptimisme. Maar hoog in de besneeuwde bergen geven haar kennis en overtuigingen haar weinig vaste grond onder de voeten.
Tegenover de fysieke zelfverzekerdheid van die zonnebadende jongens staat Aimée’s onhandige gestuntel in de sneeuw. Aan haar terugkerende valpartijen komt pas een einde nadat een dorpsgenoot zwijgend haar voeten beetpakt en haar schoenzolen met nagels beslaat. Zoals je doet met een paard.
Dode verhalen
Er komt wel meer ten val hoog op deze berg, waarvan in het winterseizoen de meeste vrouwen wegtrekken om als meid te werken bij de burgerij in het lagergelegen dorp, en waar voor jonge mannen altijd de droom lonkt van een overzees bestaan. Tijdens een schrijfles sneuvelt Aimée’s buste van Marianne, dat symbool van de natie en de waarden van de Verlichting. Niet veel later wordt zij ervan beschuldigd de volksverhalen die de dorpelingen elkaar op donkere avonden vertellen, dood te maken door ze in haar schriftje ‘op te sluiten’.
Het zijn subtiele hints dat de volksverheffing die juf Lazare voor ogen staat misschien niet zo’n eenduidig ideaal is. En een ontmoeting van culturen geen eenrichtingsverkeer. Want met al die verse indrukken rijpen in Aimée nieuwe verlangens en sensaties, waarvan de kracht buiten haar controle lijkt te liggen.
Theater- en filmmaker Louise Hémon maakte tot nu toe vooral experimentele films op het snijvlak van fictie, performance en documentaire. L’engloutie is haar speelfilmdebuut, waarin iets van die hybride praktijk doorschemert. De schaarse belichting van interieurscènes scherpt het oor en geeft andere zintuigen volop de ruimte om te hallucineren: de warme koeienlijven in de hut die Aimée krijgt toegewezen kun je nauwelijks zien maar des te beter horen, en ruiken, en voelen. Dat zintuiglijke maakt L’engloutie (‘zij die meegesleurd/verzwolgen wordt’) tot een kijkervaring waardoor je je ook zelf kunt laten opslokken. Wilt laten opslokken.
In haar rijke, wonderschone en daarbij bijzonder geestige film roept Hémon een wereld op aan de rand van de beschaving: mysterieus, bevreemdend, sensueel. De betoverende score van Émile Sornin, die zang vermengt met traditionele akoestische en vroege elektronische instrumenten, speelt een belangrijke rol in het oproepen van die wereld. Van de stemmen die in de beginscène als ijspegels tussen de bergwanden galmen tot een sleutelscène op oudejaarsavond, waarin een draailier, een viool en wat percussie een trance oproepen met de allure van hedendaagse techno.
Mystieke band
Rond die oudejaarsavond neemt de film een intrigerende wending. Wat tot dat moment nog een historisch drama leek, verandert in iets ongerijmders: er groeit een mystieke band tussen Aimée en de bergen, ook al is zij zich daar niet van bewust.
In L’engloutie straalt ieder personage – de door Galatea Bellugi vertolkte Aimée voorop – de onschuld uit van een kind. Wat weer past bij het gevoel dat de film zelf een soort volksverhaal vertelt; iets waar het klassieke, bijna vierkante beeldformaat ook aan bijdraagt. Deze film is folkhorror zonder de horror. Of eerder een folk mystery, dat zijn mysterie intact laat. Als een levend verhaal dat keer op keer verteld kan worden, omdat het een eeuwig raadsel bevat: hoe te ontsnappen aan een ingesleten narratief.