Ook voor film en media geldt: links is beter
Het woord ‘film’ komt in niet een verkiezingsprogramma voor. Toch maakt een stem op links of rechts wel degelijk verschil voor het Nederlandse medialandschap en filmklimaat. Ruwweg komt het neer op het volgende: rechts wil korten op omroepen en het kunstbudget, links wil de schade van zes jaar bezuinigingen herstellen.
Eén partij is heel duidelijk: de PVV. De partij van Wilders gooit in haar één pagina tellende partijprogramma kunst en omroepen op één hoop met ‘ontwikkelingshulp, windmolens, innovatie, enz’ en stelt resoluut dat daar geen cent belastinggeld meer heen mag. De standpunten in de rest van het politieke veld zijn genuanceerder maar niet altijd even transparant. Die vergen een sessie begrijpend lezen van verkiezingsprogramma’s en de doorrekeningen van het Centraal Plan Bureau.
Zo komt uit de cijfers van dat CPB naar voren dat de VVD een niet misselijke €300 miljoen wil besparen op de omroepen. Dat staat niet expliciet genoemd in het verkiezingsprogramma maar betekent vrijwel zeker het einde van het derde net. Die halvering van het budget zal geen stimulans zijn voor het opdrachtenbeleid van de omroepen. Vooral Nederlandse documentairemakers zijn in hoge mate afhankelijk van omroepsteun en zullen hieronder lijden.
De PvdA is de enige partij die in haar verkiezingsprogramma een concreet bedrag noemt dat ze juist wil investeren in de omroepen. Het gaat om €100 miljoen. Dat geld moet onder andere worden aangewend voor het opzetten van een fonds voor nieuw talent. Ook andere linkse partijen en middenpartij D66 zeggen het huidige omroepbestel te willen behouden, maar spreken zich niet uit voor het verhogen van het budget.
In de paragrafen over kunst en cultuur overheerst dezelfde teneur. Ook hier zegt de PvdA €100 miljoen extra te willen uittrekken. Bij D66 komt eenzelfde bedrag uit de bus na doorrekening van het CPB. Partij voor de Dieren, SP en GroenLinks stellen allemaal dat ze de begroting willen opkrikken, maar zeggen niet met hoeveel. Na zes jaar draconische bezuinigingen onder leiding van VVD-kopstuk Halbe Zijlstra vinden zij het tijd voor reparaties. De sector moet worden versterkt en de posities van makers verbeterd. Daarbij pleiten vrijwel alle partijen voor modernisering van de auteursrechten.
Ter rechterzijde wordt vastgehouden aan de nullijn. Althans, zo lijkt het bij lezing van de verkiezingsprogramma’s. Uit de doorrekeningen van het CPB blijken VVD en ChristenUnie het kunstvakonderwijs met €100 miljoen te willen korten. De SGP en het CDA hebben bovendien heel specifieke ideeën over de besteding van het cultuurgeld. Buma en consorten willen regionale spreiding en geld voor erfgoed, wat een eufemisme is voor amateurkunst en monumenten. De mannenbroeders laten de kunst het liefst over aan de markt en stoppen het overheidsgeld in het onderhoud van kerken.
Edo Dijksterhuis